Leesfragment: Over vrouwen

25 juni 2023 , door Susan Sontag
| | |

27 juni verschijnt Susan Sontags Over vrouwen (On Women), vertaald door Karina van Santen en Martine Vosmaer, en met een voorwoord van Bregje Hofstede. Lees bij ons de eerste pagina’s uit haar essay ‘De dubbele moraal van het ouder worden’.

Susan Sontag geldt bijna twintig jaar na haar dood nog steeds als een van de grootste, origineelste Amerikaanse denkers. Geen ander weet culturele fenomenen zo treffend en scherp te ontleden als zij.

Over vrouwen werd nooit eerder gepubliceerd. Sontag schuwt geen enkel heilig huisje en laat zich nooit verleiden tot de makkelijke weg, en weet tegelijkertijd de complexe verhoudingen die kunst en politiek tekenen opvallend inzichtelijk te maken.
Deze eerder verloren gewaande essays belichten cruciale thema’s binnen haar oeuvre: schoonheid en de dubbele standaard, macht, ouder worden, altijd opgehangen aan die buitengewoon complexe rol: vrouw zijn.
De zeven teksten uit dit boek komen uit de jaren zeventig, op het hoogtepunt van de tweede feministische golf, maar zijn schrikwekkend relevant voor deze tijd. Een onmisbaar werk.

N.B. Deze zomer koop je een aantal van Sontags boeken in de Penguin-editie met korting. Koop er 2, krijg er 1 cadeau. Lees verder op onze site een fragment uit Benjamin Mosers biografie Sontag, en Miriam Rasch’ bespreking daarvan. Rasch besprak ook haar dagboeken in Zoals de geest gebonden is aan het vlees. Haar dagboeken zijn een favoriet van zowel Niña Weijers als Mariken Heitman.

 

De dubbele moraal van het ouder worden

(1972)

‘Hoe oud ben je?’ Degene die de vraag stelt kan iedereen zijn. De ondervraagde is een vrouw, een vrouw ‘d’un certain âge’ zoals de Fransen het discreet noemen. Die leeftijd kan alles zijn, van begin twintig tot eind vijftig. Als de vraag onpersoonlijk is – routine-informatie die gevraagd wordt wanneer ze een rijbewijs, een creditcard of een paspoort aanvraagt – zal ze zichzelf waarschijnlijk dwingen een eerlijk antwoord te geven. Bij het invullen van een huwelijksaanvraag zou ze er als haar toekomstige echtgenoot ook maar een klein beetje jonger is dan zij graag een paar jaar aftrekken, maar dat doet ze waarschijnlijk niet. Wanneer ze meedingt naar een baan hangen haar kansen vaak gedeeltelijk af van de ‘juiste leeftijd’, en als de hare niet de juiste is, zal ze liegen als ze denkt dat ze dat ongestraft kan doen. Wanneer ze voor het eerst bij een nieuwe dokter komt, en ze zich misschien extra kwetsbaar voelt op het moment dat het gevraagd wordt, zal ze waarschijnlijk het goede antwoord oplepelen. Maar als het alleen een ‘persoonlijke’ vraag is – als de vraag gesteld wordt door een nieuwe vriend(in), een vage kennis, het kind van de buren, een collega op kantoor, in een winkel of fabriek – valt haar antwoord moeilijker te voorspellen. Ze kan de vraag met een grapje omzeilen of met gespeelde verontwaardiging van de hand wijzen. ‘Weet je niet dat je vrouwen niet naar hun leeftijd hoort te vragen?’ Of na een korte aarzeling, gegeneerd maar uitdagend, de waarheid vertellen. Of liegen. Maar noch de waarheid, noch de ontwijking of de leugen verlicht het onaangename van die vraag. Voor een vrouw is gedwongen worden haar leeftijd te vertellen na ‘een zekere leeftijd’ altijd een beetje een beproeving.
Wanneer de vraag van een vrouw komt, zal ze zich minder bedreigd voelen dan wanneer die van een man komt. Andere vrouwen delen tenslotte zusterlijk hetzelfde potentieel om vernederd te worden. Ze zal minder schalks doen, minder koket. Maar ze zal waarschijnlijk nog steeds met tegenzin antwoorden en misschien niet de waarheid vertellen. Behalve bij bureaucratische formaliteiten gaat iedereen die een vrouw deze vraag stelt – na ‘een zekere leeftijd’ – voorbij aan een taboe en is mogelijk onbeleefd en ronduit vijandig. Bijna iedereen erkent dat de precieze leeftijd van een vrouw, zodra ze een bepaalde, eigenlijk nog vrij jonge, leeftijd is gepasseerd, niet meer een legitiem doel van nieuwsgierigheid is. Na haar kindertijd wordt het geboortejaar van een vrouw haar geheim, haar privébezit. Het lijkt wel een smerig geheimpje. Eerlijk antwoorden is altijd indiscreet.
Het ongemak dat een vrouw voelt elke keer dat ze haar leeftijd vertelt heeft niets te maken met het angstige besef van menselijke sterfelijkheid dat iedereen van tijd tot tijd overvalt. Er is het normale gevoel dat niemand, man noch vrouw, het prettig vindt ouder te worden. Na je vijfendertigste word je door elke vermelding van je leeftijd eraan herinnerd dat je waarschijnlijk dichter bij het eind dan bij het begin van je leven bent. Die angst heeft niets onredelijks. Ook is er niets abnormaals aan de angst en woede van mensen die echt oud zijn, in de zeventig of tachtig, over het meedogenloze afnemen van hun fysieke en geestelijke krachten. Ouder wórden is zonder meer een beproeving, hoe stoïcijns het ook wordt gedragen. Het schip gaat ten onder, ongeacht de moed waarmee oudere mensen de reis stug voortzetten. Maar de objectieve, gecanoniseerde pijn van oud zijn is van een andere orde dan de subjectieve, profane pijn van ouder worden. Oud zíjn is een echte bezoeking, die mannen en vrouwen op dezelfde manier ondergaan. Ouder worden is vooral een bezoeking van de verbeelding – een morele ziekte, een sociale pathologie – en daar hoort automatisch bij dat het vrouwen harder treft dan mannen. Het zijn vooral vrouwen die het ouder worden (alles wat vóór jou komt is eigenlijk al oud) met zoveel afkeer en zelfs schaamte beleven.
De emotionele privileges die in deze maatschappij aan jeugd worden verleend, veroorzaken bij iedereen een zekere angst voor het ouder worden. Alle moderne verstedelijkte samenlevingen – in tegenstelling tot tribale, landelijke samenlevingen – kijken neer op de waarden van volwassenheid en overladen de geneugten van de jeugd met lof. Deze herwaardering van de levenscyclus ten gunste van de jeugd werkt uitstekend voor een seculiere maatschappij die puur gericht is op een almaar groeiende industriële productiviteit en het ongelimiteerd kannibaliseren van de natuur. Zo’n maatschappij moet een nieuw gevoel voor de levensritmes scheppen om mensen aan te moedigen meer te kopen en te consumeren, en sneller weg te gooien. Mensen laten het besef van hun eigen behoeften, van wat hun echt plezier doet, overstemmen door gecommercialiseerde béélden van geluk en persoonlijk welzijn; en in deze beeldtaal, die ontworpen is om steeds gretigere consumptieniveaus te stimuleren, is ‘jeugd’ de populairste metafoor voor geluk. (Ik wil graag benadrukken dat het een metafoor is, geen letterlijke beschrijving. Jeugd is een metafoor voor energie, rusteloze mobiliteit, graagte: voor de staat van ‘begeren’.) Het gelijkstellen van welzijn met jeugd maakt iedereen pijnlijk bewust van precieze leeftijd – die van jezelf en die van andere mensen. In primitieve en premoderne samenlevingen hechten mensen veel minder belang aan data. Wanneer levens verdeeld zijn in lange perioden met stabiele verantwoordelijkheden en vaste idealen (en schijnheiligheden), wordt het precieze aantal jaren dat iemand heeft geleefd een triviaal feit; er is nauwelijks enige reden om het jaar waarin iemand is geboren te vermelden of zelfs te weten. De meeste mensen in niet-industriële samenlevingen weten niet precies hoe oud ze zijn. Mensen in industriële samenlevingen zijn bezeten van getallen. Ze koesteren een bijna obsessieve belangstelling voor het bijhouden van de leeftijdsscore, in de overtuiging dat alles boven een bepaald minimum min of meer slecht nieuws is. In een tijd dat we in feite steeds langer leven, wordt de laatste twee derde van ieders leven overschaduwd door een schrijnend besef van niet-aflatend verlies.
Tot op zekere hoogte wordt iedereen in deze maatschappij geteisterd door het prestige van jeugdigheid. Ook mannen kunnen worden overvallen door vlagen van moedeloosheid over ouder worden – bijvoorbeeld wanneer ze zich onzeker voelen of onvoldaan of niet genoeg gewaardeerd in hun werk. Maar mannen raken zelden zo in paniek over ouder worden als vrouwen. Ouder worden is voor een man beslist minder beschadigend, want naast de propaganda voor jeugdigheid, die zowel mannen als vrouwen met het klimmen der jaren in de verdediging drukt, is er een dubbele moraal over ouder worden die vrouwen extra streng veroordeelt. De maatschappij is veel toegeeflijker ten opzichte van ouder worden bij mannen, net zoals ze toleranter is ten opzichte van seksuele ontrouw van getrouwde mannen. Mannen ‘mogen’ ouder worden, ongestraft, op allerlei manieren waarop dat vrouwen niet is toegestaan.

[…]

 

Copyright © 2023, Susan Sontag All rights reserved
© 2023 Nederlandse vertaling Karina van Santen en Martine Vosmaer

pro-mbooks1 : athenaeum