Titels en namen in Menselijke voorwaarden van Junpei Gomikawa, vertaald door Jacques Westerhoven

14 juni 2018
| | | |

Jacques Westerhoven vertaalde Junpei Gomikawa's grote Japanse roman Menselijke voorwaarden. Wij vroegen hem zijn vertaling toe te lichten. Over de titel, voorwaarden en omstandigheden, namen en pseudoniemen.

Je hebt een vertaling van een half miljoen woorden. De roman speelt in Mantsjoerije tijdens de laatste jaren van de oorlog en bevat grafische beschrijvingen van elektrocuties, onthoofdingen, folteringen, langzame verhongering, en andere kwellingen die een mens zich eigenlijk niet kan voorstellen, maar deze schrijver wel omdat hij het zelf allemaal heeft meegemaakt.

Het boek leest als een trein. De eerste uitgever die de moeite neemt het manuscript eens goed aan te kijken bevestigt dat, want die wacht niet eens tot je (op zijn verzoek) een paar hoofdstukken van het klad hebt kunnen herschrijven maar stuurt je opeens een mail: ‘We doen dit boek!’

Nadat de eerste euforie is gezakt, worden er spijkers met koppen geslagen. De rechten worden geregeld (een verhaal apart), alle aangevraagde subsidies worden verkregen en blijken een druppel op een gloeiende plaat (maar ook daar vinden we iets op), het formaat wordt bepaald, en zo komen we bij de prijs. Die blijkt er niet om te liegen, maar wat wil je, bij een boek van zo’n lengte, een trilogie eigenlijk? Had het nou maar een mooie titel, dan verkocht het wel…

De eerste zin van het voorwoord…

Want eerlijk is eerlijk, als dit boek Massamoord in Mantsjoerije had geheten, of Harakiri in hoogzomer, had ik zelfs voor een peperdure dikke pil van een in het Westen totaal onbekende Japanse schrijver betere verkoopcijfers verwacht. Wat bezielde me dus om geen gebruik te maken van de vrijheid die elke vertaler heeft om iets aan de oorspronkelijke titel te doen?

Het probleem zit hem in de eerste regel van het voorwoord van de auteur: ‘Ik kreeg het briljante idee te willen bestuderen of iemand onder bepaalde voorwaarden nog wel mens kan zijn.’ Het woord dat hij gebruikt voor ‘voorwaarden’ is jōken, en al komt de betekenis daarvan in bepaalde contexten heel dicht bij die van ‘omstandigheden’, elk Japans woordenboek dat ik heb geraadpleegd geeft een definitie die alleen kan worden vertaald als ‘voorwaarde’. ‘Omstandigheid’ is jōkyō en ‘staat, gesteldheid’ jōtai of jijō, om maar eens een paar synoniemen te noemen. Waaruit mag blijken dat het Japans verscheidene manieren heeft om ‘omstandigheden’ en ‘gesteldheid’ uit te drukken, maar vrij weinig voor ‘voorwaarde’. Aan ‘voorwaarde’ zat ik dus vast.

… én de Japanse titel      

Mijn tweede probleem is dat die openingszin de titel van de hele trilogie bevatte. Wat ik heb vertaald als ‘(of) iemand onder bepaalde voorwaarden nog wel mens (kan zijn)’ staat er in het Japans heel eenvoudig als aru kyokumen de no ningen no jōken. Het zijn de woorden waarmee het boek opent, en ningen no jōken – voorwaarden van/voor een mens – is de Japanse titel.

Nu zei ik daarnet wel dat een vertaler de vrijheid heeft om een titel te veranderen, maar de vlag moet de lading natuurlijk wel dekken en de bedoeling van de auteur dient altijd gerespecteerd te worden. Na alle zes boeken waarin de trilogie is onderverdeeld te hebben vertaald, had ik van die bedoeling een beter idee. De hoofdpersoon, Kaji, begint als een kantoorwerker met hoogstaande humanitaire principes maar ontwikkelt zich langzaam maar zeker tot een militair die er niet voor terugdeinst om mensen die hem in de weg staan om het leven te brengen. Na elke moord die hij begaat, lijdt hij echter aan zware gewetenswroeging. Met andere woorden, Kaji probeert tot het allerlaatst mens te blijven, en de vraag die de lezer moet beantwoorden is of hem dat is gelukt. Dat was voor mij voldoende reden om de Japanse titel Ningen no jōken te behouden.

Misleidend? Voordeel.    

De vraag was nu: hoe vertaal ik die? In de context van het boek zouden die drie woorden eigenlijk moeten worden vertaald als ‘de morele voorwaarden waaraan iemand moet voldoen om nog mens te mogen worden genoemd’, maar als titel is dat natuurlijk waanzin. Menselijke voorwaarden is daarom een krampachtige poging – een wanhopige zelfs – om dat allemaal in twee woorden samen te vatten. Qua titel is dit enigszins misleidend, want wie niet van de voorgeschiedenis op de hoogte is, zou ‘menselijke’ kunnen interpreteren als ‘menswaardige’, vooral in de passages die in de mijn spelen, maar ik beschouw deze ambiguïteit eerder als een voor- dan een nadeel.

Mijn vertaling van de titel levert in elk geval een veel concreter, gerichter resultaat op dan de Engelse titel van de meesterlijke film die Masaki Kobayashi tussen 1959 en 1961 van het boek heeft gemaakt. Die luidt namelijk The Human Condition, waarbij ik me altijd moet afvragen of de vertaler werkelijk zo’n pessimistische kijk op de mensheid heeft. Die is in de roman namelijk afwezig. Kaji sterft als mens, dat maakt het allerlaatste woord van dit vuistdikke boek wel duidelijk.       

Woordspelige namen

Wat een vertaler zelden of nooit tot uitdrukking kan brengen is de symboliek van persoonsnamen, tenzij het gaat om boeken waarin zulke namen een uitgesproken betekenis hebben, zoals achttiende-eeuwse zedenromans. Dan moet je ze bijna vertalen. Maar bij Japanse romans lezen buitenlandse lezers meestal over de betekenis heen – tenzij ze toevallig Chinees zijn, natuurlijk, en zelfs dan moet je het maar afwachten. Zo zullen weinig Nederlanders opmerken dat de naam van de derde zuster van de familie Makioka, Yukiko, eigenlijk ‘Sneeuwdochter’ luidt, waardoor de titel van de roman Sasame yuki een woordspeling wordt. Ik heb hem vertaald als Stille sneeuwval, maar dezelfde woorden zouden ook kunnen worden gelezen als Tengere Yuki.

In dit geval levert deze wetenschap weinig meerwaarde op, dus ik verwijs er in mijn nawoord slechts terloops naar, maar in Menselijke voorwaarden komen namen voor die wel degelijk een diepere betekenis lijken te hebben voor de interpretatie van de roman, al lezen in dit geval zelfs Japanse lezers eroverheen. Het wordt even technisch, maar ik zal het zo eenvoudig mogelijk proberen te houden.

De houtradicaal en de goede en slechte zelf

De naam van de auteur, Junpei Gomikawa, is een pseudoniem. De man heette eigenlijk Shigeru Kurita, en Kurita schrijf je met de karakters 栗田 (kastanje-rijstveld). De hoofdpersoon van de roman heet Kaji (梶, wrikriem). Oplettende lezers zullen hebben vastgesteld dat het onderste element van 栗 (kastanje) en het linkse van 梶 (wrikriem) op elkaar lijken, en dat klopt want dat is de houtradicaal: 木, een gestileerde boom. Een kastanje is immers een boom, en een wrikriem (een veredeld soort roeispaan) is gemaakt van hout.

Vanwege het grote autobiografische karakter van de roman ligt het voor de hand de figuur Kaji te identificeren met Gomikawa/Kurita, en van Kaji naar Kuri scheelt het maar twee letters. Dit is echter iets wat weinig Japanse lezers zal zijn opgevallen omdat ook nu nog bijna niemand weet dat Gomikawa’s echte naam Kurita was. Daarom heeft waarschijnlijk geen enkele Japanse lezer het volgende opgemerkt: in het derde deel van de roman, De weg naar huis, komt een korporaal ten tonele die Kirihara heet. Kirihara wordt geschreven als 桐原 (paulownia-veld). Alweer de houtradicaal, de kuri (kastanje) wordt een kiri (paulownia), een verschil van maar één letter, en het rijstveld wordt een gewoon veld (zoals in ‘bos en veld’).

Kirihara blijkt de grootste schurk van het verhaal, een nihilist die geen enkel respect heeft voor welke morele normen en waarden dan ook: ‘Als je de oorlog hebt verloren doe je gewoon waar je zin in hebt. Je weet maar nooit wanneer je opeens een kogel door je kop krijgt, dus elke kans om eens lekker te raggen pak je met beide handen aan. Want weet jij waar we heen gaan en wat ons te daar allemaal te wachten staat? Elke dag is er een, en die moet je leven alsof het je laatste is.’ Op het eind blijkt Kirihara verantwoordelijk voor de dood van een van Kaji’s protegés, en in een passage die ik met ongelofelijk genoegen heb vertaald, slaat Kaji Kirihara tot moes en stopt hij hem met zijn hoofd in het strontgat van een latrine. Dit is de enige moord waarvoor hij zich niet schuldig voelt. Hoeveel lezers zullen het oneens met hem zijn?

Maar wanneer Kaji/Kurita het morele monster Kirihara in de stront smoort, is dat niet de symbolische afrekening van de auteur met zijn eigen negatieve zelf – de twijfels waaraan hij beslist moet hebben geleden, de verleidingen waaraan hij ongetwijfeld blootstond en misschien meer dan eens heeft toegegeven? Ik kan het niet bewijzen, maar ik vermoed het wel heel sterk.

Menselijke voorwaarden wordt vaak een oorlogsroman genoemd, maar als je goed leest, zie je dat de oorlog welgeteld maar 130 van de 1385 bladzijden in beslag neemt. Het is eerder een roman over hoe mensen zich gedragen onder de spanning van voor en na een oorlog, en aan wat voor voorwaarden ze moeten voldoen om dan nog mens te mogen worden genoemd. Eigenlijk ben ik over die titel best tevreden.

Jacques Westerhoven woont en werkt al meer dan veertig jaar in Japan. Hij vertaalde van Haruki Murakami onder andere 1q84, De opwindvogelkronieken, Kafka op het strand en Kangoeroecorrespondentie [lees zijn toelichting bij de vertaling], en werk van Junichiro Tanizaki en Yasushi Inoue.

Delen op

MINDBOOKSATH : athenaeum