Leesfragment: Nest

22 augustus 2010 , door Sanneke van Hassel
|

Op 26 augustus veschijnt bij De Bezige Bij Nest, de nieuwe roman van Sanneke van Hassel, die eerder de verhalenbundels Witte veder en IJsregen publiceerde. Deze Nacht kunt u er alvast een fragment uit lezen, en uw exemplaar bestellen.

In Nest schetst Sanneke van Hassel de wereld van een tiental personages. Als de zestienjarige Julia zwanger raakt, is haar omgeving in rep en roer. Achter smeedijzeren hekken en hoge heggen wordt naarstig een oplossing gezocht om de toekomst van Julia veilig te stellen. Gelukkig kent haar moeder  de juiste mensen en houdt haar vader het hoofd koel. Maar wat vermoedt de buurvrouw vanachter haar rododendrons? Wat adviseert de bevriende huisarts die verderop in de laan woont? Van Hassel toont in haar roman de schaduwzijden van de moderne, zich verlicht wanende familieleden en buren.

 

Van Hassel sprak zich, in de aanloop naar korte verhalenfestival Hotel van Hassel, al uit over het schil tussen verhalen en een roman schrijven. Zie VPRO Boeken.

Mijn fietsmand puilt uit van de bollen, boshyacinten, narcissen en knalblauwe sneeuwroem. Ik ga ze in de voortuin planten, onder de grote beuk. In de zomer is het er donker, maar in de lente is er licht zat. Tussen de wortels mogen ze woekeren, zich ondergronds vermeerderen.
    Het is stil in de laan. De goten zijn geel van het blad, de kale acacia’s, hun grillige basten. Mijn hemel, wat piept dat tuinhek. Koos moet het eens goed in de olie zetten. In de steeg hangt de geur van verrotting. Vlezige stengels hangen kriskras over het pad. Ik had die balsemienen niet toe moeten laten. De tijd dat de meisjes de zaaddozen lieten springen is allang voorbij.
    Hun fietsen staan tegen het tuinhuis. Ik dacht dat Juul pas na vieren uit was. Ze heeft toch klasje vandaag? Ze gingen met de Metamorphosen beginnen. Daar had ze zich zo op verheugd.
    Ik zet mijn mand op de keukentafel en haal de bollen eruit. De zakjes die het eerst de grond in moeten leg ik vooraan. Drie euro voor een zakje, veel te duur, maar vooruit, volgend jaar zijn ze met dubbel zoveel.
    De deur naar de woonkamer staat wijd open. Lage zon kleurt de bank diep oker. Boven de rugleuning komt een been uit, dan nog een. Malou. Languit ligt ze tussen de kussens, haar dunne benen zwaaien op en neer. Ze steekt haar hand op.
    ‘Hallo lieverd. Is Julia ook al thuis?’
    ‘Wat?’
    ‘Waar je zus is.’
    ‘Die is boven.’ Bauwven. Dat heeft ze van school, die o die klinkt als au, of van die vriendin van haar, die Sjim, die ergens in het centrum woont. Sjimmie, of Jimmie, wat is het? Een behoorlijk lastige naam voor later.
    Lou laat zich van de bank glijden. Ze heeft dat pestding op haar oren.
    ‘Hoe was het op school?’ vraag ik.
    ‘Goed.’
    Ze stort een half pak muisjes op een boterham en drukt de laag stevig aan.
    ‘De herfstmarkt bij Katuscha was enig,’ zeg ik. ‘Heel Schoonoord was er, en kwekerijen uit het hele land. De kramen stonden tot achter in de tuin. Ik sprak Elena nog, zij doet iets met fotografie tegenwoordig. Met haar dochters gaat het uitstekend.’
    Minachtende blik van Lou. ‘Die sukkels.’ Ze legt een tweede boterham op haar bordje, smeert er een dikke laag hazelnootpasta op.
    ‘Laat je ook iets over voor je zus?’
    Haar brede glimlach.
    ‘Mammie, jullie gingen toch naar een concert vanavond?’
    ‘Nee, schat, dinsdag pas.’
    ‘Mag ik uit?’
    ‘Nee, Malou. Je weet wat de afspraak is.’
    Ze werkt haar boterhammen naar binnen.
    Boven valt een deur dicht. Julia.
    ‘Waarom is Juultje zo vroeg?’ vraag ik.
    ‘Weet ik veel.’ Ze loopt de keuken uit.
    ‘Ik zal thee voor jullie zetten,’ roep ik. Het lichtje aansteken, mammies trommeltje met San Francisco’s vullen. De meisjes zijn er dol op.

[...]

 

© Sanneke van Hassel

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum