Leesfragment: Iemands lief

27 november 2015 , door Bart Moeyaert

Op dinsdag 19 maart verschijnt Niemands lief van Bart Moeyaert, met illustraties van Korneel Detailleur. Iemands lief is de persoonlijke bewerking van L’Histoire du Soldat (Ramuz/Stravinsky), geschreven op verzoek van violiste Janine Jansen, en hier uitgevoerd. Wij publiceren voor. 'Kop op en kin omhoog. Zo'n tijd was het. Wie doodging werd begraven. Wie een wond had werd verpleegd. Als je been eraf geschoten was mocht je huilen van de pijn, maar daarvan groeide niets weer aan. Dus hup. Cheer up. De oorlog was nog niet gedaan.'

'Benjamin Popov was gewoon iemands lief en iemands zoon.' Zo begint Bart Moeyaert de aangrijpende geschiedenis van een jonge soldaat die zijn viool ruilt tegen rijkdom, maar uiteindelijk zijn hart en zijn ziel verliest.

Op verzoek van violiste Jeanine Jansen schreef Moeyaert een nieuwe versie van L'Histoire du Soldat van Ramuz, waar Stravinsky's beroemde muziektheaterstuk is gebaseerd. Iemands lief werd één keer uitgevoerd, met Moeyaert als verteller, maar de tekst, indringend en en ontroerend zoals alleen Moeyaert die kan schrijven, vraagt als vanzelf om te worden gelezen en herlezen.

Korneel Detailleur voegt er zijn beelden aan toe - en zo is, geïnspireerd door de muziek, weer een geheel nieuwe compositie van taal en beeld ontstaan.

 

Het is waar wat wordt verteld.
Benjamin Popov was geen held.
Benjamin Popov was gewoon
iemands lief en iemands zoon.
Hij was moe.
Hij was echt ontzettend moe.

Net als je alles hebt gehad
ben je een vogel voor de kat.

*

Kop op en kin omhoog.
Zo'n tijd was het.
Wie doodging werd begraven.
Wie een wond had werd verpleegd.
Als je been eraf geschoten was
mocht je huilen van de pijn,
maar daarvan groeide niets weer aan.
Dus hup.
Cheer up.
De oorlog was nog niet gedaan.

Benjamin Popov bofte.
Hij mocht een halve maand naar huis.
Dat was niet langer dan twee weken,
maar het klonk beter.

Hij ging op weg
en keek niet om.
Het licht was vriendelijk,
zodat hij met het blote oog kon zien
waar in het veld
nog andere soldaten
onderweg naar huis
de moed erin hielden.
Ze stapten net als hij
onder de weidse lucht door.
Er hingen maar twee wolken in.
Vanuit het stof stegen
de droge stemmen op
van stappende soldaten:
we hebben dorst, dorst, dorst
en heimwee.

Meer nog dan naar water
snakken soldaten
naar hun moeder en hun vader,
naar de boter op het brood
die nergens beter smaakt
dan thuis.
En naar de hond.
Zal hij zitten wachten
bij het hek,
zoals het in de brieven stond?
Van één gedachte
schijnen soldaten bang te zijn.
Als die hen overvalt,
gaan ze gebogen lopen,
omdat hun hart dan
zwaarder weegt dan eerst.
De gedachte heeft er stenen
overheen geschoven.
De breedste kerels
zakken zuchtend
door hun benen.
Ze fluisteren:
'M'n lief, m'n lief,
wacht je nog steeds op mij?'
Tijdens windstille nachten
is dat de bries.

Op zoek naar troost
trekken ze
hun rugzak open.
Wat ze bezitten leggen ze
in hun schoot.
Veel is het nooit.
Een medaillon dat hen
voor het ergste behoedt.
Een doekje tegen het bloeden.
Een spiegel waar de glans af is.
Een schrift, onder de vlekken,
waarin de oorlog staat beschreven.
Een stukgelezen brief
bij een stukgezoende foto
van 's werelds mooiste meisje
met - dat valt nog af te wachten -
's werelds grootste geduld,
en tot slot: haar lievelingstrui. Lang is hij heerlijk
blijven ruiken,
maar op een keer
was de geur op.
Sindsdien slaat de gedachte toe
zodra hij kan.
Er is haast geen kruid
tegen gewassen.
Soldaten gaan ertegenin
door uit volle borst te zingen,
iets schels te fluiten,
of hun verlangen en verdriet
door hun harmonica
weg te blazen - als ze
een harmonica hebben.
M'n lief, m'n lief,
ik kom eraan.

Zowat alles wat
Benjamin Popov bezat
kostte niks.
Hij had een goed humeur,
een prettig karakter
en veel doorzettingsvermogen.
Verder stak in zijn rugzak
het voorspelbare:
het medaillon, het verband,
de spiegel en het schrift,
de stukgelezen brief
en de foto van z'n lief, z'n lief.
Een mondharmonica bezat hij niet,
maar onder in de zak
bewaarde hij,
gewikkeld in
de lievelingstrui die
lang naar bloemen had geroken
maar op een dag niet meer,
zijn viool uit Krakau.
Weinig waard.
Gekocht voor een habbekrats.
Zo klonk hij ook.
Habbekrats.
Maar als de snaren waren gestemd
wist Benjamin het lawaai
om te toveren in muziek
die voor hem uit het pad af liep.
Alsof de klank alvast
het goede nieuws bracht
van zijn thuiskomst.

Het duurde nooit lang
of zijn hart huppelde
erachteraan.

[...]

 

Copyright © 2013 Bart Moeyaert
Illustraties Copyright © Korneel Detailleur
Auteursportret Copyright © Diego Franssens

Uitgeverij  Querido

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum