Mieneke Schipper, Thomas Rueb & Edouard Louis (de boekbesprekingen in de week van 5 december 2018)

10 december 2018
| | | | | | | | | | | | | | | | | | | | |

Onze wekelijkse samenvatting van de recensies in kranten en tijdschriften waarin deze week aandacht voor Thomas Rueb, en verder: Claudia Roden, Othman El Hammouchi, Piet Gerbrandy, Chaja Polak, Jonne Harmsma, Arno Geiger (Trouw), George R. R. Martin, Lucia Berlin, Dominique Moïsi, Paulus Hochgatterer, Hans Münstermann, Martine de Jong (de Volkskrant), Willem Otterspeer, Jessica van Geel, Maaike Meijer, Richard Powers (NRC), Mieneke Schipper, Frits Boterman en Edouard Louis (De Groene Amsterdammer).

Oudere afleveringen van deze rubriek zijn te raadplegen in ons archief. Tussen rechte haken staan de redactionele items op Athenaeum.nl.

Mieneke Schipper, Thomas Rueb & Edouard Louis  (de boekbesprekingen in de week van 5 december 2018)

Delen op

€ 25,99

Dinsdag wordt de winnaar bekendgemaakt van de P.C. Hooftprijs 2018. Wint Marga Minco de prijs? Sander Becker benaderde drie literaire opiniemakers voor hun inschatting. Yra van Dijk (Afgrond zonder vangnet [fragment]) pleit voor Arnon Grunberg, want 'hij ontmaskert voortdurend onze naïviteit en zelfgenoegzaamheid, in romans die spannend zijn en steengoed geschreven'. Maar Rob Schouten denkt dat Grunberg nog te jong is voor de prijs, en dat Jeroen Brouwers hem wint. 'Zijn Indië-romans uit de jaren zeventig en tachtig waren baanbrekend,' zegt hij, en: 'Stilistisch is Brouwers een aparte stem binnen de Nederlandse literatuur. Hij schrijft barok en exuberant, terwijl Nederlands proza vaak vrij sober is.' Hans Maarten van den Brink, ten slotte: 'Als het een vrouw moet worden, lijken me Mensje van Keulen en Nelleke Noordervliet de kandidaten. Toch zou ik meer genoegen beleven aan een bekroning voor Koos van Zomeren. [...] Stilistisch kent Van Zomeren nauwelijks zijn gelijke. Iedere zin, iedere alinea... raak. Zijn werk is gelaagd, ironisch en vaak hartverscheurend.'

Nicole Lucas ging in gesprek met Claudia Roden over haar kookboekenoeuvre. 'Ik verzamelde recepten met het idee: dat is voor ons, dit is waar we van hielden. We kunnen niet ons hele erfgoed opgeven. We verliezen ons land, onze wereld, onze vrienden, laten we iets van onze cultuur bewaren. Eten is zoveel meer dan een verzameling ingrediënten.'

Marnix Verplancke interviewde voor De Verdieping de jonge student wiskunde Othman El Hammouchi, wiens boek Lastige waarheden. De knoop in de westerse ziel onlangs verscheen: 'We hebben allemaal een identiteit, daar valt niet aan te ontkomen, net zoals je er niet aan ontkomt om van tijd tot tijd een hapje te eten. Alleen betekent dat nog niet dat we allemaal naast elkaar moeten gaan leven. Generaal De Gaulle zei ooit dat de Fransen en de Arabieren als water en olie zijn. Je mag nog zo goed roeren, een mengsel zullen ze nooit worden.' 

Recensies! Janita Monna las Piet Gerbrandy, zowel zijn dichtbundel Vloedlijnen - 'doordrongen van het idee van een onttoverde wereld, waarin mens en natuur vervreemd is geraakt. Tegelijk zijn de teksten een verheviging van het leven' - als zijn essaybundel Grondwater. 'Hij schrijft zoekend, stellig en persoonlijk, maar al is zijn smaak breed, voorkeuren heeft hij zeker.'

