Athenaeum Boekhandel
Elke nacht verdieping: voorpublicaties, interviews, beschouwingen en boeken bestellen

Vandaag in de Nacht RSS



Bookmark and Share

Googles Grote Witte Hoop: krijgen toekomstige generaties een universele bibliotheek?

door Merlijn Olnon

Op 7 oktober zou het districtsgerechtshof van zuidelijk New York uitspraak doen in de Google Books Search-settlement, de inmiddels veelbesproken copyrightschikking die Google sloot met de verenigde schrijvers en uitgevers van Amerika. Die uitspraak werd 24 september jl. echter tot nader order uitgesteld en omgezet in een herevaluatie. De reden? Na enig schoorvoeten schaarde de regering Obama zich uiteindelijk vierkant achter de bezwaren van de verenigde bibliotheken van Amerika. Eerst bij monde van de United States Register of Copyrights (lees hier de tekst van de getuigenis voor het House Judiciary Committee en vervolgens in een formeel advies van het Department of Justice aan het gerechtshof hier te lezen).

Toegegeven, het verzoek van de verenigde Amerikaanse bibliotheken aan het hof om een permanente toezichthouder in te stellen die kan toezien op de uitvoering van de schikking is niet het meest toegankelijke of tot de verbeelding sprekende onderwerp. De motivatie heeft in de media dan ook aanzienlijk minder aandacht gekregen dan de bezwaren uit het boekenvak. En toch verdienen juist ook de - meer op de lange termijn gerichte - bezwaren van de bibliotheken de diepste belangstelling van iedereen die betrokken is bij de overdracht van kennis en cultuur door boeken. En zijn we dat als schrijvers, leveranciers, verkopers en lezers in wezen niet allemaal?

De vraag waarover het hof zich buigt

In de kern is de vraag de volgende: is het wenselijk dat Google Books en de uitgeverswereld onder elkaar proberen het copyright te beschermen door middel van een schikking die niet alleen de legale toegang tot beschermde (recentere) teksten zal beperken, maar die in potentie ook de toegang van toekomstige generaties tot de gehele collectie drastisch kan inperken - dus met inbegrip van de copyrightvrije (historische) teksten die de bibliothecaire partners van Google Books zo enthousiast ter beschikking hebben gesteld.

In hun memorandum voeren de verenigde bibliotheken het volgende aan:

[...] de digitale bibliotheek waarin de schikking voorziet zal beheerd worden door Google en het Book Rights Registry. Bovendien impliceren de kosten van het opzetten van zo’n bibliotheek en de aanzienlijke voorsprong van Google dat geen andere entiteit in de nabije toekomst in staat zal zijn een concurrerende digitale bibliotheek op te zetten.
De schikking zal om die reden waarschijnlijk van aanzienlijke en blijvende invloed zijn voor bibliotheken en het publiek, inclusief auteurs en uitgevers. Echter, bij afwezigheid van concurrentie voor de diensten die de schikking mogelijk maakt, zal deze invloed niet louter positief kunnen blijken te zijn.

Zij sommen de daaruit voortkomende bezwaren daarna op onder de volgende koppen:

- De schikking creëert een essentiële dienst onder geconcentreerd beheer
- De schikking zou de toegang tot de ISD (Institutional Subscription Database) kunnen beperken
- De schikking zal de ongelijkheid tussen bibliotheken vergroten
- De schikking beschermt de privacy van gebruikers niet
- De schikking zou de intellectuele vrijheid kunnen inperken
- De schikking zou de ontwikkeling van innovatieve diensten kunnen belemmeren

In gewone-mensentaal

Kort gezegd creëert de schikking zoals die nu is getroffen de voorwaarden voor een monopolie op vrije (online) toegang tot de verzamelde kennis van de wereld.

Hoewel dit niet de oorspronkelijke bedoeling van de schikking zal zijn geweest (en hoezeer Google het koesteren van zulke despotische neigingen ook mag ontkennen, er bestaat vooralsnog geen enkele garantie dat het bedrijf de verleiding zal weten te weerstaan om de aanzienlijke uitgaven die het voor de dienst heeft gemaakt door stijgende abonnementskosten terug te verdienen van institutionele gebruikers. Als dat gebeurt zullen bibliotheken (en met hen uiteindelijk ook hun bezoekers) toegang verkrijgen tegen toenemende kosten, terwijl de kans dat een vrij toegankelijke concurrent (zoals Europeana) opkomt en het monopolie van Google doorbreekt vrijwel nihil wordt.

Googles voorsprong en expertise daargelaten zal de opkomst van concurrerende diensten nog extra moeilijk worden omdat bibliotheken over de hele wereld Google exclusieve licenties hebben verleend voor de digitale kopieën van hun copyrightvrije werken, en omdat de rechten tot het merendeel van de digitale copyrightgebonden titels exclusief zal zijn vergund aan Google. En wat als Google Books ooit wordt overgenomen door een minder verlicht despoot?

Copyright versus Commons versus Kennis

Met de schikking is Google Books oorspronkelijke belofte van een universele bibliotheek (een "Commons of Letters”) voor toekomstige generaties verruild voor het kortere-termijnbelang dat copyright is. De indruk bestaat dat nu Google met beloften van onbeperkte verspreiding de hand heeft weten te leggen op de collecties van de grootste bibliotheken, het nu langzaam maar zeker zijn aandacht verlegt naar de commercialisering van de daarmee opgezette online boekendienst.

