Nieuws: Minder vliegen, minder lezen? Minder dik papier
We waren, na onze kleine rondvraag vorige week, gerustgesteld over de duurzaamheid van bijna alle boeken in Nederland: FSC-papier is de regel voor het doorsnee boek. Maar er was meer, en toen we deze week Jan van Eerd, vertegenwoordiger van een Zweedse papierproducent, hadden gesproken, zagen we aanleiding tot een aanvulling op dat artikel. Over papierslurpend water, fabrieken met een elektriciteitsgebruik van kleine steden en een kleine stap naar nog duurzamer: dunner papier.
We kwamen op het spoor van Arctic Paper door de verhalen van Michiel Gaaf (Uitgeverij Arbeiderspers) en Lideke Kruizinga (Luijtingh-Sijthoff), over het afvalwater van een papierfabriek in Zweden dat gewoon drinkbaar was. Arctic Paper, met twee fabrieken in Zweden, één in Polen en één in Duitsland, is een kleine speler op de internationale papiermarkt, maar heeft een 'riante positie' in Nederland: 70 tot 80 procent van het papier waarop onze boeken gedrukt is, komt van hen – en dat is allemaal FSC-gecertificeerd papier. Jan van Eerd is een van de twee vertegenwoordigers voor de Benelux.
'We zijn in Zweden al in de jaren zestig begonnen met verduurzaming, na de confrontatie met de problemen die zure regen vanuit Europa in de Zweedse bossen af. De overheid dwong fabrieken als die van ons milieuvriendelijker te gaan werken. Onze fabriek in Munkedal is gelegen aan de rivier de Örekil, die uitmondt in de Gullmarsfjord aan de westkust van Zweden, en in die tijd was de fjord in feite dood. Door het gebruikte water beter te zuiveren en met milieuvriendelijker technieken te gaan werken, is het inmiddels een rijk natuurgebied.’
Arctic Paper mag trots zijn. ‘Hoewel de standaard voor gemengd FSC-papier (‘mixed sources’) 50% is, en de rest dan uit gecontroleerde bossen of gerecycled papier, zitten we nu op 70 à 80%. We streven naar 100%.’ En: ‘Waar andere papierproducenten nog zo’n 10 tot 15 liter water nodig hebben voor een kilo papier, zitten wij op 3 liter, en we hergebruiken zoveel mogelijk, en wat er niet meer herbruikbaar is, dat reinigen we - deels industrieel, deels biologisch - en het resultaat bieden we bezoekers als Michiel en Liedeke aan, als drinkwater.’
Maar dat wil niet zeggen dat papierproductie, ook op hun manier, klimaatneutraal is. ‘Dat is een utopie. We kunnen wel proberen binnen het herstellend vermogen van de natuur te blijven.’ Al valt het gemiddelde gebruik van de vier fabrieken van Arctic Paper inmiddels onder de EU-norm voor ‘Best Available Technology’, het elektriciteitsgebruik van een papierfabriek is te vergelijken met dat van een kleine stad met zo’n 50.000 zielen. ‘Water was altijd het zichtbaarste milieuprobleem, de vlokken papierpulp dreven op het water, maar elektriciteit uit fossiele brandstoffen is natuurlijk ook problematisch. We maken al geen gebruik meer van elektriciteit uit kolencentrales, en in Zweden zijn er waterkrachtcentrales, maar aardgas is ook nog een fossiele brandstof. En elektriciteit is ook een van de grootste kostenposten bij papierproductie.’
Er is meer reden tot zorg. Nederland is helemaal aan het FSC-papier, en België bijna, Frankrijk, Spanje en Duitsland volgen op de voet, maar de rest van Europa, ‘daar is het lastig’. Het voorbeeld dat Van Eerd geeft is dat van drukkerijen in Tsjechië en Oekraïne, die liever geen FSC-papier gebruiken. ‘Dat is even duur of goedkoop als ongecertificeerd papier, maar om als drukkerij gecertificeerd te worden, moet je ook een toeslag betalen, en aangezien hún klanten er geen belang in stellen, besparen ze daar liever op.’
Maar Nederland is ook in minder positieve zin een uitzondering. ‘Michiel [Gaaf - red.] vroeg me daar pas nog naar: hoe verhoudt de standaard papieropdikking in Nederland zich met die in de rest van Europa? Nou, Nederland houdt van dikke, lichte boeken, met een opdikking van 1,95. In Scandinavië hebben ze liever zware, dunne boeken, met een opdikking van maar 1,5; Frankrijk en Duitsland zitten ertussenin, op zo’n 1,75. Die verschillende standaarden zorgen voor een minder efficiënt productieproces in onze fabrieken. Ter illustratie: ik denk dat de boeken van Stieg Larsson in Zweden een centimeter minder dik zijn dan in Nederland.’
Minder opgedikte boeken zouden een besparing betekenen voor de papierfabrieken, maar ook in het transport en de opslag - er kunnen nu eenmaal meer dunne boeken in een doos, op een pellet, en in een kast. ‘Alleen: hoe reageert de consument erop? Wil die wel dunnere boeken?’



