Leesfragment: Treinen en kamers

29 januari 2021 , door Annelies Verbeke
| |

Nu in de winkel: de nieuwe verhalenbundel van Annelies Verbeke, Treinen en kamers. Lees bij ons een fragment!

Annelies Verbeke (België, 1976) vervlecht ruim vier millennia jaar literatuur uit de hele wereld. Geïnspireerd door bekende en minder bekende klassieke meesterwerken van vóór 1900 schreef ze vijftien verhalen, die in hun vormexperiment essay, theatertekst, droom of meditatie vermengen. Het gaat om westerse hoogtepunten als de liederen van Hadewijch, Don Quichot of Moby Dick, maar bijvoorbeeld ook Het hoofdkussenboek van de Japanse Sei Shonagon en 'De verheerlijking van Inanna', dat de Soemerische Enheduanna rond 2260 vóór onze jaartelling schreef.

N.B. Verbeke won eerder de J.M.A Biesheuvelprijs met Hallelujah. Daan Stoffelsen besprak het boek, net als Dertig dagen (lees ook een fragment) en Vissen redden. En we tekenden in 2015 Verbekes literaire bronnen op.

 

Wétiko

‘Geen menselijke tong, geen menselijk verstand, geen menselijke volharding is bij machte al de verschrikkelijke dingen te vertellen die in de verschillende landstreken, nu eens massaal en in alle streken tegelijk, dan weer in delen van het land afzonderlijk, door deze openlijke en gezworen doodsvijanden van het menselijk geslacht werden begaan.’
– Bartolomé de las Casas, De verwoesting van de West-Indische landen (1542)

Je hebt een droom gehad. Een opeenstapeling van verschrikkingen, dat weet je nog, maar de concrete beelden ben je kwijt. Wel is er dat woord: Wétiko.
Je plukt je telefoon van de nachttafel – het is pas kwart voor zes – en zoekt het op. In de taal van de Cree, een indianenstam, betekent het een kannibaal, een slecht persoon of een kwaadaardige geest. Er wordt gesproken van een psychische ziekte, een plaag waaraan de Europeanen leden die vanaf de vijft iende eeuw naar Amerika trokken. Jack D. Forbes, een professor met een Native American-ouder, beschreef het voornaamste symptoom van de Wétiko-plaag als ‘het nuttigen van andermans leven voor privédoeleinden of uit winstbejag’, een ultieme vorm van egoïsme. Het ‘matchi-syndroom’ gaat ermee gepaard: geboeid zijn door het slechte, het wrede en het sadistische. Deze vorm van krankzinnigheid bestond volgens Forbes al duizenden jaren voor onze jaartelling en ontwikkelde zich grotendeels parallel met wat doorgaans ‘beschaving’ wordt genoemd.
Je klikt van link naar link, leest twee uur lang vanuit je bed, met je hand op je warme buik, over de onderwerping van de Nieuwe Wereld, de buitensporige agressie en hebzucht, de grootste genocide uit de geschiedenis, een eenzame helper, details en overkoepelende inzichten waarvan de meeste nieuw voor je zijn, waarover niemand je ooit wat heeft verteld. Al voor het ontbijt ben je wijzer en stiller geworden en heb je het gevoel dat er ter hoogte van je maag een gat is ontstaan.

