De eerste zin van Patrik Ouredník, Het geschikte moment 1855, vertaald door Edgar de Bruin

11 november 2013
| | |

Kan de mens werkelijk vrij zijn? Ja, althans volgens de (brief)schrijver in een relaas tegenover een vroegere geliefde. Hij ontvouwt theorieën, geschraagd door vermakelijke argumentaties, waar ogenschijnlijk geen speld tussen valt te krijgen. De praktijk blijkt echter weerbarstiger als een bont gezelschap van anarchisten, communisten, revolutionairen en gelukszoekers uit diverse delen van Europa half negentiende eeuw per schip koers zetten naar Brazilië om de vrije kolonie Fraternitas te stichten. Uit het droogkomische, onbeholpen dagboek van een van de reizigers blijkt dat het echter al tijdens de zeereis misgaat. Met de vele nationaliteiten aan boord wordt het schip een zeilende toren van Babel en als men in de kolonie aankomt breekt er complete anarchie uit.

Sinds 1984 woont en werkt Patrik Ouredník (1957) in Parijs. Hij is de meest vertaalde Tsjechische schrijver van de laatste twintig jaar en zijn internationale succes is vooral te danken aan het boek Europeana – zijn eigenzinnige kijk op de geschiedenis van de twintigste eeuw – dat inmiddels al in meer dan 25 talen, inclusief in het Nederlands, is verschenen. Ouredník is een veelzijdig auteur; naast diverse romans heeft hij meerdere toneelstukken en essayistische werken op zijn naam staan. Tevens is hij de samensteller van een een kleine vijfhonderd pagina’s tellend Tsjechisch bargoens woordenboek. Behalve schrijver is Ouredník ook vertaler. Hij heeft onder meer werken van Boris Vian, François Rabelais, Samuel Beckett in het Tsjechisch vertaald. We vroegen Ouredníks vertaler Edgar de Bruin de eerste zin van Het geschikte moment, 1855 toe te lichten.

Madam, jakkoli silná je má nechut nad myšlenkou podrizovat se po tolika letech Vašemu rozmaru, nenašel jsem v sobe odvahu se mu vzeprít, a nezbývá mi, než se podvolit, byt tak ciním na úkor své povesti. Tsjechisch origineel van de eerste zin van Patrik Ouredníks Het geschikte moment, 1855, vertaald door Edgar de Bruin
Madame, hoe sterk mijn afkeer ook is bij de gedachte om na zo veel jaren aan uw caprice toe te geven, heb ik niet de moed kunnen vinden me ertegen te verzetten, en er rest mij niets anders dan me ernaar te schikken, ofschoon dit ten koste gaat van mijn reputatie.

Ouredník laat er geen misverstand over bestaan dat hier een welbespraakte man aan het woord is. Zijn taalgebruik is verzorgd, archaïsch, bloemrijk en de toon is licht gedragen. Alles bij elkaar bij vlagen bijzonder geestig, want Ouredník is namelijk een meester van de milde ironie. Als vertaler moet je daar allemaal rekening mee houden. Je bouwt mooie volzinnen en je past het vocabulaire aan. Zo heb ik in de eerste zin bijvoorbeeld bewust gekozen voor het ouderwetse ‘caprice’ in plaats van het meer gangbare ‘gril’. Of zet ik ‘ofschoon’ neer, waar je anders, in een moderne tekst, eerder ‘hoewel’ of ‘al’ (al gaat dit…) zou gebruiken.

Het taalgebruik in het tweede deel van het boek, de dagboeknotities van een kolonist, staat daarmee sterk in contrast, hoewel de droge humor en het meesterlijke spel met een specifiek taalregister ook hier blijft behouden. Hier is beslist geen groot stilist aan het woord en dat vindt zijn weerslag bijvoorbeeld in vaste, regelmatig herhaalde zinsconstructies van het type: ‘Hij zei dat…’ of ‘Volgens hem…’ Deze manier van vertellen zit ook in Europeana met zijn hypnotiserende, bijkans monotone ritme. Je moet dan als vertaler de, bijna natuurlijke, aanvechting onderdrukken om te gaan variëren, want daarmee zou je de intentie van de auteur verstoren.

Ouredník geeft de vertaler weinig ruimte. Hij formuleert heel precies, over elk detail is nagedacht. Je moet dan ook bij het vertalen gedisciplineerd te werk gaan, terwijl je bij andere vertalingen vaak wat vrijer bent. Ouredník staat daarmee eigenlijk in de Franse traditie – niet voor niets heeft hij de befaamde Exercices de style van Raymond Queneau in het Tsjechisch vertaald.

Je zou kunnen zeggen dat het niet zozeer belangrijk is wát je vertelt, maar hóe je het vertelt. Net zo goed als hij de vertelling deconstrueert door vier, steeds korter wordende, versies van de laatste periode uit het dagboek te presenteren, zo buit hij alle mogelijkheden van de taal uit, jongleert ermee en bekijkt het van alle kanten. Een goed voorbeeld hiervan is zijn Poem for Pavlínka Kalivodová, in de Engelse vertaling van Alex Zucker. Of bekijk hem via YouTube.

Edgar de Bruin vertaalt uit het Tsjechisch. Eerder vertaalde hij werk van Josef Škvorecký, Jáchym Topol, Zuzana Brabcová, Daniela Hodrová, Kveta Legátová, Karol Sidon, Michal Viewegh en Tomáš Zmeškal. Voor zijn zijn vertaling Spoelen met teerzeep van Jáchym Topol kreeg hij de Aleida Schot-prijs.

MINDBOOKSATH : athenaeum