Co Welgraven plaatste Chaja Polak (De man die geen hekel had aan Joden. Een botsing met het verleden) naast Isabel van Boetzelaer (Oorlogsouders) in de rubriek 'Vandaar dit boek'. Polak: 'Ik kon het niet aanzien en aanhoren, ik kon niet met m'n armen over elkaar blijven zitten, ik moest wat doen. Daarom heb ik dit boek geschreven, dit persoonlijke verhaal, om het onrecht recht te zetten. Ik beschrijf het leven van mijn ouders om te laten zien wat de gevolgen zijn - tot op de dag van vandaag - van keuzes zoals die van Willem van Boetzelaer.' En Van Boetzelaer: 'Mijn boek is een zoektocht. Ik wilde weten waarom iemand als mijn vader - intelligent, met een goede opvoeding, welgesteld, bereisd - zo beïnvloed kon worden en voor zo'n verwerpelijk regime aan de slag is gegaan.'

'Het sterke van Harmsma's biografie is dat hij van Zijlstra een gelaagd personage maakt. Het boek rekent af met de door de antirevolutionair zelf gecreëerde en keer op keer gerevitaliseerde mythe van de in de politiek verdwaalde professor,' schrijft Paul van der Steen over Jelle zal wel zien. Jelle Zijlstra, een eigenzinnig leven tussen politiek en economie. En Laura van Baars prijst Thomas Ruebs Laura H. Het kalifaatmeisje uit Zoetermeer: 'Een klassiek non-fictieboek is Laura H. niet. Uniek is het wel. Rueb paart fijnzinnig opmerkingsvermogen aan een goede pen en een eigenzinnige manier van vertellen. [...] Je kunt er als journalist alleen maar jaloers op zijn.'

En het Boek van de week is Arno Geigers Onder de Drachenwand [fragment]. Rob Schouten schrijft: 'Geiger schetst het beeld van een door oorlog opgeschrikt maar toch ook min of meer alledaags bestaan, doorschoten met briefverslagen van buitenaf waarin het ware oorlogsgeweld, in Kolbe's geboortestad Wenen en in Duitsland, tot de bewoners van Mondsee doordringt: voedselgebrek, pogroms, bombardementen. [...] Een mooie en aangrijpende roman.'

  • Alle Lansu over Juan Gabriel Vásquez, De geliefden van Allerheiligen: 'De jonge Vásquez toont zich een verrassend vaardig verhalenverteller: hij verstaat de kunst van het weglaten, en weet met het topje van de ijsberg een hele wereld onder water te suggereren.'
  • Beeldboek van de week is Paul Faassens Eh....
  • Geert Groot Koerkamp over Ildar Dadin en Birgit Virnich, Schreeuw in de stilte: 'Dadins verhaal is een belangrijk tijdsdocument en geeft een zeldzaam inkijkje in de harde realiteit van een beruchte Russische strafkolonie.'
  • Bas Maliepaard over Koos Meinderts, De schelmenstreken van Reinaert de Vos: 'Een verrukkelijk boek. [...] Gouden Griffelwinnaar Koos Meinderts bracht het middeleeuwse dierenepos [...] met leesbaar plezier terug tot achttien hoofdstukken van elk één bladzijde.'
  • Sofie Messeman over Kjell Westö, De zwavelgele hemel: 'In het scheppen van sfeer en de toonzetting van de nostalgie is de schrijver erg bedreven. Dat maakt deze groots opgezette, epische roman echt meeslepend.'

De boekrecensies van Trouw verschijnen elke zaterdag in Letter en Geest, en zijn voor abonnees te raadplegen op trouw.nlTrouw is te koop bij het Nieuwscentrum. 

 

Anne van Driel gaat deze week in gesprek met George R.R. Martin. Het gesprek gaat onder andere over hoe Martin eigenlijk niet van schrijven houdt en over de parallellen die zijn boek trekt met het heden. ‘Het is een universeel gegeven dat we gigantische bedreigingen, die hele beschavingen kunnen vernietigen, vaak negeren ten faveure van alledaagse problemen,’ vertelt Martin. Ook heeft hij het over zijn nieuwste roman Fire and Blood: ‘Het is redelijk rechttoe, rechtaan, hoe complex het ook lijkt. Dit boek was makkelijker.’

