Max Pam, Jan Siebelink en Thomas Verbogt (de boekbesprekingen in de week van 6 september 2017)

11 september 2017
| | | | | | | | | | | | | | | |

Onze wekelijkse samenvatting van de recensies in kranten en tijdschriften, met deze week aandacht voor Max Pam, Jan Siebelink en Thomas Verbogt, en verder: Carry Slee, Naomi Klein, Friedrich Dürrenmatt (Trouw), George Orwell, Colm Tóibín (de Volkskrant), Laura Thompson, Valeria Luiselli (Het Parool), Maarten van der Graaff, Sanneke van Hassel, Michael Ignatieff (NRC) John le Carré, Leïla Slimani, Karl Enenkel en Koen Ottenheym (De Groene Amsterdammer).

Oudere afleveringen van deze rubriek zijn te raadplegen in ons archief. Tussen rechte haken staan de redactionele items op Athenaeum.nl.

Max Pam, Jan Siebelink en Thomas Verbogt (de boekbesprekingen in de week van 6 september 2017)

Delen op

Voor Trouw sprak Joost van Velzen met Carry Slee, wier #Laatstevlog nu verschijnt. 'Kinderen herkennen zich in mijn boeken. Ze gaan over hun wereld en ik laat ze zien waar de valkuilen zitten in die wereld. Zonder vingertje. En wat denk ik heel belangrijk is: als ze mijn verhalen lezen, maakt dat meer indruk dan dat ouders of docenten er iets van zeggen.' Waarom niet meer fantasy-achtige boeken? 'O, ik heb dat wel geprobeerd, hoor, en ik denk dat ik dat ook wel kan, maar het moet me wel boeien anders kan ik niet mooi schrijven. Ik houd ook zeker wel van experimenteren. Maar realisme spreekt mij het meest aan, daar ligt mijn kracht. Bovendien kan je wel van alles willen, maar zo is het natuurlijk toch niet.'

Jan Siebelink in de rubriek 'Ik heb een droom', over de hoofdpersoon uit De buurjongen [leesfragment]: 'Hij is een nieuw personage voor mij: heel eenvoudig, lichtelijk beperkt, maar in al zijn gewoonheid is hij toch een buitengewoon bijzonder man. Het wonder zit in het alledaagse. Ik ben van hem gaan houden. Zelden heb ik met zoveel plezier een boek geschreven, het ging als vanzelf.' En Janita Monna over Abdelkader Benali's Wax Hollandais: 'Gedichten waar je makkelijk binnenstapt, om even door Tanger te slenteren, of om door het raam van de crèche te gluren. [...] Benali kijkt niet op een woord meer of minder, hij is geen fijnslijper, en meer dan dichter is hij uiteindelijk een verhalenverteller.'

Co Welgraven dan, groot over Naomi Kleins Nee is niet genoeg. 'De auteur analyseert scherp, is uitstekend geïnformeerd, trekt interessante verbanden, en kan bovendien heel goed schrijven (de vertaling is ook prima). En ze geeft de lezer aan het eind van haar interessante en waardevolle boek toch hoop.' Al zit er ook wat wensdenken in het boek. En Boek van de Week, betoogt Rob Schouten, is Thomas Verbogts Hoe alles moest beginnen: 'Met zijn eenvoudige, oprechte stijl zonder versieringen en relativeringen, richt hij zich direct tot het hart van de lezer. Misschien is het meest bijzondere aan boeken als Hoe alles moest beginnen wel dat de schrijver zich niet schaamt voor zijn emoties.'

Wil Rouleaux dan, twee pagina's over Friedrich Dürrenmatt, van wie nu De rechter en zijn beul en De verdenking beschikbaar zijn in vertaling van Ria van Hengel. 'Ook als je geen groot liefhebber bent van misdaadromans, moet je toegeven dat Dürrenmatt vernuftig en amusant te werk gaat. Zeker, zijn romans zijn technocratisch en geconstrueerd. Maar ze zijn zo nadrukkelijk geconstrueerd dat het al snel duidelijk wordt dat hier sprake is van opzet en dat Dürrenmatt een spelletje speelt met de lezer, die regelmatig op het verkeerde been wordt gezet.'