Het is geen honger. Verder dan een banaan en een kop thee kom je niet. Je ontwijkt de bezorgde blik van je moeder. Soms verdenk je haar ervan dat ze hoopt op anorexia, zodat haar obsessie omtrent je eetgewoonten meer bestaansrecht verkrijgt. Maar zulke dingen zou je niet over haar moeten denken, ze houdt van je.
Sinds niemand ’s ochtends de deur uit moet, ontbijten jullie samen: je moeder, je vader, je zusje, jij en – zij het niet aan tafel – Mozes, jullie hond. De overheid raadt aan de tijd te structureren.
‘Zou iemand een boek voor mij kunnen bestellen?’ vraag je. ‘Voor die opdracht voor geschiedenis?’
‘Aha. En wie is de uitverkorene? Churchill?’ Je hebt je ouders gisteren verteld dat je over een persoonlijke held uit het verleden moet schrijven. Je vader drong toen ook al op Churchill aan. Hij kent nogal wat citaten van de man uit het hoofd, en voelt de behoeft e die met een aangezet Brits accent en een gedragen, wat dronken klinkende stem te brengen. Dat van vandaag is langer dan dat van gisteren: ‘Never give in. Never, never, never, never – in nothing, great or small, large or petty – never give in, except to convictions of honour and good sense. Never yield to force. Never yield to the apparently overwhelming might of the enemy.’
Je laat een respectvolle stilte vallen nadat hij klaar is en zegt: ‘Bartolomé de las Casas.’
‘Wie is dát?’ vraagt Emma. Zoals altijd negeer je haar dedain.
‘Zegt me niks,’ echoot je vader.
‘Zijn bekendste boek heet De verwoesting van de West- Indische landen. Ik zag dat de Nederlandse vertaling alleen nog tweedehands bestaat.’
‘Gaat het over zwarten of over indianen?’ vraagt hij.
‘Over indianen.’
‘We hebben hier geloof ik nog een boek staan over Sting bij zo’n stam in het regenwoud,’ zegt je moeder.
‘Wie is Sting?’ Je vraag doet je ouders lachen met een eensgezindheid waar je zelf blij van wordt.
‘Ik zal het bestellen,’ zegt je vader. ‘Jammer dat je niet over Winston Churchill gaat schrijven.’
‘Eet dan toch wat yoghurt,’ zegt je moeder.

In afwachting van de koerier die het boek voor de deur zal leggen en er van gepaste afstand naar zal wijzen, schuim je het internet af op zoek naar meer informatie over de man van wie je vermoedt dat hij je held kan zijn. Je noteert. Zijn vader reisde met Columbus mee en schonk de kleine Bartolomé een indianenjongen als speelkameraad. Die moest terug omdat koningin Isabella het niet vond kunnen. Toen Bartolomé (in je werkstuk moet je hem Las Casas noemen) in 1502 voor het eerst naar Amerika (Indië, dacht men toen) vertrok, was hij zo oud als jij nu: zeventien. Er volgden veel lange reizen tussen twee continenten. In Latijns-Amerika verlangde hij naar een utopische kolonie. Groter werd algauw zijn behoeft e om de gruwel en grootschalige roof, aangericht door zijn landgenoten, aan te klagen. In Spanje sloot hij zichzelf geregeld op in een dominicanerklooster om er te schrijven. Zijn relaas over de verwoesting (dat je hopelijk morgen al zal bereiken) is gericht aan Philips ii, die in Spanje, in naam van zijn vader Karel v, de koninklijke macht uitoefende. Bartolomé hoopte de man tot het inzicht te brengen dat er dringend moest worden ingegrepen in een situatie die naar een sadistische uitspatting van ongeziene proporties was vergleden; hij kon het simpelweg niet meer aanzien. Zijn protest kreeg bijval en leidde tot voorschrift en, die grotendeels werden genegeerd. Enkelen van zijn tijdgenoten stelden alles in het werk om Bartolomé krankzinnig te verklaren, en tot op vandaag zijn er die dat proberen. In Zuid-Amerika geldt hij als een held. Je hebt zin om over hem te schrijven.

In een enthousiaste e-mail breng je meneer Stevens op de hoogte van je keuze. Je vermeldt dat Las Casas’ boek naar je onderweg is en dat je staat te popelen om het te lezen.
‘Hoi Lina,’ schrijft hij terug. ‘Omdat je je ouders al op kosten hebt gejaagd, zal ik toestaan dat je een held buiten de opgelegde lijst met suggesties kiest. Het was echter verstandiger geweest je keuze eerst bij mij te toetsen. In het vervolg ietsje minder impulsief?’ Daarnaast prijkt een knipogende emoticon.
De weerzin die je al langer onderdrukt laait in je op.

[...]

 

© Annelies Verbeke, 2021

Delen op

Gerelateerde boeken

pro-mbooks1 : athenaeum