Leesfragment: Korte geschiedenis van Rome

07 november 2019 , door Eutropius
| | | |

12 november verschijnt van Eutropius de Korte geschiedenis van Rome. Een historisch overzicht, in de vertaling van Vincent Hunink, met een toelichting door Jona Lendering. Wij publiceren voor.

Romulus en Remus, de Punische oorlogen, Caesar en Augustus. De gevaarlijke crisis van de derde eeuw en de glorierijke tijd van Constantijn: Romes geschiedenis kent vele pieken en dalen. Ze staan allemaal bij elkaar in het werk van Eutropius. Deze vierde-eeuwse schrijver biedt zijn lezers een handzaam overzicht van de Romeinse historie. Alles wat een echte Romein wil weten staat erin: namen van grote mannen en veldslagen, legendarische nederlagen en zeges. En natuurlijk de voortdurende conflicten en strijd om de troon in Rome tegenover veroveringen in verre provincies.

Zijn boek laat zien hoe de oude Romeinen zelf hun verleden bezagen. Ruim duizend jaar boeiende geschiedenis in tien kraakhelder geschreven hoofdstukken. Een crash course Romeinse geschiedenis uit de vierde eeuw.
Deze eerste Nederlandse vertaling van Eutropius sinds 1664 is voorzien van een uitvoerige historische index door Jona Lendering.

N.B. Meer Romeinse geschiedschrijving? We interviewden Vincent Hunink over zijn Tacitus-vertaling en publiceerden voor uit zijn vertaling In moerassen en donkere wouden en Het leven van Agricola. Lees ook Jona Lenderings bespreking van Huninks Caesarvertaling. We bespraken ook Appianus' Burgeroorlogen en Velleius Paterculus' Van Troje tot Tiberius. Meer Vincent Hunink? Lees fragmenten uit De Vesuvius in vlammen, Plinius' Mijn landhuizen, Cicero's De kunst van het oud worden, Seneca's De goede doodOnkwetsbaarheidInnerlijke rust & De lengte van leven, Herodianus' Donkere wolken boven Rome (herziene vertaling). Hunink lichtte ook zijn vertaling van de eerste zin van Ignatius' Graan van God toe.

 

Inleiding

Ten oorlog

Er was geen kunstmest in het Romeinse Rijk. De agrarische rendementen waren daardoor zo laag dat slechts een kleine minderheid van de bevolking niet werkte op het platteland. Er waren weinig ambachtslieden, weinig ambtenaren en vooral: weinig onderwijzers, zodat de bevolking grotendeels ongeletterd bleef en informatie schaars was. Dat gold ook voor informatie over vijanden. Een goede generaal bereidde zich voor op een veldtocht door het lezen van geschiedenisboeken over de betreffende tegenstander.
Zo ook keizer Valens (r. 364-378), die zich in 369 n.Chr. opmaakte voor een expeditie tegen de Perzen. Het conflict met de oostelijke grootmacht was al ruim een eeuw oud. In 224 n.Chr. had de Perzische leider Arda$isr zijn koning, Artabanus, verslagen en diens hoofdstad ingenomen. Niet alleen was zo de aloude dynastie van de Parthische Arsaciden vervangen door die van de Perzische Sasaniden, ook de relaties met de Romeinen waren bekoeld. Geen decennium was verstreken zonder gevechten. De laatste ronde was geëindigd toen de Romeinse keizer Julianus was gesneuveld, waarna zijn opvolger Jovianus (r. 363-364) vrede had gekocht door enkele gebieden langs de Tigris aan de Perzen af te staan. De vrede was kort van duur geweest, want de Perzische vorst Sapor ii had het vredesverdrag vrijwel onmiddellijk geschonden, zodat Valens zich gedwongen zag de strijd te hervatten.
Hij had vermoedelijk deelgenomen aan Julianus’ mislukte veldtocht en kende het strijdtoneel dus wellicht uit ervaring. Extra informatie was echter altijd welkom. Daarom gaf de keizer zijn hoveling Eutropius opdracht tot het schrijven van een op de oostelijke oorlog toegesneden historisch overzicht. De boodschap daarvan moest zijn dat de Romeinen altijd voordeel hadden gehad van oorlogvoering en dat ze de komende confrontatie met de Perzen dus met optimisme tegemoet mochten zien. Dat zo’n schets noodzakelijk was, suggereert dat Valens voorzag dat er in bestuurlijke kringen nog weerstand viel te overwinnen. Hij lijkt te hebben gezocht naar historische voorbeelden om de benodigde argumenten te hebben ter onderbouwing van zijn agressieve plannen. Vermoedelijk speelde tevens een rol dat Valens van boerse afkomst was. Wellicht voelde hij zich niet op zijn gemak onder de hooggeletterde aristocraten met wie hij als keizer dagelijks te maken had en zocht hij wat historische anekdotes om ook eens aan namedropping te kunnen doen.
Hoe dat laatste ook zij, Eutropius was de juiste man voor de opdracht. Hij was bekend met de oostelijke gebiedsdelen, lijkt tot in het Rijnland te hebben gereisd, had frontervaring opgedaan tijdens Julianus’ Perzische campagne en kende het bestuurlijke klappen van de zweep: als magister memoriae, een functie die je zou kunnen weergeven als ‘secretaris-generaal Algemene Zaken’, bekleedde hij een van de voornaamste posities in het ambtelijke apparaat. Hij moet carrière hebben gemaakt onder Valens’ voorgangers, maar de details zijn merendeels onbekend. Na publicatie van de Korte geschiedenis van Rome treffen we Eutropius nog aan als gouverneur van de provincie Asia, als iemand wiens naam viel in de geruchtenstroom tijdens een hofintrige en als bestuurder van het Balkanschiereiland. De kroon op zijn carrière was het consulaat in 387, dat hij bekleedde met als collega keizer Valentianus ii, een neef van Valens.
Die prachtige loopbaan zou haast doen vergeten dat de vorst die hem had gevraagd de Korte geschiedenis van Rome te schrijven ontevreden was over het resultaat. Het staat namelijk vast dat Valens, vrijwel onmiddellijk nadat Eutropius in de winter van 369/370 zijn historisch overzicht had ingeleverd, de opdracht opnieuw gaf, aan een zekere Festus. Diens werkje legt nog meer de nadruk op de oostelijke gebiedsdelen en begint met een opmerking die Valens’ onvrede over Eutropius suggereert: ‘Kort moest het zijn, zo gelastte uwe majesteit.’ Valens benoemde Festus onmiddellijk op Eutropius’ positie als secretaris-generaal Algemene Zaken, wat de indruk wekt dat deze naar het gouverneurschap van Asia is weggepromoveerd.

Geen geschiedenisboek

Eutropius’ schets van het Romeinse verleden biedt meer én minder dan de Nederlandse titel Korte geschiedenis van Rome suggereert. Meer, want de auteur levert niet slechts historische informatie maar geeft in feite politiek advies: hij levert munitie voor discussies over oorlog met Perzië. Minder, want hij bereikt dat doel door een selectie aan te brengen. Dit is niet wat een geschiedkundige zou moeten doen. Een wetenschapper presenteert álle feiten, geen op de wensen van een beleidsmaker toegesneden selectie. In Hoe schrijf je geschiedenis? legt de tweede-eeuwse auteur Lucianus het uit:

Het belangrijkste is dat een historicus een onafhankelijke visie heeft: hij moet voor niemand bang zijn en ook niet naar een bepaalde conclusie toe schrijven, want dan is hij geen haar beter dan een foute rechter die zich laat omkopen en zijn oordeel uitspreekt om bij iemand in de gunst te komen.

Is de geselecteerde stof dus niet wat je van een geschiedwerk verwacht, Eutropius’ werkwijze getuigt ook niet van kennis van het historisch metier. Dat kent ruwweg vijf samenhangende onderdelen:

  1. Het vaststellen van de historische feiten.
  2. Het verantwoorden hiervan met archiefstukken en ander bronnenmateriaal.
  3. Het plaatsen van deze informatie in de juiste volgorde.
  4. Het verklaren van het zo gereconstrueerde proces.
  5. Het presenteren van het resultaat.

In de Oudheid erkende niet iedereen het belang van het tweede punt, terwijl op het vierde onderdeel de grootste afstand ligt tussen de antieke en de moderne historiografie. We kunnen de antieke geschiedschrijving, net als de antieke alchemie en astrologie, daarom typeren als voorwetenschappelijk. Ook ten opzichte van de voorwetenschappelijke criteria van zijn tijd laat Eutropius het echter afweten. De simpele waarheid is dat de Korte geschiedenis van Rome als geschiedwerk weinig waarde heeft.
Zoiets voelt de moderne lezer intuïtief ook aan, maar om dit vermoeden te onderbouwen heeft het zin de vijf bovengenoemde punten nader te bekijken. Daarna zal blijken welke waarde het werkje ondanks alles heeft.