Kort:

  • Tom Hoenselaars over Shakespeare Forever! [leesfragment] in 'Vandaar dit boek': 'Er zit een ongekende rijkdom in zijn teksten, ik ben dat nergens anders tegengekomen. Persoonlijk waardeer ik de koningsdrama's het meest.'
  • Hanna de Heus over Tracy Chevaliers Opmerkelijke schepsels: 'Een heerlijke, trage, sfeervolle roman vol fossielen, geologie en anatomie, met daarnaast talrijke beschrijvingen van de dramatische kustlijn met rotsen, aardverschuivingen en lawines. Jammer is dat het boek de personages niet in een historisch kader plaatst: een voorwoord was hier wel op zijn plaats geweest.'
  • Beeldboek van de week is Claudia Heinermanns Wolfskinder: A Post-War Story.
  • Vrouwkje Tuinman over Emily Ruskovich' Idaho [leesfragment]: 'Ruskovich’ roman cirkelt, steeds vanuit andere personages, om grote zaken heen waar ze je nooit helemaal opening over geeft. Precies dat lijkt ook haar hoofdthema te zijn: wat is werkelijk zeker in ons bestaan?'
  • Monique de Heer over Shari Lapena's Een vreemde in huis: 'De kracht van Lapena's soepel geschreven Een vreemde in huis zit in het slot.'
  • Bas Maliepaard over Enne Koens' Ik ben Vincent en ik ben niet bang: 'Vaardig neemt Koens je mee in de denkwereld van de eenzame Vincent.'

De boekrecensies van Trouw verschijnen elke zaterdag in Letter en Geest, en zijn voor abonnees te raadplegen op trouw.nlTrouw is te koop bij het Nieuwscentrum. 

 

Sara Berkeljon interviewt Max Pam over zijn nieuwe roman Leviathan of Het hart in de steen. 'Het is een ingewikkeld boek, moeilijk om in één zin uit te leggen,’ zegt Pam. David Rijser schrijft over Colm Tóibíns nieuwe roman House of Names [leesfragment Het huis van de namen]. ‘House of Names laat, net als Aeschylus, door de beschrijving van het tegendeel zien wat beschaving waard is. En het doet dat door zich een machtig verhaal toe te eigenen dat aan het begin van onze eigen beschaving staat.’ Vijf sterren.

Arjan Peters las Vonne van der Meers Brood Zout Wijn [leesfragment]. ‘[Z]e duwt haar personages met meesterhand onverhoeds over het randje,’ vindt hij. Vier sterren. Sander van Walsum  vindt dat Cristopher Clarks Wilhelm II een ‘frisse onbevangenheid’ heeft, hij geeft het vijf sterren.

Volgens Marjan Slob leidt Denkbeelden [onze recensie] van Walter Benjamin ‘tot een vreemde leeservaring’. Drie sterren. Door Persis Bekkering een stuk over Thomas Verbogts Hoe alles moest beginnen. ‘Daar waar het reële vervluchtigt en alleen de herinnering, het verlangen zichtbaar is, daar is Verbogt op zijn best,’ schrijft ze en ze deelt vier sterren uit.

Erik van den Berg bespreekt George Orwells Saluut aan Catalonië, hij vindt het ‘[t]ypisch Orwell dat de schwung van zijn zinnen bij stijgende ellende alleen maar lijkt toe te nemen.’ Vijf sterren. Haroon Ali spreekt met David Sedaris over zijn dagboeken, waarvan een eerste deel, Gestolen voorwerpen, pas verscheen. Sedaris gidst de lezer langs zijn favorieten en zegt over zijn dagboek: ‘Hoe langer je een dagboek bijhoudt, hoe eerlijker je wordt over jezelf.’

Kort en goed:

  • Cor Speksnijder over Martin Apello, Wij – Zij, drie sterren.
  • Maria Barnas over Hester Knibbes As, vuur [onze recensie], vier sterren.
  • Hans Bouwman over Marlena [leesfragment] van Julie Buntin, vier sterren.
  • Wineke de Boer over Marcel Pagnols De gloriedagen van mijn vader, drie sterren.
  • Peter Swanborn over Mia Couto’s De bekentenis van de leeuwin, drie sterren.

De boekrecensies van de Volkskrant verschijnen elke zaterdag in Sir Edmund, en zijn te raadplegen op volkskrant.nl/boeken - een selectie is slechts voor abonnees toegankelijk. De Volkskrant is te koop bij het Nieuwscentrum.

