De eerste zin van John Banvilles De onsterfelijken, vertaald door Arie Storm

29 januari 2011
| | |

Op een warme dag midden in de zomer komt het gezin Godley bijeen in hun huis in Arden, waar vader Adam boven op sterven ligt. Spanningen genoeg: het huwelijk van Adam jr. staat op springen, dochter Petra, kwetsbaar en getroebleerd, vindt alleen verlichting in haar eigen pijn, en de relatie tussen hun ouders is nog even slecht als vroeger. Ondertussen kijken de goden toe terwijl ze zich ongemerkt door dit huishouden verplaatsen. Arie Storm vertaalde John Banvilles The Infinities als De onsterfelijken en we vroegen hem zijn vertaling toe te lichten.

Of the things we fashioned for them that they might be comforted, dawn is the one that works.
Van alle zaken die we voor hen hebben ontworpen opdat ze zich op hun gemak zouden voelen, is het ochtendgloren het succesnummer.

Dat is de eerste zin van de roman The Infinities van John Banville, en de eerste zin van de vertaling, De onsterfelijken. Dat ‘succesnummer’ is het belangrijkste woord in de vertaling van deze zin. De verteller wordt meteen als een soort artiest neergezet, iemand die optreedt en kunsten vertoont, iemand die van het leven een verhaal maakt, een verhaal dat amusant is en dat succes heeft.

Dat is inderdaad de toon en de geesteshouding die ik nodig had voor deze verteller. Die stelt zich enkele bladzijden verder zelf voor: ‘Want ik ben Hermes, zoon van die oude Zeus en Maja, de bergnimf.’ Hij is vlot, nieuwsgierig, grappig, gemeen, levendig, dol op details en ijdel. Kort samengevat: hij is me er eentje. Hij is een verteller naar wie je uren en uren wilt luisteren, in elk geval in het Engels, en als de vertaler het goed heeft gedaan ook in het Nederlands.

Ik ben schrijver, recensent (ik bespreek boeken in Het Parool en bij de TROS Nieuwsshow) en ik ben dus ook vertaler. Ik vertaal uitsluitend boeken die erg leuk zijn om te vertalen. Tot nu toe waren dat romans van H.G. Wells, Peter Ackroyd, Verlyn Klinkenborg en Benjamin Black. Benjamin Black is het thrillerpseudoniem van John Banville. Tijdens het vertalen van The Infinities was ik ook bezig met mijn derde Black-vertaling: De zwaan van Dublin (The Silver Swan).

Ik beleef aan dat vertalen enorm veel plezier. Het is een aangename vorm van langzaam lezen waardoor je de kans krijgt alles heel goed voor je te zien. Tegelijkertijd moet je dóór, want er zijn deadlines afgesproken. Maar dat zorgt juist voor een prettig gevoel van turbulentie. Voor mij draagt schrijven bij aan het gevoel dat ik leef, écht leef, en vertalen heeft datzelfde effect. Zeker als het zo’n geweldige en beeldende auteur als Banville betreft — als Benjamin Black vind ik hem trouwens nauwelijks minder.

Ik herinner me goed dat ik aan mijn eerste vertaling zat te werken. Dat was The War of the Worlds (de titel is in het Nederlands onveranderd gebleven) van Wells. In die roman wordt ook enkele malen een ochtendgloren beschreven. Bijna magisch is het moment als zaken uit de vertaling samen lijken te vallen met de dingen die je op hetzelfde moment zelf ook ziet. In de roman merkt de broer van de verteller op een gegeven moment de eerste gevolgen van de invasie van de Marsbewoners op. Dat gaat als volgt:

‘Niet in staat via zijn raam erachter te komen wat er gebeurde, ging mijn broer naar beneden en de straat op, precies op het moment dat de lucht tussen de muren van de huizen in het vroege ochtendgloren roze kleurde. Het aantal vluchtende mensen, lopend en in voertuigen, groeide snel.’

Het gebeurde in Londen. In Amsterdam ging ik na het vertalen van deze zinnen in de vroege ochtend even voor mijn raam staan en ik meende de mensenmassa voorbij te zien komen.

Die momenten heb ik met het vertalen van The Infinities ook vaak gehad. De gebeurtenissen spelen zich voor een groot gedeelte in één huis af. Gaandeweg het vertalen werd dat mijn eigen huis. Je hoort wel eens zeggen dat vertalers zich vereenzelvigen met de schrijver. Maar als het goed is, werkt het anders. Vertalers vereenzelvigen zich met het boek. Ze gaan erin wonen en de wereld om hen heen verdwijnt in het boek dat wordt vertaald. Het is eigenlijk net als met schrijven. Steeds dichter kom je bij het leven — door het zo veel mogelijk buiten de deur te houden.

Arie Storm vertaalde eerder werk van H.G. Wells, Peter Ackroyd, Verlyn Klinkenborg en Benjamin Black.

Foto © Meulenhoff

Delen op

€ 12,50
MINDBOOKSATH : athenaeum