Daan Heerma van Voss, Piet de Rooy & Ewoud Kieft (het recensieoverzicht van de week van 27 mei 2020)

02 juni 2020
| | | | | | | | | | | |

Onze wekelijkse samenvatting van de recensies in kranten en tijdschriften met deze week onder meer aandacht voor Daan Heerma van Voss en verder: Lionel Shriver, Philippe Sands, Joan Didion (Trouw), Kim Faber en Janni Pedersen, Gerda Blees, Mark Kurlansky (de Volkskrant), Sana Valiulina, Gerbrand Bakker, Madhuri Vijay (Het Parool), Rob de Wijk, Eva Meijer, Delphine Horvilleur (de Nederlandse Boekengids), Guzel Jachina en Maylis de Kerangal (NRC), Piet de Rooy en Ewoud Kieft (De Groene Amsterdammer).

Oudere afleveringen van deze rubriek zijn te raadplegen in ons archief. Tussen rechte haken staan de redactionele items op Athenaeum.nl.

N.B. Dit is de laatste aflevering van het Recensieoverzicht in deze vorm, na ruim tien jaar. Het (kopers)publiek voor dit overzicht is te klein om de tijdsinvestering te blijven rechtvaardigen. Vanaf 3 juni vind je de boeken uit de boekenbijlage onder In de media.

 

Voor Trouw sprak Marco Visscher met Lionel Shriver (De weg van de meeste weerstand), die een uitgesproken tegenstander van lockdowns blijkt. 'Een lockdown is geen verstandige reactie op een besmettelijke ziekte. Het is volstrekt logisch om ons optimaal in te spannen om oudere, kwetsbare mensen te beschermen. In plaats daarvan sluiten we iedereen op, inclusief alle jonge, gezonde mensen. Daar klopt iets niet. [...] Begin dit jaar deden de meeste politici het virus nog af als onbeduidend. Ze vonden het niet nodig om plannen te maken om hun land of de zorg voor te bereiden. Bijna van de ene op de andere dag sloeg dat oordeel om. Waarom? Het is overcompensatie, omdat ze het eerst grandioos hadden onderschat. Er was geen enkele planning, dus de beleidsmakers flipten volledig. Dat bleek nogal besmettelijk, de ene regeringsleider na de ander gooide het land op slot, ogenschijnlijk zonder benul van de immense consequenties. Alsof ze een mug willen doden met een kanon.'

Janita Monna las in Erik Bindervoets De droom van eb inkt diervoer 'over de pagina stromende gedichten [...] barstensvol herkenbare situaties, personen en personages, en even zo vol eigenzinnige en maffe associaties', en Gerwin van der Werf las het zelfde drietal Nederlandse coronaromans dat Thomas de Veen vrijdag al besprak: Wim Daniëls' Quarantaine ('flinterdun', 'saai'), Laura van der Haars Een week of vier ('Het is knap manipuleerwerk, maar in literair opzicht is er niet veel te genieten, er staat geen beklijvende zin in.') en Daan Heerma van Voss' Coronakronieken [fragment]. Daarover is Van der Werf, net als De Veen, enthousiaster. 'Het zijn niet de landerige dagen van de schrijver die boeien, en ook niet de belevenissen van al die anderen, het is zijn brede oriëntatie, zijn taal en originele blik.' Dat resulteert in 'een nostalgisch boek, nu al ja, een integer verslag van hoe die eerste weken waren. Waarschijnlijk zullen veel lezers het over een half jaar, of een jaar, beter waarderen dan nu'.

Eric Brassem dan, over Philippe Sands De rattenlijn [fragment | boekverkopersbespreking], 'een doorwrochte, thriller-achtige geschiedschrijving. Sands levert een verslag van binnenuit van de leefwereld van de nazi's'. Maar het Boek van de Week is Joan Didions De verhalen die we ons zelf vertellen, samengesteld door Joost de Vries. Lieke Kézér: 'Als geen ander weet Didion tot de kern door te dringen in tijden van chaos en wanorde. In kristalheldere stijl fileert ze haar onderwerpen, vaak op het genadeloze af, en geeft er betekenis aan.'

Korter: P.F. Thomése tipt Olga Tokarczuk [fragment | boekverkopersbespreking], Werner Herzog en Jan Siebelink, Rob Schouten leest de nieuwe Jente Posthuma [fragment] ('mooie, ingetogen roman over depressie'), beeldboek is Steven Appleby's Dragman, Monica Soeting over Kristine Groenharts familieboek, Bas Maliepaard over Karst-Janneke Rogaars Keizer Ei [interview] ('logisch én leuk om te lezen') en Thalia Verkade over haar boek met Marco te Brömmelstroet, Het recht van de snelste ('Mijn blik op verkeer, de straat, mobiliteit is de afgelopen jaren helemaal veranderd. Het was een bijzondere ontdekkingsreis.').

