De eerste zin van Ignatius, Graan van God, vertaald door Vincent Hunink

03 november 2011
| | | | |

Geëxalteerde brieven in het Grieks van een vroegchristelijke martelaar-in-spe uit het jaar 100: veel vreemder kan het nauwelijks. Qua leefwereld, gedachtegoed en taal staan de teksten van Ignatius van Antiochië mijlenver ver van ons af. Vincent Hunink vertaalde de brieven van Ignatius onder de titel Graan van God en licht zijn vertaling toe.

Waarom dan toch deze brieven vertalen? Misschien wel vooral vanwege uitzinnige passages zoals de volgende:

‘Vuur en kruis en hordes wilde beesten en verminking, vierendeling, botten-versplintering, amputaties en vermaling van heel mijn lijf, de boze folteringen van de duivel: kom maar over mij heen! Zolang ik Jezus Christus maar bereik. De grenzen van de kosmos, de koninkrijken van de wereld hier, ze zeggen mij niets. Voor mij is het prachtig te sterven in Jezus Christus: liever dat dan heersen over de grenzen van de aarde. Hem zoek ik, voor ons is Hij gestorven; Hem wil ik, voor ons is Hij opgestaan. Mijn barensweeën zijn aanstaande.’

Hiernaast verbleken veel hedendaagse vrome teksten! De brieven van Ignatius zijn adembenemend in hun extremisme, in hun geloofsijver, hun volledige overgave aan de goede zaak. De auteur wil niets liever dan sterven voor Christus. Hij wil 'graan van God' worden, vermalen door de kaken van leeuwen en tijgers in de arena:

‘Ik hoop dat ik mag genieten van de wilde beesten die voor mij zijn klaargezet. En ik bid dat ze mij vlug zullen aanpakken. Ja, ik zal ze vleien dat ze mij vlug verorberen, niet zoals bij sommige anderen, die zij niet durfden aan te raken. En willen ze dit niet uit eigen beweging, dan zal ik ze dwingen!’

Natuurlijk, de brieven geven ook een aardig kijkje in het leven van de vroege, nog nauwelijks georganiseerde kerk. En ze laten iets zien van de aanzetten van de christelijke theologie van kort na de bijbel. Maar het is toch hun bizarre lyriek die de grootste aantrekkingskracht ervan vormt. En die tevens de grootste uitdaging vormde voor de vertaler.

Maar de eerste zin? Die was nu eens een keer geen serieus probleem. Want de eerste zin van de eerste brief van Ignatius is niets meer dan een uitvoerige adressering:


'Van Ignatius, ook wel Theofoor genaamd, aan de gemeente die gezegend is in Gods grootheid en volheid en die voor alle eeuwen is voorbestemd voor blijvend duurzame en onveranderlijke roem, verenigd en uitverkoren in het ware Lijden door de wil van de Vader en Jezus Christus, onze God: de met recht gelukzalige kerk te Efese (Klein-Azië). Hartelijke groeten in Jezus Christus en in onberispelijke vreugde!'

Vincent Hunink is als docent Klassiek Latijn en Vroegchristelijk Grieks en Latijn verbonden aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Sinds 1992 zijn al vele vertalingen van zijn hand verschenen van Augustinus, Bernardus van Clairvaux en Anselmus van Canterbury - om maar zijn vroegchristelijke vertalingen te nemen. In 2010 was op deze website een interview met hem te lezen over zijn vertaling van Tacitus’ Historiën. In 2011 won Hunink de vertalersprijs van het Nederlands Letterenfonds.

MINDBOOKSATH : athenaeum