 

In het Parool spreekt spreekt Maarten Mol met Max Pam over zijn nieuwe boek Leviathan of Het hart in de steen. ‘Ik zou [de biografie van Theo van Gogh] schrijven, en heb daarvoor direct na zijn dood ook heel veel onderzoek gedaan. Toen bleek dat de nalatenschap van Theo niet vrijkwam, kon ik niet verder. Op een gegeven moment dacht ik: ik wil toch iets doen met al dat werk dat ik verzet heb, dus ik ga het in romanvorm gieten en dan vermeng ik het met mijn eigen leven,’ vertelt Pam.

Hans Renders las Laura Thompsons De zes freules, de roman doet haar denken aan ‘de televisieserie Downton Abbey.’ Vier sterren. Arie Storm geeft twee sterren aan Sanneke van Hassels Stille grond [leesfragment], daarover zegt hij: ‘Er was te veel in dit boek dat me afleidde; het lukte me niet me onbekommerd aan een esthetische ervaring over te geven.’

Dieuwertje Mertens las Het intieme vreemde van theatermaker Jente Jong. Ze schrijft: ‘De roman ademt het gewicht en het belang dat de auteur aan het verhaal hangt,’ en geeft het boek drie sterren. Over Valeria Luiselli’s Vertel me het einde een stuk door Dries Muus. ‘Luiselli schrijft soepel, helder, toegankelijk, ze onderbouwt haar analyses steeds met gruwelijke feiten - en zwakt die feiten te vaak af met flauwe veronderstellingen, sneren naar de Amerikaanse regering of simpelweg naar vreemdelingonvriendelijke Amerikanen,’ schrijft Muus. Drie sterren.

De boekrecensies van Het Parool verschijnen elke zaterdag. Het Parool is te koop bij het Nieuwscentrum.

 

Paul Teule bijt in de Nederlandse Boekengids de spits af met een beschouwing van de euro aan de hand van Paul De Grauwes studieboek Economics of Monetary Union en Joseph E. Stiglitz' The Euro: And its Threat to the Future of Europe [leesfragment]. Hij merkt op: ‘Het vreemde is dat De Grauwe en Stiglitz hun advies serveren met een economische stelligheid die slecht past bij het door en door politieke karakter van de muntuniekunde en het huidige politieke klimaat. De stap vooruit die De Grauwe wil zetten is politiek volstrekt onhaalbaar. Stiglitz ziet dit in, maar komt vervolgens zelf met twee nog minder realistische scenario’s: een Grexit en een Dexit.’

Jacqueline Klooster bespreekt aan de hand van Willemijn van Dijks De opvolger [leesfragment] en Margaret Georges The Confessions of a Young Nero beeldvorming en brongebruik rondom Romeinse keizers. Over het brongebruik van de tweede is ze enthousiaster dan de eerste: ‘Soms vroeg ik me tijdens het lezen van dit boek af waarom Van Dijk er eigenlijk niet voor had gekozen een roman te schrijven. Dan hoef je in elk geval geen verantwoording af te leggen voor je keuzes, en kun je het materiaal precies zo interpreteren als je zelf wilt. Margaret George, bekend van eerdere historische bestsellers over Henry VII en Elizabeth I, doet precies dit in haar vuistdikke The Confessions of Young Nero […]. Zij tracht na zorgvuldig bronnenonderzoek in de huid van Nero te kruipen.’ Hoewel, meent Klooster, George soms ‘doorschiet in haar streven Nero invoelbaar te maken voor de moderne lezer’.

David Hollanders heeft Peter Mairs Ruling the Void: The Hollowing of Western Democracy, Yanis Varoufakis’ Adults in the Room: My Battle With Europe’s Deep Establishment en Wendy Browns Undoing the Demos: Neoliberalism’s Stealth Revolution gelezen. Hij noemt de boeken  ‘complementair’ omdat ze ‘allemaal de reëel bestaande democratie [problematiseren], op verschillende niveaus van abstractie’. Hollanders concludeert uit het drietal boeken dat ‘de politieke praktijk onderdeel [is] van de huidige versie van het kapitalisme, de versie die neoliberaal genoemd wordt’.

