De eerste zinnen van Silvia Tennenbaum, De Wertheims, vertaald door E. van Beest en J. Ruitenberg

31 mei 2013
| | | | |

De Wertheims (Yesterday's Streets) vertelt het verhaal van de welgestelde Joodse familie Wertheim, die volop deelneemt aan het bruisende culturele leven van Frankfurt, begin vorige eeuw. Ze leven volgens hun eigen principes. Zo wordt Kerstmis elk jaar uitgebreid gevierd, ondanks de bedenkingen van sommige aangetrouwde familieleden. Edu, jongste van de vijf broers, bankier en kunstverzamelaar, neemt na de dood van zijn vader de rol van pater familias op zich. ‘De Joden zijn als ieder ander,’ vindt hij, ‘en zo niet, dan zouden ze het moeten worden.’ Hij is de spil van de familie en ontfermt zich over zijn nichtjes, Lene en Emma.

Tegen de achtergrond van het snel veranderende Duitsland zoekt de nieuwe generatie naar liefde en geluk. Maar als Hitler aan de macht komt valt de familie uiteen. Edu vertrekt naar Zwitserland, andere familieleden wijken uit naar Italië, Parijs, Amsterdam en Amerika. Niet alle Wertheims weten echter aan de nazi’s te ontsnappen.

De Wertheims is de monumentale tweede roman van Silvia Tennenbaum. Wij vroegen Emmy van Beest en Josephine Ruitenberg om een toelichting bij hun vertaling van het werk.

Eduard Wertheim thought all babies ugly and never failed to pass this information on to their mothers. When he entered his sister-in-law’s sitting room on a ravishing spring day to have his first look at Helene, nestled in Caroline Wertheim’s arms, he cried, “My God! She looks like an angry aborigine!”
Eduard Wertheim vond alle baby’s lelijk en liet nooit na hun moeder dat mede te delen. Toen hij op een schitterende lentedag de zitkamer van zijn schoonzus binnenstapte om te komen kijken naar Helene, die behaaglijk in de armen van Caroline Wertheim lag, riep hij uit: ‘God, ze lijkt wel een boze inboorling!’

Het is geen toeval dat het boek opent met de naam Eduard Wertheim. Zou je in deze wijd uitwaaierende familieroman een hoofdpersoon willen aanwijzen, dan is dat deze Edu. De toon van de eerste alinea is enigszins vormelijk en licht ironisch, eigenschappen die kenmerkend zijn voor zijn personage. Daardoor krijgen we meteen al een beeld van hem. Ook zorgen de eerste zinnen ervoor dat we in één klap midden in het verhaal zitten.

De familiegeschiedenis ontrolt zich van 1903 tot 1945 en wordt chronologisch verteld, wat betekent dat het eerste hoofdstuk in 1903 speelt. De formulering van de eerste zin, met name ‘and never failed to pass this information on to their mothers’, is ietwat formeel en past niet alleen bij het personage dat wordt beschreven maar ook bij de tijd waarin de gebeurtenissen zich afspelen. Daarom hebben we gekozen voor de vertaling ‘mede te delen’ en niet voor het gewonere ‘vertellen’. Ook bij de vertaling van de rest van het boek hebben we rekening gehouden met de tijd waarin het speelt door erop te letten geen al te hedendaagse woorden en formuleringen te gebruiken. Soms hebben we een woord opgezocht in de DBNL, de Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren, om te controleren of het in die periode al werd gebruikt en niet te ‘modern’ was.

Letterlijk staat er in het Engels natuurlijk ‘en liet nooit na hun moeders dat mede te delen’, maar in het Nederlands klinkt dat een beetje alsof de baby’s in kwestie meerdere moeders hebben, die deze onvriendelijke mededeling van Edu allemaal tegelijk te horen krijgen. Dat is een verschil tussen het Engels en het Nederlands dat je als vertaler vaker tegenkomt. Zo is ‘de mannen bogen hun hoofd’ de juiste vertaling van ‘the men bowed their heads’. Bij ‘de mannen bogen hun hoofden’ krijgen wij een beeld van mannen met minstens twee hoofden.

Letterlijk vertalen werkt trouwens meestal niet goed. We hebben to have his first look at Helene’ dan ook niet letterlijk vertaald met ‘om zijn eerste blik op Helene te werpen’ en ook niet met ‘om Helene voor het eerst te zien’. Dat klinkt allebei onnatuurlijk en omslachtig. Daarom is het geworden: ‘om te komen kijken naar Helene’. Dat het de eerste keer is dat hij haar ziet, kan de Nederlandse lezer opmaken uit de combinatie van ‘komen kijken’ en zijn verraste uitroep die volgt. Bijkomend voordeel is dat we ‘Helene’ op deze manier aan het einde van dit zinsdeel kunnen zetten, zodat de volgende bijzin er netjes bij aansluit.

‘She looks like an angry aborigine!’ Tja, dit is duidelijk niet vleiend bedoeld. Ons woord ‘inboorling’ is niet erg politiek correct, maar dat komt hier wel goed uit. In 1903 bekommerde men zich nog niet om politieke correctheid. Hoewel we de alliteratie (angry aborigine) kwijtraakten, wordt dat enigszins gecompenseerd door de klankherhaling in ‘boze inboorling’.

Voor de vertaling van dit boek moesten we veel opzoeken over de Duitse geschiedenis en de moderne kunst uit die tijd. Welk schilderij van Matisse wordt er bijvoorbeeld bedoeld als Edu in hoofdstuk 4 vol trots zijn nieuwste aanwinst aan zijn nichtjes Lene en Emma laat zien? Hij heeft het over een ‘blue vase’, maar Lene noemt het ‘the pot’. Is het dan een vaas of een bloempot? Dat kun je alleen met zekerheid vaststellen als je weet over welk schilderij het gaat. Met zulke puzzeltjes hebben we ons intensief beziggehouden. Door de interessante historische achtergrond, de veelheid aan karakters en de levendige dialogen is dit een rijk boek, om te lezen en om te vertalen. We hebben er zelf in elk geval veel van geleerd.

Emmy van Beest en Josephine Ruitenberg vertaalden ieder afzonderlijk tientallen boeken. Sinds 2007 hebben ze daarnaast samengewerkt aan vertalingen van Neil Gaiman, Monica Ali en Alice Hoffman.

Een uitgebreidere toelichting op de vertaling is te lezen op Boekvertalers.nl.

Delen op

€ 10,00
€ 8,99
MINDBOOKSATH : athenaeum