Bij het vertalen van The Girls van Emma Cline

28 juni 2016
| | | | |

Emma Clines De meisjes (The Girls) is een van de Athenaeum Zomerboeken - ook voor Athenaeum Roeterseiland. Tjadine Stheeman vertaalde de roman en wij vroegen haar om haar werk toe te lichten. Over de gulden middenweg bij letterlijk vertalen, twee stemmen, substantivering en het ritme van de openingszin.

Het adagium tijdens mijn studie was ‘vertalen wat er staat’. Nauwkeurig en precies vertalen, naar de letter.  Daar werd voortdurend op gehamerd. Vooral niet zelf de schrijver gaan uithangen. De vertaler moet onzichtbaar zijn, op geen enkele manier mag hij zijn eigen stem met die van de auteur mengen. Niks ‘een beetje van jezelf en een beetje van Maggi’. Mag-nie!

In de loop der jaren, zoveel vertalingen en zoveel ervaringen wijzer, blijkt naar de letter vertalen schoolse, schier onleesbare boeken op te leveren. Er zijn wel auteurs (bijvoorbeeld Jonathan Safran Foer of Margaret Atwood) die zo helder en transparant schrijven dat een letterlijke vertaling al bijna (met de nadruk op ‘bijna’) een coherente tekst oplevert, maar dit was proza dat zich niet letterlijk zou laten vertalen maar waar ik iets mee moest dóén. En als je dat als vertaler niet durft, als je bang bent je eigen stem te laten horen, wordt de te vertalen tekst een dwangbuis in plaats van een comfortabel zittende jas.

Het gekke is dat er voor het vertalen van poëzie andere regels gelden. Daar móét de vertaler durven, interpreteren, afwijken. In een vertaald gedicht mag de stem van de vertaler meeklinken, soms zacht, soms luid en duidelijk. Ik zou ervoor willen pleiten dat dat ook meer met prozavertalingen gebeurt. Wat natuurlijk niet wil zeggen dat het oorspronkelijke boek niet meer in de vertaling te herkennen is of dat de vertaling het origineel in de berm duwt. Er is ook nog zoiets als de gulden middenweg.

Twee stemmen

Deze lange inleiding is ook een beetje bedoeld als een vorm van indekken. Toen ik van uitgeverij Lebowski begin dit jaar de roman The Girls van de 27-jarige Emma Cline - op haar enorme succes in de VS en haar miljoenendeal zal ik hier niet verder ingaan - ter vertaling kreeg aangeboden, zag ik direct dat dit geen boek was dat zich letterlijk zou laten vertalen. De titel was geen probleem. Die kon De meisjes blijven. Het zijn de meisjes die om de duistere sekteleider, Russell, heen cirkelen en het is het meisje, Evie, de veertienjarige hoofdpersoon, die in 1969 een zomer lang in de ban raakt van Russell en vooral van een van zijn volgelingen, Suzanne.

Het boek kent twee stemmen: die van de oudere Evie die terugkijkt op de levensbepalende gebeurtenissen van toen en die van de jongere Evie, het dwalende meisje. En terloops komen er ook nog allerlei bespiegelingen en terzijdes voorbij. De stem van de oudere Evie is meer van de grijstonen, die van de jongere vooral van de heftige kleurexplosies. Maar het hele boek door is vooral de stem van Emma Cline zelf aanwezig. Lapidair, springerig, poëtisch en cryptisch. Met uitzondering van de dialogen, die zijn helder als glas. Cline heeft een voorkeur voor substantivering – ‘the crawl of the waves’, ‘het woelen van de golven’/‘the fragility of the deception’, ‘de doorzichtigheid van het bedrog’ enzovoort – dat niet altijd gehandhaafd kon worden, dus omwille van de leesbaarheid heb ik van het zelfstandig naamwoord soms een adjectief gemaakt.

Wikken en wegen

Er zijn heel wat zinnen geweest waar ik langdurig naar heb zitten staren en op heb zitten broeden. Zoals ‘His breaths like the beads of a rosary, each in and out a comfort’, wanneer Evie naar een slapende jongen kijkt op wie ze een beetje verliefd is. In het Nederlands kun je ademen, je hebt ademhaling, maar voor de lucht die je inhaleert en uitademt heb je niet echt een goed woord. Ademtocht of ademstoot, ja, maar doe toch maar niet. Ik heb er uiteindelijk van gemaakt: ‘Zijn ademhaling was als de kralen van een gebedssnoer, elke zucht een geruststelling.’

Een andere zin: ‘They were a constant couple, porous of each other.’ Op het tweede gedeelte heb ik ook een paar uur zitten turen. Het is geworden: ‘Ze hadden vaste verkering (alliteratie behouden!), twee communicerende vaten.’

De openingszin heb ik pas als laatste vertaald. Niet omdat hij zo moeilijk was – ‘I looked up because of the laughter, and kept looking because of the girls’ – maar omdat ik hem niet adequaat met behoud van herhaling en/of ritme wist te vertalen. Veel geprobeerd: ‘Ik keek op vanwege het gelach en bleef kijken vanwege de meisjes’... nee, ambtenarentaal. ‘Doordat ik gelach hoorde’... nee. ‘Ik keek op omdat ik gelach hoorde en bleef kijken vanwege de meisjes’, nee, dan sneuvelt de herhaling. ‘Gelach deed me opkijken en door de meisjes bleef ik kijken’... nee, dat wordt 'm ook niet. Uiteindelijk, vlak voor ik moest inleveren, heb ik er iets heel anders van gemaakt. Mijn meest gedurfde zin uit het hele boek: ‘Ik hoorde gelach en keek op, ik zag de meisjes en bleef kijken.’ Er zit ritme in en herhaling, en het is simpel. Het is niet vertalen naar de letter maar wel naar de geest.

Tjadine Stheeman vertaalde eerder, solo of in samenwerking met Gerda Baardman, Onno Voorhoeve of anderen, werk van Margaret Atwood, T.C. Boyle, Alain de Botton, Michael Chabon, Jennifer Egan, Bret Easton Ellis, Helen Fielding, Jonathan Safran Foer, Amanda Hodgkinson, Yann Martel en Tom Rachman.

MINDBOOKSATH : athenaeum