[...]

 

Opdracht

Aan meester Valens Gothicus Maximus, voor eeuwig Augustus.

Krachtens de wens van uwe Grootmoedigheid heb ik een beknopt overzicht gemaakt van de Romeinse geschiedenis. Het loopt vanaf de stichting van de stad tot aan onze dagen en vermeldt in chronologische volgorde en in kort bestek de belangrijkste gebeurtenissen in oorlogs. en vredestijd, met daarbij de voornaamste biografische gegevens van leidende figuren. Zo kan de goddelijke geest van uwe Sereniteit de daden van beroemde mannen bij het besturen van de staat nader leren kennen, en met vreugde constateren die daden reeds voor de lectuur te hebben nagevolgd.

Eutropius,
weledelgestrenge heer,
secretaris-generaal Algemene Zaken

 

I

Koningstijd

1. Het Romeinse Rijk, in zijn oorsprong het kleinste en bij zijn groei het grootste ter wereld sinds mensenheugenis, heeft zijn oorsprong bij Romulus. Hij was de zoon van Rea Silvia, een Vestaalse maagd, en naar men aanneemt Mars, en werd geboren samen met zijn tweelingbroer Remus. Te midden van herders leidde hij een leven van roof, totdat hij op zijn achttiende een kleine stad stichtte op de Palatijn. Dat was op 21 april in het derde jaar van de zesde Olympiade, rond de 394 jaar na de verwoesting van Troje [753].

2. Na de stichting van de stad noemde hij haar Rome, naar zijn eigen naam, en handelde ongeveer als volgt. Hij haalde een grote groep buren de stad in en koos honderd ouderen uit, die met hun goede raad zijn regering moesten steunen. Hen noemde hij ‘senatoren’, op grond van hun hoge leeftijd.

Maar hijzelf en zijn volk hadden geen vrouwen. Daarom nodigde hij stammen die in de buurt van Rome woonden uit voor grote spelen en roofde hun jonge vrouwen. In de oorlogen waartoe het onrecht van die roof leidde heeft hij overwinningen geboekt over Caenina, Antemnae, Crustumerium, over de Sabijnen, de inwoners van Fidenae en Veii, allemaal steden rondom Rome. Later, in het zevenendertigste jaar van zijn bewind, was hij na een plotseling opgestoken storm nergens meer te vinden. Men nam aan dat hij toen naar de goden was overgegaan en hij werd vergoddelijkt.

Vervolgens hebben individuele senatoren het hoogste gezag in Rome bekleed, ieder gedurende vijf dagen. Met dat bewind verstreek een volledig jaar.

3. Daarna is Numa Pompilius tot koning benoemd. Die voerde geen oorlogen maar bracht de stad zeker zo goed vooruit als Romulus. Hij stelde namelijk wetten en gebruiken in voor de Romeinen, die toen vanwege het vele vechten golden als rovers en halve barbaren. Ook verdeelde hij het jaar in tien maanden, terwijl het daarvoor een rommelig en onordelijk geheel was geweest, en bouwde hij in Rome oneindig veel heiligdommen en tempels. Hij stierf aan een ziekte in het drieënveertigste jaar van zijn bewind.

4. Zijn opvolger was Tullus Hostilius. Die hernam de oorlogen, boekte een overwinning op Alba (twaalf mijl van Rome), en versloeg in een oorlog Veii en Fidenae (zes respectievelijk achttien mijl van Rome). Ook breidde hij de stad uit door de Caelius erbij te trekken. Na een bewind van tweeëndertig jaar werd hij door de bliksem getroffen en verbrandde met huis en al.

5. Na hem heeft Ancus Marcius, kleinzoon van Numa (via diens dochter), de macht overgenomen. Hij voerde strijd tegen de Latijnen. Verder voegde hij de Aventijn en de Janiculus toe aan de stad, en stichtte hij een stad bij de Tibermonding, aan zee, op zestien mijl van Rome. In het vierentwintigste jaar van zijn rijk overleed hij.

[...]

 

Copyright vertaling © 2019 Vincent Hunink / Athenaeum—Polak & Van Gennep, Weteringschans 259, 1017 XJ Amsterdam
Copyright inleiding en toelichting © 2019 Jona Lendering

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum