De eerste zin: Jean-Marie Blas de Roblès' Middernachtsberg, vert. Karina v. Santen, Martine Vosmaer

04 augustus 2011
| | | | |

De alleenstaande Rose komt met haar zoontje Paul in een rustig flatgebouw in Lyon te wonen. Ze heeft niet door dat de andere bewoners haar buurman Bastien op afstand houden. Bastien is tegen zijn zin met pensioen gestuurd als conciërge van een jezuïetencollege en leeft bijna als een boeddhistische monnik. Paul en Bastien sluiten vriendschap. Later schrijft Paul er een roman over, en dan blijkt alles toch anders. Karina van Santen en Martine Vosmaer vertaalden Jean-Marie Blas de Roblès' Middernachtsberg (La Montagne de minuit), en wij vroegen hun de eerste zinnen toe te lichten.

C'était un jeune vieux monsieur, le gardien du lycée Saint-Luc, l'un de ces faux vieillards à visage d'enfant affublé d'une perruque et de trois ou quatre rides grossièrement maquillées autour des yeux. Les élèves l'appelaient Belette, les professeurs monsieur Lhermine.
Hij was een jeugdige oude heer, de conciërge van het Saint-Luc-lyceum, zo’n namaakbejaarde met een kindergezicht, voorzien van pruik en slordig geschminkte rimpels om de ogen. De leerlingen noemden hem de Wezel, de leraren bij zijn echte naam, Lhermine, de hermelijn.

De eerste zinnen van een boek zijn voor de vertaler altijd lastig. In de verschillende opeenvolgende versies van de vertaling wordt het eerste hoofdstuk misschien wel het vaakst veranderd, weer terug veranderd, gedraaid en bijgeslepen. En dan nog kan bij elke lezing het begin blijven haken.

In deze zinnen wordt de hoofdpersoon van het boek neergezet. Het venijn voor de vertalers zat hem in de Wezel. Het dwong ons zijn echte naam te vertalen, omdat de bijnaam anders onbegrijpelijk zou zijn voor de lezer. En het gebruik van noten, zeker op de eerste bladzij, is storend en eigenlijk taboe in een roman. De bijnaam komt verder niet voor in het boek, maar typeert wel hoe de leerlingen, hoe de buitenwereld, de oude man zagen: schichtig, bijna angstig. De alinea gaat dan ook verder met: ‘Een Lyonees die bij het meubilair hoorde.’

En hoewel we allengs meer over hem te weten komen, blijft Bastien Lhermine het hele boek min of meer een raadsel. Vooral wanneer blijkt dat wat hij over zichzelf vertelt niet strookt met de werkelijkheid. En daar gaat het boek ook over: in hoeverre mag een schrijver de geschiedenis vervalsen? Waar houdt de dichterlijke vrijheid op en begint opzettelijke misleiding? Opmerkelijk genoeg komt hetzelfde thema ook aan de orde in een ander boek dat onlangs is verschenen: De begraafplaats van Praag van Umberto Eco.

Hoewel het een klein boekje is, heeft Blas de Roblès, net als in zijn omvangrijke roman Waar de tijgers thuis zijn, het verhaal meerdere stemmen gegeven. Het verhaal over Bastien en Rose, een jonge vrouw die met haar zoontje Paul in het appartement onder hem woont, wordt vertelt door de inmiddels volwassen Paul, ontdekken we na een paar hoofdstukken. Zijn moeder Rose levert weer commentaar op zijn verhaal, en zij is ook degene die in de geschiedenis van Bastien duikt. Al deze draden hebben een eigen stem, een eigen toon, die ook in de vertaling te horen moest zijn.

Ook de titel van de roman vormde een probleem: hij bleek ontleend aan een bijbelcitaat uit Jesaja waarin gesproken wordt over ‘de berg van samenkomst aan de zijde van het noorden’. In de Franse Lutherbijbel is ‘de zijde van het noorden’ vertaald als ‘aux confins de Minuit’, ofwel de uiterste grens van Middernacht, in navolging van de Duitse Lutherbijbel, waar ‘in der fernsten Mitternacht’ staat. Maar ook in het Nederlands roept middernacht veel associaties op met licht en duister en kan de titel symbool staan voor de verlichting die zowel Bastien als Rose zoeken.

Karina van Santen en Martine Vosmaer vertaalden samen ook Blas de Roblès' Waar de tijgers thuis zijn en werk van Samuel Beckett, Mark Z. Danielewski, Louise Erdrich, Richard Ford, Catherine Millet, DBC Pierre en Salman Rushdie. Martine Vosmaer vertaalde solo werk van Umberto Eco en Cesare Pavese en Shakespeare voor het Amsterdamse Bostheater; Karina van Santen vertaalde ook boeken van Fay Weldon.

Auteursfoto © Michel Diedisheim

MINDBOOKSATH : athenaeum