De eerste zin van Eleanor Dickey's In een Romeins klaslokaal, vertaald door Arian Verheij

13 juni 2017
| | | | | |

Samen met Vincent Hunink (voor de Latijnse passages) vertaalde Arian Verheij Eleanor Dickey's In een Romeins klaslokaal. Een schoolboek uit de eerste eeuw. Wij vroegen hem zijn vertaling toe te lichten.

The ancient Colloquia, a set of elementary language-learning materials from the Roman empire, contain fascinating information on many aspects of daily life in the Roman world, but they have long been neglected because until recently they had neither a modern edition nor a translation into any modern language.
De Colloquia, elementaire leerstof voor het taalonderwijs zoals dat in het Romeinse Rijk gegeven werd, geven fascinerende inkijkjes in tal van facetten van het dagelijks leven van de Romeinen. Toch zijn ze maar weinig bekend, omdat er tot voor kort geen moderne uitgave of vertaling van bestond.

Echt spectaculaire vertaalproblemen ben ik in het geval van In een Romeins klaslokaal niet tegengekomen. Wel is er in dit Voorwoord iets aan de hand waar volgens mij elke vertaler dagelijks mee te maken heeft: de lengte van de zinnen. Wie een zin definieert als iets dat begint met een hoofdletter en eindigt met een punt, ziet hier één Engelse zin, die vertaald is met twee Nederlandse.

Kennelijk vond de vertaler de Engelse zin te lang, of beter, hij dacht dat één Nederlandse zin te lang zou zijn. Maar op grond waarvan denk je zoiets? Zijn daar objectieve criteria voor? Ik denk eerlijk gezegd van niet, maar ik heb er dan ook niet voor doorgeleerd.

Als vertaler van non-fictie kun je je denk ik op dit (eigenlijk redactionele) vlak wel meer veroorloven dan als literair vertaler. Bij non-fictie is het makkelijker om onderscheid te maken tussen de inhoud en de manier waarop die is opgeschreven, terwijl bij een roman de stijl een wezenlijk bestanddeel van het geheel vormt.

De Engelse openingszin van In een Romeins klaslokaal bevat heel veel verschillende soorten informatie over de Colloquia: de naam ervan, een omschrijving ervan, wat ze te bieden hebben, dat ze onbekend zijn, en hoe dat komt – en impliciet, hoe onterecht die onbekendheid is. Een lezer die nergens van weet kan nu al makkelijk de kluts kwijt zijn. Het liefst had ik deze passage daarom herschreven, maar dat is natuurlijk geen optie. Om toch iets meer rust te creëren heb ik de zin in tweeën geknipt. De lezer kan na de Romeinen even op adem komen.

In een Romeins klaslokaal bevat een groot aantal passages uit de Latijns- en Griekstalige Colloquia, voorzien van toelichtingen. De passages zelf zijn niet door mij vanuit het Engels vertaald – dat zou een vertaling van een vertaling zijn – maar door de classicus Vincent Hunink, vanuit het Latijn en het Grieks. Een terechte keus van de uitgever, die geleid heeft tot een heel plezierige samenwerking. En een leuk boekje.

Arian Verheij vertaalde werk van Tom Holland (met Boukje Verheij), Joseph Stiglitz (met Huub Stegeman), Daniel Klein, Miranda Aldhouse-Green, Carolyne Larrington, Ron Geaves en Jon Lukacs (ook met Boukje Verheij).

Delen op

MINDBOOKSATH : athenaeum