De recensies van Trouw verschijnen elke zaterdag in Letter en Geest, en zijn voor abonnees te raadplegen op trouw.nlTrouw is te koop bij het Nieuwscentrum. 

Daan Heerma van Voss, Piet de Rooy & Ewoud Kieft (het recensieoverzicht van de week van 27 mei 2020)

Delen op

€ 15,00
€ 22,50

Voor de Volkskrant schreef Ranne Hovius een stuk over de grote rol die de ziekte van alzheimer in recentere thrillers en detectives speelt: 'Meer en meer thrillerschrijvers zijn de mogelijkheden van deze chaotische wereld gaan exploreren. Hoe die wereld er voor dealzheimerpatiënt zelf uitzag, bleef natuurlijk gissen voor de niet-patiënt. Toch sloegen schrijvers ook daarnaar een slag, gesteunddoor alle informatie.' Hovius noemt in haar stuk onder meer Winterland van Kim Faber en Janni Pedersen, De slapende nimf van Ilaria Tuti en In slaap gevangen van Camilla Grebe. Rob van Scheers recenseert daarnaast M.J. Arlidges Wat jij niet ziet, het geschenk voor de Spannende Boeken Weken. 'In speelfilms en thrillers is een blinde hoofdpersoon niet nieuw, maar ondanks de beperkte ruimte zet Arlidge haar met een paar pennestreken geloofwaardig neer,' aldus Van Scheers.

Bo van Houwelingen las Wij zijn licht van Gerda Blees. 'Blees [maakt van een eendimensionaal] nieuwsbericht stap voor stap gelaagde fictie, die afstevent op de vraag: is er iemand, en zo ja wie, schuldig aan Elisabeths dood? Op intelligente wijze, en met humor, laat ze het verhaal zélf antwoord geven.' Herien Wensink bespreekt verder De veelstemmige man, toneelstukken van Ilja Leonard Pfeijffer. 'Meer dan in zijn romans treft Pfeijffer mij in zijn toneelwerk als hard en cynisch – misschien omdat die prettig ironiserende commentaarstem uit de romans ontbreekt. Maar met de juiste acteurs, met een beetje empathie, nuance en tegenkleur, kan dat op toneel prima worden rechtgezet,' merkt ze onder meer op.

Van Joost Pollmann een stuk over Gilles de Geus van Hanco Kolk en Peter de Wit. 'Door de rebelsheid van Gilles de Geus iets meer te benadrukken, kon de strip zich ontwikkelen tot het Nederlandse equivalent van Asterix en Obelix, die tenslotte ook vechten tegen de bezetter, in hun geval de Romeinen onder leiding van Julius Caesar. Kolk en De Wit houden het Hollands en wat kneuteriger. Zo spelen de verhalen zich af in de havenstad Dubbeldam bij Dordrecht, die op de Spanjolen moet worden terugveroverd. Net als bij de Franse tegenhanger van Goscinny en Uderzo zorgen de talloze anachronismen voor goeie grappen, bijvoorbeeld in het verhaal "Dringend gezocht", waarin Gilles het verschijnsel "marketing" ontdekt en naar een drukkerij stapt (een eeuw na de uitvinding van de boekdrukkunst) om vijfhonderd opsporingsbiljetten te laten maken waarmee hij zijn beruchtheid kan vergroten. Aan het eind van het verhaal wordt hij inderdaad gezocht door de sterke arm der wet: wegens illegaal plakken.'

En Mac van Dinther bespreekt het 'lijvige, rijk geïllustreerde boekwerk' Salmon: A Fish, the Earth, and the History of Their Common Fate van Mark Kurlansky. 'Kurlansky vertelt geen optimistisch verhaal. Vooral omdat zich met de klimaatopwarming een nieuwe bedreiging aandient: door het broeikaseffect wordt het oceaanwater warmer, terwijl zalm het juist moet hebben van koud water. Bovendien daalt het voedselaanbod in het zeewater: zalm eet andere vis. Het brengt Kurlansky tot de conclusie dat zalm een sleutelsoort is voor de gezondheid van onze planeet: om de zalm voor ondergang te behoeden, moeten we de klimaatopwarming stoppen, watervervuiling aanpakken, rivieren vrij laten stromen, boskap tegengaan en het gebruik van pesticiden verbieden. In andere woorden, schrijft Kurlansky: om de zalm te redden hoeven we alleen maar de aarde te redden.'

