Nieuws: Prijzen: shortlist AKO Literatuurprijs 2011 + Tzumprijs
In de avond van 30 september is de zogenaamde toplijst van de AKO Literatuurprijs bekendgemaakt, met de grote namen van Jeroen Brouwers, Arnon Grunberg en P.F. Thomése, maar ook met het debuut van Peter Buwalda, de tweede roman van Marente de Moor en de essays van Marja Pruis.
+ Peter Buwalda heeft de Tzum-prijs gewonnen voor de beste literaire zin van 2010.
De AKO Literatuurprijs, voor het beste Nederlandstalige literaire boek – in de categorieën fictie en non-fictie – wordt 31 oktober uitgereikt. Over de shortlist zou wijlen De Papieren Man zeggen dat er geen Belgen in staan, maar los daarvan is dit een evenwichtige selectie, die het de jury nog lastig zal maken. Én een totaal andere dan de Librisprijs, waarop wel Debutantenprijswinnaar Buwalda en Grunberg stonden, maar niet de andere auteurs - Thomése, wiens roman toen al wel verschenen was, stond zelfs niet op die longlist.
- Jeroen Brouwers, Bittere bloemen (lees ook de voorpublicatie)
- Peter Buwalda, Bonita Avenue (lees een uitgebreid fragment)
- Arnon Grunberg, Huid en haar (lees ook de voorpublicatie)
- Marente de Moor, De Nederlandse maagd (lees ook de voorpublicatie)
- Marja Pruis, Kus me, straf me (lees ook de voorpublicatie)
- P.F. Thomése, De weldoener (lees ook de voorpublicatie)
Opvallend: de schaduwjury, bestaande uit de literaire kritiekstudenten van Elsbeth Etty, koos, op Grunberg en Brouwers na, voor hele andere titels. Zie Recensieweb.
De Tzum-prijs bestaat uit een euro per woord in de zin. De jury liet deze zin winnen, 'een optelsom van droefheid':
'Hij was verpieterd op de kamer die hij huurde bij zijn oudtante in Overvecht, een buitenwijk met asbestflats, ‘dreven’ in plaats van ’straten’, en een eigen station met twee sporen om op te gaan liggen.'
De andere kandidaten stonden hier. Eerdere winnaars waren Tom Lanoye (2010), Erwin Mortier (2009), A.F.Th. van der Heijden (2008), Jeroen Brouwers (2007), Tommy Wieringa (2006), Ilja Leonard Pfeijffer (2005), Stijn Aerden (2004), Doeschka Meijsing (2003) en Paul Mennes (2002).