Door Thijs Kleinpaste een stuk over Jonathan Haidts The Righteous Mind. ‘Haidt hult zich in wereldwijsheid en empathie, maar het komt uiteindelijk allemaal neer op morele ruggegraatloosheid. In plaats van partij te kiezen, praat The Righteous Mind de perfide rechtse propaganda over wat linkse (of zelfs liberale) mensen willen na, en bepleit vervolgens een rapprochement, omdat de vrede toch bewaard moet worden,’ schrijft Kleinpaste.

Een interview over zelfdoding naar aanleiding van Simon Critchleys Notes on Suicide door Arnoud Stavenuiter met Elena Lindenmans, bekend van documentaire Moeders springen niet van flats. Lindenmans neemt uit Critchley mee dat ‘je jezelf wellicht als object moet gaan zien om jezelf te kunnen doden, waardoor het eigenlijk moord is in plaats van zelfmoord’.

Thijs lijster las Zwemmen in de oceaan: berichten uit een postdigitale wereld [leesfragment] van Miriam Rasch. Hij ‘heeft het met plezier gelezen’, maar vond het soms ook te veel in het midden blijven: ‘Een enkele keer krabbelde ik in de kantlijn: wat is het nou? Dat gold ook voor hele essays, waarbij ik me aan het einde afvroeg wat ik nu eigenlijk precies gelezen had.’

Obe Alkema schrijft over de bloemlezing Queer, onder redactie van Xandra Schutte en Nienke van Leverink, en heeft een aantal zaken aan te merken: ‘De bundel plaatst de teksten […] in hokjes,’ ‘er [ontbreken] flink wat voor queerness belangwekkende jonge schrijvers,’ en: ‘Ook een minder misleidende titel had de inleiding, selectie en verantwoording niet minder problematisch gemaakt: het boek heeft hoe je het ook wendt of keert een grote verantwoordelijkheid, maar neemt deze niet. Wat beklijft is het beeld dat er wordt meegesurft op een hype, het fenomeen wil kapen voor economisch gewin.’

Door Arjen Fortuin een portret van ‘de uitgever’ aan de hand van vier uitgeversbiografiën: Willem van Toorns Emanuel Querido: 1871-1943, een leven met boeken [onze recensie], Koen Hilberdinks J.B.W.P. Het leven van Johan Polak [onze recensie | laudatio | fragment], Geke van der Wals Rob van Gennep: Uitgever van links Nederland [onze recensie] en zijn eigen Geert van Oorschot, uitgever [recensie].[W]ie deze vier boeken goed leest, ziet dat alle momenten waarop een uitgever iets groots verricht, dat gebeurt op intuïtie – en dat die dus het grootste kapitaal van het bedrijf is. Wie dat weggooit of inkapselt, houdt niets meer over,’ stelt hij.

Piet Gerbrandy, Alex Philippa, Kyrke Otto en Christiaan Caspers schrijven allen over het negendelige Early Greek Philosophy, onder redactie van André Laks en Glenn W. Most. Gerbrandy schrijft:’ Het werd […] dus tijd voor een moderne en toegankelijke editie. André Laks en Glenn W. Most hebben het aangedurfd alle fragmenten opnieuw te verzamelen, tot een zinvol verband te herschikken, te vertalen en beknopt toe te lichten.’ [Wij mochten de bijdragen van Gerbrandy en Philippa voorpubliceren.]

Sjoerd van Hoorn schrijft over Robert E. Lerners Ernst Kantorowicz: A Life. Van Hoorn verhaalt Kantorowicz' leven en zet af en toe een kleine kanttekening bij Lerners werk. Arnold Heumakers vervolgens bespreekt Chroniques politiques des années trente, 1931-1940 van Maurice Blanchot. De linkse Blanchot zou je verlicht kunnen noemen, de rechtse romantisch, ware het niet dat hij tegelijk demonstreert hoezeer de twee tradities in één en dezelfde persoon door elkaar kunnen lopen.’