Arjan Peters is lovend over Lucia Berlins oeuvre, met name Avond in het paradijs [fragment] en Welkom thuis. ‘Berlins eerste zinnen zijn vaak al steengoed […] ‘Nog gezwegen van Berlins laatste zinnen.’ Van Bert Wagendorp een stuk over Norman Mailers The Sixties. ‘Mailer had maar weinig nodig – niet meer dan een bokspartij van 2.06 minuten – om een stroom van gedachten, associaties, gedetailleerde observaties, duidingen en uitweidingen op gang te brengen en die ook nog eens op superieure wijze tot een verhaal te componeren.’

Een recensie van Marjan Slob over Dominique Moïsi’s Triomf van de angst. Triomf van de angst leest lekker weg. Maar wat Moïsi over de series opmerkt, is zelden origineel en eigenlijk ook niet bijzonder scherpzinnig […] Mijn grootste bezwaar is nog wel dat Moïsi niet veel vocabulaire in huis heeft om de wisselwerking tussen feit en verbeelding te duiden.’ Jessica Durlacher bespreekt Paulus Hochgatterers De dag dat mijn grootvader een held was. ‘Je kunt argumenteren dat er wel heel veel in dit kleine boek versleuteld is, misschien iets te veel, en dat de schrijver zichzelf en zijn lezers wel erg kort houdt,’ schrijft ze. ‘Je moet het eigenlijk twee keer lezen. Maar dan heb je een erg mooi kleinood in handen.’

Hans Münstermanns De onderstroom wordt besproken door Bo van Houwelingen. ‘In weinig woorden weet Münstermann een bizar maar volstrekt geloofwaardig inferno op te roepen.’ Ten slotte gaat Steffie Kouters in gesprek met Martine de Jong over haar oeuvre [fragment]. Over haar nieuwste boek vertelt ze: ‘Ik wilde het echt weird maken. Wat er gebeurt in De aanloopman zou je je in het echt nog kunnen voorstellen. Dat maakt het ook sterker. Maar eigenlijk wilde ik iets heel anders schrijven, iets magisch-realistisch, veel raarder dan het boek nu al is. Dat leek me zo’n fijne vrijheid geven. Maar dat is ook een vreselijke vrijheid: dan hoef je niks meer te verantwoorden of op te lossen.’

Korter:

  • Olaf Tempelman over Cornelia Golna, Tainted Heroes: ‘Het gebeurt niet zelden dat een historische roman bij nader inzien ongemakkelijk actueel is.’
  • Peter Swanborg over Egon Hostovsky, Vreemdeling zoekt kamer: Het geeft ‘een scherp beeld van de problemen die iemand ondervindt als hij noodgedwongen zijn heil zoekt in een land dat hem wezensvreemd is’.
  • Persis Bekkering over Tove Jansson, Fair Play: ‘De dialogen zijn helder en vaak eenvoudig […] Tegelijkertijd komen de korte zinnen en de luchtige anekdotes spontaan over, niet zwaar van gesuggereerde, impliciete betekenis – ze hoeven niet méér te betekenen dan wat er staat.’
  • Bo van Houwelingen over Arthur van Amerongen, Mijn moeder is gek: ‘Gepsychologiseer is niet aan Van Amerongen besteed. Hij weet wat hij wil vertellen en doet dat onverstoorbaar […] Soms beschrijft broodnuchter proza beschonken gekte het best.’
  • Emilia Menkveld over Michael Fehr, Simeliberg: ‘Op papier gaat een deel van de zeggingskracht verloren. Daarvoor is het verhaal te vlak, de personages blijven schematisch. Dit is literatuur om naar te luisteren.’

De boekrecensies van de Volkskrant verschijnen elke zaterdag in Sir Edmund, en zijn te raadplegen op Volkskrant.nl/boeken - een selectie is slechts voor abonnees toegankelijk. De Volkskrant is te koop bij het Nieuwscentrum.