De geïntensiveerde commercialisering van Google Books is om meerdere redenen zorgelijk, en deze zijn lang niet allemaal door de uitgeverswereld en de bibliotheken aangekaart. Want achter de onmiddellijke vraag van toegang (beperkt of open, copyright of commons?) schuilen diepere die raken aan Googles houding ten opzichte van kennis. Die is, zacht gezegd, zowel hoogst selectief als schokkend postmodern en komt met name tot uiting in het ontbreken van vrijwel elke bibliografische en institutionele aanduiding.

Het probleem met Google

De meeste tekortkomingen en valkuilen waar een serieus gebruiker van de online "bibliotheek" tegenaan zal lopen zijn een logisch gevolg van Googles obsessie met het verzamelen van ruwe data, het creëren van metadata, en het laten draaien van algoritmes. Die bezwaren vallen samen te vatten onder drie stellingen:

Alle bits zijn gelijk. Google ziet geen noodzaak tot het aanbrengen van een kwalitatieve hiërarchische ordening van informatie op basis van menselijke ervaring.

Data is gewichtloos. Het is de data die ertoe doet, niet de context, dus het maakt weinig uit of een tekst correct geïdentificeerd kan worden en of zijn fysieke en temporele verhouding tot andere teksten kan worden vastgesteld.

Massa heeft halfrond. Met de race om zoveel mogelijk essentiële data te verzamelen in een zo kort mogelijke tijd hoopt Google eventuele concurrentie in de kiem te smoren. En “essentieel” betekent dan natuurlijk zoveel als “uit Googles westerse thuismarkt”. Niet-westerse talen en de kennis die er in wordt geproduceerd moeten achter aansluiten en maar hopen dat ze (snel) aan de beurt komen. Het spreekt voor zich dat naarmate de dominantie van Google toeneemt zonder dat het zulke niet-westerse of minder voor de hand liggende kennis opneemt, zulke kennis daarmee ook vanzelf minder relevant zal worden en de westerse kijk op “anderen” navenant kortzichtiger.

Na de uitspraak

Als juridisch of overheidsingrijpen leidt tot het gehoopte permanente toezicht op een vernieuwde schikking, is daarmee een noodrem geïnstalleerd op de commercialisering van Google Books. Deze zal de hierboven aangevoerde bezwaren bij lange na niet uit de wereld helpen, maar zal het wel waarschijnlijker maken dat het bedrijf gevoelig voor ze zal blijven; eenvoudig omdat het gedwongen zal zijn net zo goed te luisteren naar de publieke opinie als naar zijn private en publieke partners.

Maar als Google en de uitgeverswereld uiteindelijk toch aan hun eigenbelang worden overgelaten zullen de hierboven genoemde tekortkomingen en valkuilen van de dienst zienderogen verergeren en verdiepen. De kans is dan levensgroot dat we opgezadeld worden met een monopolist. Nog afgezien van de belemmeringen die commercialisering oplevert voor algemeen gebruik, zal de dienst dan ook geen serieus gebruik meer kunnen dienen. Instituten en bibliotheken zullen er nog maar weinig invloed op kunnen uitoefenen maar er ondertussen wel met handen en voeten aan gebonden blijven, en dat op eigen kosten.

Het zou dan ook niet verbazen als een groeiend aantal bibliotheken en archieven zich genoodzaakt zou voelen het partnerschap met Google Books op te zeggen en een eigen alternatief te ontwikkelen (zoals Googles meest enthousiaste partnerbibliotheek Harvard onlangs al besloot). Zulke alternatieven hebben per definitie echter minder fondsen en minder titels. Zij worden immers expliciet als niet-commerciële publieke diensten opgezet en zullen het moeten stellen zonder een aanzienlijk aantal Europese en Amerikaanse meesterwerken die al door Google zijn verwerkt en waarvan dat bedrijf om die reden de exclusieve digitale licentiehouder is.

Laat ons daarom hopen dat het overleg van 7 okotober voldoende nota neemt van de zorgen van de bibliotheken en dat de droom van een werkelijk universele bibliotheek daarmee geen vroegtijdige dood zal sterven. Want wat de huidige tekortkomingen ook mogen zijn, Google Books is vooralsnog de beste en misschien wel laatste kans op een universele bibliotheek.

Merlijn Olnon is wetenschappelijk boekverkoper Geschiedenis, Politiek en Midden-Oosten bij Athenaeum Boekhandel. Hij promoveert binnenkort aan de Universiteit Leiden op een proefschrift over de betrekkingen tussen Europa en het Midden-Oosten.

Verder lezen?

Bestel Anthony Grafton, Codex in Crisis. € 19,95
Bestel Peter Linebaugh, The Magna Carta Manifesto: Liberties and Commons for All. € 16,50
Bestel James Boyle, Public Domain: Enclosing the Commons of the Mind. € 24,95



Korting op alle 518 delen Loeb Classical Library: Griekse en Latijnse klassiekers van € 21,95 voor € 18,95.

Boek van de Nacht

What Would Google Do?
Jeff Jarvis
Harpercollins uk hb
€ 21,95

In samenwerking met