Maarten van Voorst tot Voorst neemt Isabel van Boetzelaers debuut Oorlogsouders onder handen, en bekritiseert het aan de hand van Stephan Malinowski’s Von König zum Führer: ‘Van Boetzelaer had er goed aan gedaan Malinowski’s werk te lezen, want haar boek past feilloos in het door hem geschetste kader. Ik geloof niet dat er in Oorlogsouders werkelijk kwade opzet in het spel is, maar naïviteit, onwetendheid en een diepgeworteld verlangen om ook aan de goede kant van de geschiedenis te staan, vertroebelen Van Boetzelaers blik op haar bronmateriaal. De feiten die ik hieronder zal opvoeren, suggereren op zijn minst dat haar gebrek aan afstand uitmondt in zelfbedrog.’ 

Rob Hartmans spreekt over conservatief Europa en noemt daarbij Emiel Lamberts’ The Struggle with Leviathan, Felix Klos’ Winston Churchill, vader van Europa, Marco Duranti’s The Conservative Human Rights Revolution en Daniël Knegts Fascism, Liberalism and Europeanism in the Political Thought of Bertrand de Jouvenel and Alfred Fabre-Luce. En Geerten Waling onderzoekt het verband tussen H.L. Wesseling en Henry Baudet aan de hand van Scheffer – Renan – Psichari van de eerste en Het paradijs op aarde van de tweede. ‘Wat de oude vriendschap tussen Baudet en Wesseling in 2017 doet herleven – in overdrachtelijke, literaire zin – is […] het scherpe oog van beiden voor de grotere lijn in de geschiedenis, voor het steeds opdoemende verval, voor het besef dat een tijdperk altijd ten einde komt terwijl het volgende zich nog slechts in schimmige gedaanten heeft aangediend. Met de angst en de onzekerheid, maar ook de hoop en het optimisme van dien.’

Dick Pels bespreekt de verschillende benaderingen van de Europese Unie in Joost van der Nets Aan de Europese natie, Ivan Krastevs After Europe, Yanis Varoufakis’ Adults in the Room, James Kirchicks Het einde van Europa [recensie] en Thomas Schmids Europa ist tot, es lebe Europa! 

Tivadar Vervoort analyseert de verkiezing van Viktor Orbán in Hongarije aan de hand van Georg Lukács, Die Verdinglichung und das Bewußtsein des Proletariats en Die Theorie des Roman. ‘Niet alleen op de markt reduceren we waarde tot prijs, maar de gehele sociaal-culturele orde wordt volgens Lukács in toenemende mate aan het fetisj van de efficiëntie onderworpen. Voor Lukács zette een dergelijke diagnose aan tot verzet: de afgrond moest overbrugd worden, de status quo doorbroken. In onze tijd […] lijkt financieel-economisch pragmatisme het enige redelijke politieke antwoord op de werkelijkheid. Visie zou het zicht van regeringsleiders maar belemmeren. Een slechter antwoord op de opkomst van extreemrechts is ondenkbaar. Juist het einde van de grote twintigste-eeuwse verhalen leverde het schoongeveegde politieke toneel op waarop Orbán groot kon worden.’

Addie Schulte schrijft over drie toekomstperspectieven van drie auteurs, namelijk: Joachim Radkaus’ Geschichte der Zukunft, Yuval Noah Harari’s Homo Deus [leesfragment] en Jennifer M. Gidleys The Future: a Very Short Introduction. Daarover zegt hij: ‘Geen van hen heeft "de toekomst" in pacht, hoe weinig tolerant ze ook mogen zijn tegenover mensen die hun toekomstvisie niet delen. Het wordt pas gevaarlijk als die intolerantie ertoe leidt dat andere toekomstbeelden in de taboesfeer worden gedwongen of worden uitgebannen, want juist de diversiteit en heterogeniteit van onze toekomstvisies maakt dat de toekomst is en blijft wat zij moet zijn: radicaal open.’

Door Geerdt Magiels een groot stuk over klimaatverandering, waarin hij de volgende boeken overweegt: Ecomodernisme: Het nieuwe denken over groen en groei onder redactie van Marco Visscher en Ralf Bodelier, Johan Norbergs Vooruitgang: Tien redenen om naar de toekomst uit te kijken, Oliver Mortons The Planet Remade: How Geoengineering Could Change the World, Jonathon Porritts The World We Made, Philipp Bloms De opstand van de natuur [leesfragment], Salomon Kroonenbergs Spiegelzee: De zeespiegelgeschiedenis van de mens en Alan Weismans De wereld zonder ons.