Kort:

  • Aleid Truijens over Martine van Rooijen, De vreselijke vriendinnen van mijn moeder: 'een mooi tijdsbeeld.'
  • Marcel Hulspas over Leo Noordegraaf en Gerrit Valk, De Gave Gods: De Gave Gods verscheen in 1988, maar is in deze tijden zeer herkenbaar en wel een herdrukje waard.'
  • Rob van Scheers over Steven Appleby, Dragman: 'warm, grappig én wijs.'
  • Bert Wagendorp over Fik Meijer, Droom of daad: 'Fik Meijer, begaafd verteller over de klassieke oudheid in boeken en tv-programma’s, heeft een idee. Dat werkte hij uit in Droom of daad. De terugkeer van de Olympische Spelen naar Griekenland.'
  • Marjon Bolwijn over Frits Rijksbaron, Esther Shaya, Gert Jan de Vries (red.), Joodse huizen 6: 'stuk voor stuk boeiende levensverhalen over straatventers in schamele onderkomens zonder sanitair, sociale stijgers die dankzij hard zwoegen een eigen woning konden kopen, en "BN'ers" als sportverslaggever Han Hollander, die al kort na de capitulatie door de Avro en De Telegraaf werd ontslagen.'
  • Bo van Houwelingen over Rudi Meulemans, Een ander leven: 'Meulemans’ beschrijvingen zijn vaak overdreven formeel. "De twee mannen hadden gedurende een korte tijd een fysieke relatie." Of "Ze bleven bij elkaar, amoureus en intiem." Zo komt een bewogen liefdesleven wel heel onbewogen over. Als reisgids is dit boek wél geslaagd.'
  • Hans Bouman over Denis Johnson, De naam van de wereld: 'Een reeks ontmoetingen met een bijna surrealistische jonge vrouw opent nieuwe perspectieven, maar niet volgens de richtlijnen van de romantische fictie.'

De boekrecensies van de Volkskrant verschijnen elke zaterdag, en zijn te raadplegen op Volkskrant.nl/boeken - een selectie is slechts voor abonnees toegankelijk. De Volkskrant is te koop bij het Nieuwscentrum.

'Het was het moeilijkste wat ik ooit gedaan heb, het grootste experiment in mijn schrijverschap' vertelt Sana Valiulina aan Marjolijn de Cocq over het schrijven van Een wolf bij zijn oren pakken, haar roman over de Romeinse keizer Tiberius [fragment]. De titel verwijst naar 'iets onmogelijks doen' - in het geval van Tiberius: het bijeenhouden van het Romeinse Rijk. 'Het is als met de liefde, zegt Valiulina. Dat je een persoon tegenkomt die je enorm intrigeert, maar niet meteen in zijn ziel kan duiken. "Daarom heb ik in deel één eerst een omtrekkende beweging gemaakt. Ik wilde geen monologue intérieur schrijven, ik had de angst dat het dan een eentonig, drammerig boek zou worden. Hoe vind je de ingang tot iemand? En toen ontdekte ik de slang, Kora. Die droeg Tiberius bij zich, die koesterde hij. Als je research doet sla je heel veel informatie op maar je weet nog niet wat hoofdzaken en bijzaken zullen zijn. Ik had een gesprekspartner voor hem nodig en ineens kwam die slang uit mijn geheugen naar boven - toen kon ik echt die draaikolk met hem in.'

Dieuwertje Mertens bespreekt Knecht, alleen - na Jasper en zijn knecht het tweede Privédomein-deel van Gerbrand Bakker [fragment]. In dit 'thematisch memoir in 87 hoofdstukken' doet hij verslag van zijn dagelijks leven en depressies en reflecteert hij op zijn schrijverschap en liefdesleven. 'Je zou de auteur misschien "schaamteloos" kunnen noemen. Toch zou ik eerder spreken van "een ter zake doende openhartigheid". Bakker doet niet aan effectbejag; hij is er niet op uit om te choqueren, maar ook niet om de zaken te verhullen of ze mooier te maken dan ze zijn. Zijn openhartigheid komt voort uit een behoefte aan zelfbegrip: navelstaarderij voor gevorderden, van een schrijver die nieuwsgierig is, maar niet van verwondering in verwondering tuimelt. De nuchtere en onomwonden stijl maakt dat het ook geen zelfbeklag of gezeik wordt: ook de lezer wil dolgraag weten hoe het nou met Gerbrand Bakker, zijn depressie en zijn libido zit.'

In Het verre veld, van de Indiase Madhuri Vijay, gaat een jonge, geprivilegieerde vrouw uit Bangalore na het ovelijden van haar moeder in Kashmir op zoek naar de man die een belangrijke rol in diens leven heeft gespeeld. Recensent Marjolijn de Cocq oordeelt: 'Vijay is er dit grote debuut in geslaagd om in een aangrijpend en meeslepend verhaal over verlies en schuldgevoel ook zeer inzichtelijk te schrijven over brandhaard Kashmir en zijn inwoners - die het juk van oude en steeds weer opnieuw oplaaiende conflicten altijd zullen meedragen. Maar vooral ook maakt ze de liefde voelbaar van de dochter voor die ongrijpbare moeder, naar wier aandacht en goedkeuring ze lang hongert tot ze haar verliest aan middagen van lethargie en slaap - en het voetstuk waarop ze haar plaatste verandert in medelijden.'

Kort:

  • Vanwege 'McCullers' lyrische proza, haar talent voor het creëren van een sfeer van broeierige wanhoop en haar scherpe karakterschetsen' is het goed dat nu ook haar roman Gespiegeld in een gouden oog is verschenen in een nieuwe vertaling door Molly van Gelder, aldus Dirk-Jan Arensman. En ook 'omdat daarmee het complete romanoeuvre van die literaire schutsvrouw van de buitenbeentjes en verschoppelingen afgestoft en weer verkrijgbaar is, vooral. Klaar om door een nieuwe generatie lezers ontdekt te worden'.
  • Maarten Moll vergelijkt De naam van de wereld van Denis Johnson met diens 'fantastische' Treindromen: 'De stijl is hier minder romantisch, maar minstens zo trefzeker. Een roman die je langzaam moet lezen, een ontroerende roman die je langzaam verovert.'
  • Joukje Akveld over Dick Bruna, het 'boek voor alle leeftijden' van deze week: het 'lijkt bij het openslaan een boek voor volwassenen. Maar dankzij de korte hoofdstukken, de heldere verteltoon en het rijke beeldmateriaal (waaronder een geweldig overzicht van de wijze waarop Nijntjes oren zich in de loop der jaren ontwikkelden) laat het boek zich makkelijk lezen door jongeren. Zelf las Bruna als tiener graag kunstenaarsbiografieën. Dick Bruna is fijn leesmateriaal voor pubers met kunstaspiraties'.
  • In de rubriek 'Naar bed met' kiest Djuna Spreksel van boekhandel Van Pampus voor de heruitgave van Wij slaven van Suriname van Anton de Kom. Zijn werk, zegt ze, 'heeft nauwelijks aan actualiteit ingeboet. Op een verhelderende en schrijnende manier laat hij zien hoe het koloniale verleden ook na de afschaffing van de slavernij een grote rol is blijven spelen'.
  • De selectie uit het recente boekenaanbod in de rubriek Signalement: de roman De kinderplaneet van de Finse Riika Pulkkinen, in 'haar kenmerkende verhalende en filosofische stijl'; de roman Saint X van de Amerikaanse Alexis Schaitkin, over een vrouw die geobsedeerd raakt door het lot van haar vermoorde zus; Slavoj Zizeks pamflet Pandemie, waarin hij filosofeert over hoe corona de wereld verandert; Jippie! En de onderwaterpiraten, deel 3 in de Prinses Super-reeks van Sanne Rooseboom; Berichten uit de vallei, een natuurlogboek uit Zuid-Spanje van Stefan Brijs; en Amélie Nothombs 28ste roman Dorst, 'een psychologische monologue intérieur' over de laatste momenten van Jezus Christus.

De boekrecensies van Het Parool verschijnen elke zaterdag. Het Parool is te koop bij het Nieuwscentrum.

 
René Cuperus signaleert de China-strategieën die nu veel gepubliceerd worden en bespreekt vier recente Nederlandse titels die deze ‘herontdekking’ van China ‘in verschillende toonsoorten en temperamenten’ weerspiegelen. De nieuwe wereldorde. Hoe China sluipenderwijs de macht overneemt van Rob de Wijk, De Chinese droom. Wedergeboorte van een ongenaakbare supermacht van Oscar Garschagen, De nieuwe keizer. Xi Jinping, de machtigste man van China van Ties Dams en China, een gids voor de 21e eeuw van Frank Pieke. Over de transformatie van China onder president Xi, mensenrechtenschendingen, de Oeigoeren, Taiwan, en de veiligheidsdiscussie over Huawei’s 5G netwerk. ‘Hoe dan ook hebben we meer en breder gedeelde kennis over China nodig,’ zegt Cuperus, als we ‘de Chinese eeuw waarin we sluipenderwijs zijn terechtgekomen mee vorm willen geven.’

Adelheid van Luipen over When Animals Speak: Toward an Interspecies Democracy van Eva Meijer: ‘Meijers boek laat ons denken over onze dagelijkse leefomgeving, over onze relaties tot de andere dieren met wie wij onze huizen delen, over lokale conflicten met dieren en over nieuwe wijzen waarop wij onze steden zouden kunnen inrichten. Maar eveneens over het vele geweld dat mensen dieren aandoen en het armzalige en troosteloze leven dat veel dieren hebben. Over grote veranderingen, over het herzien van machtsrelaties, begrippen, wijzen van besluitvorming en bovenal over onze eigen aard, over het menselijke dier dat al die tijd dacht als enige te kunnen spreken.’

Barbara Collé bespreekt drie recente boeken over kleur: Black: the Brilliance of a non-colour van Alain Badiou, Wit van Han Kang [fragment] en Kleuren. Een tentoonstelling over kleur en kunst van Ted van Lieshout. ‘Alle drie de boeken spitsen zich toe op het visuele verschijnsel kleur: de filosoof, schrijver en kinderboekenschrijver zijn allereerst aan het kijken. Deze visuele waarneming geeft aanleiding tot denken, talige associatie, tot emotionele verbintenissen. Maar de schrijvers keren ook steeds weer terug naar het kijken, letterlijk kijken.’

Merijn Oudenampsen is onder de indruk van Wim Kok. Een leven op eigen kracht. Deel 1: voor zijn mensen (1938-1994) van Marnix Krop, en de hoeveelheid gesprekken die die met Kok zelf en honderd politici en bestuurders hiervoor voerde. ‘Al met al heeft het een zeer degelijke en geslaagde biografie opgeleverd.’ Wel merkt Oudenampsen op dat de biografie soms geschreven lijkt vanuit een ‘Great Man Theory,’ het idee dat de geschiedenis bovenal wordt bepaald door de impact van Grote Leiders. ‘Krop schrijft met bewonderenswaardig veel oog voor technisch detail, maar de lezer mist de grote lijnen.’

René Koekkoek buigt zich over twee recente boeken over mensenrechten: Not Enough: Human Rights in an Unequal World (2019) van Samuel Moyn, dat wijst op het samenvallen van het ontstaan van de mensenrechtenbeweging en het neoliberalisme, en On the Spirit of Rights (2019) van Dan Edelstein, wat afstandelijker blijft van hedendaagse politiek en orde schept in de historische omgang met mensenrechten. Moyn schreef ‘een op het heden gericht pleidooi voor een meer egalitaire samenleving. Edelstein duikt daarentegen het verleden in en legt de dieperliggende aardlagen van het denken over mensenrechten bloot’.

Niels Springveld over het werk van de bekende maar weinig gelezen Adam Smith, dat pas recent in Nederlandse vertaling is verschenen (De welvaart van landen (2019) en Theorie van de morele gevoelens (2018)): ‘De Wealth is een briljant, maf en rommelig boek dat over bijna alles gaat. Hoewel hij te boek staat als een van de eerste apologeten van het kapitalisme en het welbegrepen eigenbelang, laat Smith zich in The Wealth of Nations net als in de Theory of Moral Sentiments scherp uit over op geld beluste types die niet voorbij het eigen schedeldak kunnen denken.’

Guido van Hengel duikt in drie boeken over het ondergrondse. Ondergronds (2020) van Will Hunt toont met name de mens onder de grond, en onderzoekt het mysterieuze verlangen naar het ondergrondse, zoals de fascinatie voor de Parijse catacomben en gravende mollenmensen. Is dit verlangen te doorgronden? ‘Hunt toont van alles, maar verklaart weinig tot niets. Dat is ook het goede van het boek.’ Dan Benedenwereld (2019) van Robert Macfarlane [fragment|recensie], wat meer om de wraak van Moeder Natuur gaat: ‘Het onderzoek is grondig, de schrijfstijl is eloquent en poëtisch, en de reikwijdte van Macfarlanes onderwerpen is bij vlagen overweldigend. Terecht won hij met dit boek de prestigieuze Britse Wainwright Book Prize voor literaire natuurboeken.’ Dan nog het boek Hoe je mollen vangt van Marc Hamer: ‘Na de verhalen van Hunt en Macfarlane over onhandige mensen in de diepe tijd, is het aardig te lezen over hoe weerloos de mol is wanneer die zich bovengronds begeeft, in het helle licht. […] Het roept vragen op over de drie ondergrondse bezigheden van de mens: het beschermen, het delven en het wegstoppen.’

Esha Guy bespreekt Bespiegelingen over het vraagstuk van het antisemitisme van Delphine Horvilleur. ‘Ieder mens, beweert Horvilleur, bouwt zijn huis op een kloof. Alleen het ongefundeerde kan als fundament fungeren voor een heuse levenswandel. Als het jodendom ergens voor uitverkoren zou zijn, dan is het om te getuigen van deze identitaire afgrond.’ Ook werpt Horvilleur een blik op opvattingen over mannelijkheid en vrouwelijkheid: ‘Deze analyse is bijna even verfrissend als ouderwets: aan de ene kant valt Horvilleur de standaard genderpatronen van het jodendom aan, aan de andere kant blijft ze wel gebruikmaken van deze patronen en blijft de rol van de joodse vrouw onbesproken. Maar door erop te wijzen dat de voorbeelden van het jodendom buiten de patriarchale noties van mannelijk en vrouwelijk vallen, zet ze wel de deur open naar een algemenere, queer interpretatie van het jodendom.’

Maarten Asscher bespreekt Fernando Pessoa. Een spoor van mezelf, samengesteld en vertaald door Harrie Lemmens. Asscher hekelt de belofte van de bundel om het spoor van de ontwikkeling van de dichter te volgen, die gebruik maakte van 136 ‘collega-identiteiten’: ‘in plaats van een lineaire ontwikkeling is er bij Pessoa eerder sprake van een zwerm van dichterlijke mogelijkheden.’ Op de vertaling van Lemmens heeft Asscher ook iets aan te merken, maar besluit: ‘Dat is dan misschien de ware ontwikkeling die deze nieuwe bundel Pessoavertalingen aan het licht brengt, dat er bijna vijfentachtig jaar na de dood van de dichter opnieuw een Nederlandse vertakking van zijn dichterschap tot bloei komt, namelijk uit de pen van Harrie Lemmens.’

Korter:

Jolanda Benthem over Nieuw Boeren. Je leent het land van je kinderen (2019) van Kees Kooman: ‘Nieuw Boeren is geen doordachte blauwdruk voor duurzame landbouw in Nederland, maar eerder een etnografie van ondernemende boerenfamilies. Een deel van hen is helemaal niet activistisch of idealistisch bezig met het welzijn van de planeet.’

Joost Vormeer over De Bananengeneratie (2019) van Pete Wu [fragment|recensie]: ‘Wu’s boek leest als een geslaagde poging om de schaamte te overwinnen door op zoek te gaan naar zijn Chinees- Nederlandse generatiegenoten en zo de verschillende delen van zijn identiteit te verzamelen.’

Canan Marasligil spreekt Egyptisch-Amerikaanse feministe Mona Eltahawy over haar boek The seven necessary sins for women and girls (2019). ‘De revolutie heeft plezier nodig. Een revolutie zonder plezier, daar heb je geen ene fuck aan.’

Alexander Rinnooy Kan en promovendus Lucille Mattijsen reageren op Floris Cohen’s De ideale universiteit. Mattijsen: ‘Hoe je Floris Cohens schets voor een ideale universiteit leest, hangt natuurlijk nogal af van je plaats binnen of buiten de academie. Ik las het als promovendus en kom desgevraagd tot de conclusie dat ik er zwaar de pest in zou hebben als ik mijn eigen promotietraject op Cohens universiteit zou moeten afronden.’ Rinnooy Kan: ‘Het stimulerende en welkome pamflet van Cohen is tot stand gekomen omdat de auteur niet alleen wilde mopperen, maar ook wilde meedenken. Maar is er eigenlijk wel behoefte aan een radicaal alternatief voor de huidige Nederlandse universiteit?’

Marjolein Voogel interviewt filosoof Nathalie Heinich over Wat onze identiteit niet is (2019). Heinich wil het beladen begrip ‘identiteit’ – dat uit de psychologie komt en nu volgens haar te pas en te onpas in de politiek wordt gebruikt – ontrafelen. ‘Identiteit is geen onveranderlijke toestand, maar ontwikkelt zich: het is een proces, “een fenomeen in progress”.’

Maartje Wortel onderzoekt haar liefde voor het werk van de Antiliaanse schrijver Tip Marugg en politieke correctheid in de literatuur: ‘De kunstenaar is er niet om een moreel oordeel te verkondigen. Je hebt ze er uiteraard tussen zitten, maar daarmee verheft de kunstenaar zijn oordeel boven dat van een ander en vaak is dat kort gezegd niet zo interessant.’

Tim Verlaan leest twee recente boeken over Amsterdams vastgoed: Maup Caransa. Een vastgoedmagnaat uit Amsterdam van Wim Pelt [fragment] en Speculanten en revolutiebouwers. Projectontwikkeling in Amsterdam 1877-1940 van Rens Smid: ‘Het is een beeld van een Amsterdam dat eigenlijk niet meer bestaat: een vervallen, losgeslagen maar zeker ook bruisende stad waar een enkele vastgoedondernemer decennialang de dienst kon uitmaken.’

Maite Karssenberg over De man in de rode mantel van Julian Barnes [fragment]: ‘Hij speelt met het genre, en op deze manier brengt hij de geschiedenis evocatiever tot leven dan menige conventionele biografie.’

Arnout Hoogendoorn waagt zich aan een bespreking van Nederhalfrond. Door het oog van de cycloon I van J.Z. Herrenberg [fragment]. ‘Je wordt gedwongen te accepteren dat er altijd betekenis aan je ontsnapt, maar zo ontsnap je zelf aan lineaire dwang, aan totaliteit. De beschreven werkelijkheid toont zich in elke zin anders, maar verhult altijd tegelijk een ander deel van zichzelf. Herrenbergs cycloon veroorzaakt een overstroming, maar dus ook nieuwe wegen.’

Kyrke Otto bespreekt het autofictieve Leerjaren in Topeko van Ben Lerner [recensie]: ‘Pure authenticiteit is een mythe, want taal bestaat altijd uit citaten, patronen en herhalingen. Wat we wel kunnen doen, en wat Lerner in dit boek zelf probeert te doen, is ons afvragen welke dingen we wel en niet willen herhalen, en kritisch reflecteren op de stemmen die in onze eigen stem doorklinken.’

De Nederlandse Boekengids verschijnt zesmaal per jaar. Het tijdschrift is te koop bij het Nieuwscentrum.

De nieuwe wereldorde | Rob de Wijk | 9789460039911
€ 23,99
De Chinese Droom | Oscar Garschagen | 9789044541595
€ 20,99
De nieuwe Keizer | Ties Dams | 9789044636680
€ 21,99
When Animals Speak | Eva Meijer | 9781479863136
€ 34,99
Wit | Han Kang | 9789038803722
€ 21,99
Kleuren | Ted van Lieshout | 9789025877309
€ 15,99
Not Enough | Samuel Moyn | 9780674737563
€ 31,99
De welvaart van landen | Adam Smith | 9789089531889
€ 59,90
Ondergronds | Will Hunt | 9789026349591
€ 22,99
Benedenwereld | Robert Macfarlane | 9789025309893
€ 17,50
Hoe je mollen vangt | Marc Hamer | 9789044541120
€ 20,00
Nieuw Boeren | Kees Kooman | 9789056155025
€ 22,50
De bananengeneratie | Pete Wu | 9789493168039
€ 22,50
Maup Caransa | Wim Pelt | 9789044641134
€ 27,50
Nederhalfrond | J.Z. Herrenberg | 9789028427495
€ 24,99
Leerjaren in Topeka | Ben Lerner | 9789025457983
€ 22,99
De nieuwe keizer | Ties Dams | 9789044636697
€ 11,99
Wit | Han Kang | 9789038804811
€ 10,99
Ondergronds | Will Hunt | 9789026349607
€ 9,99
Benedenwereld | Robert Macfarlane | 9789025309909
€ 12,99
Hoe je mollen vangt | Marc Hamer | 9789044541137
€ 10,99
De bananengeneratie | Pete Wu | 9789493168305
€ 12,99
Maup Caransa | Wim Pelt | 9789044641141
€ 16,99
Nederhalfrond | Johan Herrenberg | 9789028443150
€ 12,99
Leerjaren in Topeka | Ben Lerner | 9789025457990
€ 6,99

De boekenbijlage van NRC Handelsblad staat deze week in het teken van de eerste coronaliteratuur. Thomas de Veen bespreekt drie corona-boeken: Wim Daniëls’ Quarantaine (1 bal), Laura van der Haars Een week of vier (3 ballen) en Daan Heerma van Voss’ Coronakronieken (3 ballen) [fragment]. Daniëls’ debuutroman is ‘flinterdun, oppervlakkig en ontstellend stijf geschreven’, de derde roman van Laura van der Haar is ‘echt een coronaroman: een onderzoek naar hoe de nieuwe situatie mensenlevens beïnvloedt’. Daan Heerma van Voss reeg coronaervaringen uit dagboeken en media aaneen, wat mooi passages oplevert, maar zijn eigen nieuwssamenvattingen en losse-polsduiding ‘[voelen] plichtmatig, of misstaan’.

In een stuk over de Great Corona Novel vroeg Toef Jaeger acht schrijvers van over de hele wereld naar hun visie. Hieruit komt naar voren dat hoewel afstand tot het onderwerp vaak juist een vereiste is voor een goed boek over zoiets als een mondiale pandemie, de dreiging, beklemming, en aan de rampspoed verbonden existentiële vragen een goede voedingsbodem voor een roman bieden.

Michel Krielaars bekroont de tweede roman van de Russisch-Tataarse schrijfster Guzel Jachina met vijf ballen. Wolgakinderen leest als een sprookje, schrijft hij, en doet met ‘het betoverende verhaal, de poëtische stijl en de schitterende vertaling van Arthur Langeveld’ niet onder voor haar internationaal geprezen debuut Zulajka opent haar ogen (2017). Eva Meijers nieuwe roman, De nieuwe rivier [fragment | onze bespreking] ‘suggereert dat de mensen aan verhalen ten onder gaan’, maar deze gedacht is minder goed uitgewerkt dan in Meijers eerdere werk, het boek is ‘doffer’, concludeert Hannah van Wieringen (3 ballen).

Sebastiaan Kort bespreekt Nico Keunings biografie van de kleurrijke schrijver Willem Brakman: Een ongeneeslijk heimwee [fragment] (3 ballen), ‘door de bank genomen een onderhoudend boek, maar dat valt vaak meer op het conto van anderen bij te schrijven dan op dat van Keuning zelf’. Margot Dijkgraaf bewondert de nieuwe roman van Maylis de Kerangal, Een wereld binnen handbereik [toelichting door de vertalers] (4 ballen): ‘Zo laat Maylis de Kerangal in deze roman zien hoe schilderen werkt, hoe schrijven in zijn werk gaat, hoe het verleden het heden voedt. Ze rekent af met de romantische voorstelling van de kunstenaar die de blauwe lucht afspeurt in afwachting van neerdalende inspiratie.’

In de categorie politieke non-fictie aandacht voor Slavoj Zizeks bundel beschouwingen naar aanleiding van corona: Pandemie. Hoe corona de wereld verandert (3 ballen): ‘Zizeks korte beschouwingen rijgen zich in willekeurige volgorde aaneen tot een veelzijdig commentaar op de beginmaanden van de coronacrisis, zonder er overtrokken conclusies aan te verbinden.’ Daarnaast een bespreking van twee boeken van ‘gepensioneerden’ tegen het ongebreidelde kapitalisme: Bert de Vries’ Ontspoord kapitalisme. Hoe het kapitalisme ontspoorde en na de corona-crisis kan worden hervormd (4 ballen) en Gabriël van den Brinks Ruw ontwaken uit een neoliberale droom en de eigenheid van het Europese continent (3 ballen). ‘Beide boeken zeggen op een nette manier dat het genoeg geweest is met de globalisering’ en willen weer zeggenschap over de economie.

Historisch onderzoeker Paul van de Water schetst in In dienst van de nazi’s. Gewone mensen als gewelddadige collaborateurs portretten van elf Nederlandse oorlogsmisdadigers, om erachter te komen wat hen dreef (4 ballen). Pieter C. van der Kruit schreef een biografie (de derde) over een van de grootste Nederlandse sterrenkundigen van de afgelopen eeuw, Jan Hendrik Oort. Horizonnen. Een biografie van Jan Hendrik Oort is ‘een enthousiast boek’, dat niettemin tekortschiet in het achterhalen van ‘de man achter de mythe’ (3 ballen).

Tenslotte wordt ook het geslaagde vervolg op de jongerenreeks De Hongerspelen wordt besproken: De ballade van slangen en zangvogels (3 ballen), met een ‘ingenieus, zij het soms wat oeverloos plot’.

De boekrecensies van NRC Handelsblad verschijnen elke vrijdag in Boeken, en zijn voor abonnees te raadplegen op Nrc.nl. NRC Handelsblad is te koop bij het Nieuwscentrum.

Thomas Heerma van Voss las Denis Johnsons De naam van de wereld. '[Johnson] is een groot stilist, nauwkeurig en strak, gespecialiseerd in het oproepen van sfeer. Het leverde een toonvast, vitaal oeuvre op waarvan de romans het zwaartepunt vormen; enkele verschenen er al in het Nederlands, maar het verhaal van Michael Reed bleef jarenlang onuitgegeven. Nu heeft het kleine, altijd boeiende Koppernik – alweer Johnsons derde Nederlandse uitgeverij in de laatste tien jaar – De naam van de wereld (2001) alsnog laten vertalen. Het doet vermoeden dat Johnsons eerdere uitgevers er vooral in commercieel opzicht geen brood in zagen: de roman bezit weliswaar niet de beeldende kracht van Johnsons roemruchte Treindromen (2002) of de rauwheid van zijn bekende verhalenbundel, Jezus' zoon (1992), maar De naam van de wereld vertelt wel een heel eigen, compact en intrigerend verhaal,' aldus Heerma van Voss.

Kees ’t Hart bespreekt De onvolmaakten Ewoud Kieft, hij vindt het 'een prima boek. Beklemmend en af en toe ook hilarisch'. Verder schrijft hij: 'Soms maak ik me zorgen over de verschrikkelijke coronaromans die binnenkort over ons worden uitgestort. Al die goede bedoelingen, al die inlevende medemenselijkheid, ik lig er nu al wakker van. Kiefts roman stelde me gerust.' Jos Palm wijdt een stuk aan Piet de Rooys Alles! En wel nu! Een geschiedenis van de jaren zestig. 'Beschreef wijlen historicus Hans Righart de jaren zestig als een sprookje van een opstandige generatie en maakte de Utrechtse hoogleraar geschiedenis James Kennedy er een soort ideaalvertelling van met een hoofdrol voor een beweeglijke polderende elite, De Rooy gaat daarin beperkt mee. Anders dan zijn collega’s probeert hij niet het wonder van zestig te verklaren; hij onttovert het daarentegen door het in zijn kleine en fijne boek een lange en brede geschiedenis te geven,' merkt Palm onder meer op. En Jeroen Trommelen recenseert Suriname. Van wingewest tot natiestaat van Jan Pronk. 'Het is te prijzen dat Pronk de moeite heeft genomen om zijn visie op het ontwikkelingsverhaal te noteren,' vindt hij, 'al is het te hopen dat toekomstige historici zijn multomapjes nog eens mogen checken op meer persoonlijke ontboezemingen. Dan kunnen ze meteen de vele fouten en foutjes corrigeren.'

De Groene Amsterdammer is elke woensdag al te koop bij het Nieuwscentrum. Athenaeum Boekhandel verzorgt de boekverkoop voor de website van De Groene

pro-mbooks1 : athenaeum