Fiep van Bodegom spreekt ook over klimaatverandering, maar dan als thema binnen de literatuur. Zij heeft het over ‘een schaars aanbod’ en noemt Ali Smiths Autumn, Lieke Marsmans Het tegenovergestelde van een mens [onze recensie], Amitav Ghosh’ The Great Derangement: Climate Change and the Unthinkable, Maartje Smits’ Hoe ik een bos begon in mijn badkamer en Kim Stanley Robinsons New York 2140.

De Nederlandse Boekengids verschijnt zesmaal per jaar. Het tijdschrift is te koop bij het Nieuwscentrum.

Paradijs op aarde | Henry Baudet | 9789492161222
€ 19,50
After Europe | Ivan Krastev | 9780812249439
€ 21,95
Homo Deus | Yuval Noah Harari | 9789400407237
€ 24,99
Ecomodernisme | Marco Visscher | 9789046821817
€ 22,99
Vooruitgang | Johan Norberg | 9789046821756
€ 19,99
Vooruitgang | Johan Norberg | 9789046821763
€ 11,99
The planet remade | Oliver Morton | 9780691175904
€ 19,95
The Planet Remade | Oliver Morton | 9780691148250
€ 31,95
World We Made | Jonathon Porritt | 9780714863610
€ 34,50
Spiegelzee | Salomon Kroonenberg | 9789045032962
€ 21,99
Autumn | Ali Smith | 9780241207017
€ 15,95
Autumn | Ali Smith | 9780241973318
€ 14,95
Great Derangement | Amitav Ghosh | 9780226323039
€ 21,95

Van Thomas de Veen een stuk over Maarten van der Graaffs Wormen en engelen [leesfragment] en Sanneke van Hassels Stille grond [leesfragment]. Stille grond is volgens hem 'een rechttoe-rechtaan geëngageerde roman, duidelijk geïnspireerd op de Rotterdamse werkelijkheid, die redelijk overtuigend laat zien hoe onze stadssamenleving kan werken, nou ja, wérkt'. Over van der Graaffs roman schrijft De Veen: 'Wormen en engelen staat bol van ideeën, is geweldig geschreven en alles staat er op zijn plaats. En het is een geëngageerde roman die verder gaat dan het beschrijven van wat al is, die wil blijven broeien in het hoofd van de lezer.'

Sebastiaan Kort bespreekt de nieuwste van Thomas Verbogt, Hoe alles moest beginnen. 'Je krijgt met deze Verbogt de vertrouwde Verbogt-elementen: het gaat over tijd, over de glibberigheid van geluk, en natuurlijk over de liefde. Dat is, zoals altijd bij hem zou ik bijna zeggen, prachtig gedaan,' schrijft Kort. Auke Hulst herlas Ray Bradbury's Fahrenheit 451. 'Wat opvalt: hoe beklemmend dit boek is. De stijl is soms ongepolijst - ik stoorde me aan de hoeveelheid uitroeptekens -, maar de koortsige kwaliteit ervan kom je dan weer zelden tegen in moderne literatuur,' merkt Hulst onder meer op. Tim de Gier schreef daarnaast een recensie van Milo Yiannopoulos' Dangerous. 'Yiannopoulos staat voor een politiek discours dat definitief veranderd is, of dat nou leuk is of niet. Juist daarom is zijn boek een aanrader. Bovendien is het geestig en direct geschreven, op een manier die hoort bij de blogwereld waar hij vandaan komt. Je leest het met een mengeling van afschuw en fascinatie,' stelt hij.

Michel Krielaars wijdt een stuk aan Moskouse nachten van Nigel Cliff. 'Cliff laat in zijn boek overtuigend zien hoe culturele uitwisseling, die tijdens de Koude Oorlog door zowel de Verenigde Staten als de Sovjet-Unie werd voortgezet, de diepste meningsverschillen wist te overbruggen. Los van het boeiende verhaal dat hij vertelt, is dat zijn belangrijkste boodschap,' lezen we. Krielaars en De Gier spraken voor deze boekenbijlage ook met Michael Ignatieff, wiens Gewone deugden eind augustus verscheen. 'Over zijn tegenstanders, ons kamp, de liberale progressieven met een kleine letter L, maak ik me nog meer zorgen dan om Trump. Wij hebben geen agenda om de problemen aan te pakken. Geen idee wat we aanmoeten met Facebook en Google en hun machtige monopolies. We hebben geen oplossing voor de toenemende ongelijkheid,' zegt Ignatieff onder meer in het interview.

Verder:

  • Marco Kamphuis over Erich Maria Remarque, De nacht in Lissabon (vier ballen)
  • Janet Luis over Florence Tonk, IJsheiligen (drie ballen)
  • Robert Gooijer over John le Carré, Een erfenis van spionnen (vier ballen)
  • Marjoleine de Vos over Nina Riggs In het oranje ochtendlicht (vier ballen)

De boekrecensies van NRC Handelsblad verschijnen elke vrijdag in Boeken, en zijn voor abonnees te raadplegen op Nrc.nl. NRC Handelsblad is te koop bij het Nieuwscentrum.

 

In Elsevier: Irene Start over Jan Siebelinks nieuwste, De buurjongen [leesfragment] (drie sterren: 'Fijn voor de Siebelinkfans, maar het verhaal is wel doortrokken van weemoed en heeft een romantische zwarte. Daar moet je als lezer tegen kunnen.'), Berend Sommer over Paul van Gageldonks De redders van het Avondland (drie sterren: 'Hij [beschrijft de opkomst van de AfD] meeslepend, en geeft de baronnen van de jonge partij een gezicht.'), en Joppe Gloerich over Friso Schotanus' Toen was geweld heel gewoon (vier sterren: 'Overtuigend toont Friso Schotanus aan dat al ver voor de oorlog menige brigadier de knuppel moest trekken om opgeschoten lieden van het veld te tuchtigen.').

Elsevier is te koop bij het Nieuwscentrum.

 

Joost de Vries recenseert deze week Een erfenis van spionnen, de nieuwe John le Carré. 'Als ik eerlijk ben: natuurlijk houd je je hart vast als een 85-jarige auteur teruggrijpt op zijn meest geliefde hoofdpersoon,' schrijft hij.' Je wilt niet toekijken hoe een grote auteur de glans van zijn eigen canon afkrabt door er een minder deel aan toe te voegen. Maar Een erfenis van spionnen leest, om dat cliché te gebruiken, als een trein. Le Carré heeft nog steeds een geweldig oor voor de manier waarop mensen praten, en weet nog steeds met een halve zin een heel wereldbeeld neer te zetten of een personage af te serveren. Fans zullen niet teleurgesteld zijn.' Kees 't Hart bespreekt daarnaast Hans Veekens Een kantoor op stand. 'De ik in Veekens roman is te weinig een boosaardige intrigant, dat had zijn boek interessanter (en geestiger) gemaakt,' vindt hij.

Van Thomas Heerma van Voss een stuk over Trein naar Pakistan van Khushwant Singh, volgens hem 'een vol boek, af en toe gewoonweg te vol'. Marja Pruis las Leïla Slimani's Een zachte hand [leesfragment | recensie]. 'Ik vind dat jammer, zowel het feit dat de rest van de roman zich laat lezen als een opmaat tot die verschrikkelijke clou, als het feit dat ze dacht dat ze dit sensationele gegeven nodig had. In een interview zegt ze dat ze een eerdere versie saai vond, en dat ze op zoek naar meer drama blij was toen ze een nieuwsbericht las over een oppas in New York die twee kinderen had vermoord. Het "echte" drama doet ze daarmee te kort, het drama van het ouderschap,' aldus Pruis. En Chris van der Heijden leverde een bespreking van Karl Enenkel en Koen Ottenheyms Oudheid als ambitie, de zoektocht naar een passend verleden 1400-1700 aan [recensie]. 'Het meest opmerkelijke deel van dit boek […] betreft de middeleeuwse ambities van zestiende- en zeventiende-eeuwse Nederlandse steden en burgers. Conform het Renaissance-cliché zou je denken dat burgerlijke pretenties veelal teruggrepen op de klassieke Oudheid, maar zo eenvoudig is het dus niet,' staat er onder meer in de recensie.

De Groene Amsterdammer is elke woensdag al te koop bij het Nieuwscentrum. Athenaeum Boekhandel verzorgt de boekverkoop voor de website van De Groene.

 

MINDBOOKSATH : athenaeum