Deze week in de boekenbijlage gaat Marjolijn de Cocq in gesprek met Philipp Keel over Alles over mij. ‘Mijn ­financiële situatie verbeterde aanzienlijk,’ vertelt hij. ‘Maar het boek betekende voor mij meer dan het gebruikelijke Amerikaanse succesverhaal. Het hielp me daarna de dingen te maken die ik wilde maken. Ik had door het traject van dit project meer inzicht in mezelf gekregen en wist plotseling waar ik heen wilde met mijn kunst.

Maarten Moll gaat in gesprek met Alexander Ahndoril en Alexandra Coelho Ahndoril over Lazarus, het zevende boek in hun thrillerserie, die zij onder het pseudoniem van Lars Kepler schreven. Alexandra vertelt: ‘Het was een heel intens schrijfproces. We vergaten onze drie kinderen nog net niet eten te geven, maar voor de rest gaan we er helemaal in op.’ Alexander reageert hierop: ‘Ons huis is een bende als we klaar zijn met een boek. En dan gaan we opruimen,’ zegt hij, waarop Alexandra antwoordt: ‘En dan beginnen we alweer over een nieuw boek te praten.’

Dan, van Dieuwertje Mertens een recensie van Nachoem M. Wijnbergs Om mee te geven aan een engel. ‘Wijnbergs poëzie weigert op alle fronten te beklijven. Ook dat is een kunst. Misschien is dat wel zijn grootste geheim.’ Verder interviewt Peter de Brock Mariëlle Hageman over De geschiedenis volgens Bicker (1746-1812) [fragment]. Hij vraagt waarom ze benadrukt dat het geen biografie is, waarop ze zegt: ‘Ik heb bewust gekozen om dicht bij Jan Bernd te blijven, op basis van talloze dagboeken, memoires, brieven en officiële documenten. Daardoor is het een persoonlijk verhaal vanuit Bickers perspectief, maar tegelijkertijd de geschiedenis van een enerverende periode in Nederland, Europa en Amerika.’

Korter:

  • Dirk-Jan Arensman over Richard Russo, De geluksvogel: ‘Hilarische ellende is het, in deze moderne Lucky Jim met Groucho Marxverteller.’
  • John Jansen van Galen over Hans Ramsoedh, Surinaams onbehagen: ‘Hij volgt anderhalve eeuw sociale en politieke ontwikkelingen op de voet, maar de verschijnselen waaruit onbehagen blijkt blijven onderbelicht […] Je zou haast spreken van een failed state.
  • Hans Knegtmans over Felix Weber, Genadeschot: ‘Genadeschot is onderhoudend genoeg. Weber maakt het echter de lezer onnodig moeilijk het overzicht te bewaren over de reislustige personages en data van hun belevenissen.’

De boekrecensies van Het Parool verschijnen elke zaterdag. Het Parool is te koop bij het Nieuwscentrum.

Bernard Hulsman bespreekt in NRC Jessica van Geels I love you, Rietveld. 'Van Geel heeft van alle informatie uit de eerste hand geen boeiend verhaal weten te maken. I love you, Rietveld is grotendeels niet meer dan een lange aaneenrijging van brokstukken. Hieruit komt Schröder-Schräder naar voren als een overgevoelige zeurkous en Rietveld als een egocentrische botterik,' schrijft hij onder meer. Ook ‘Want de grond behoort ons allen toe’. Leven en werk van stedenbouwkundig architecte Lotte Stam-Beese van Hanneke Oosterhof komt in Hulsmans stuk aan bod: 'De beperking tot binnenhuisarchitectuur was het lot van de meeste vrouwelijke architecten in de twintigste eeuw, schrijft cultuurhistoricus Hanneke Oosterhof.'

Sebastiaan Kort wijdt een recensie aan Willem Otterspeers Een ontgifting [recensie], 'een fascinerende tekst waarin Otterspeer in feite via de fictie duelleert met Hermans'. Menno Hurenkamp schrijft over Samuel Moyns Not Enough. Human Rights in an Unequal World. 'Moyn [pleit voor] een wereldwijde verzorgingsstaat, waaruit blijkt dat hij misschien niet zo goed doorheeft hoe zo’n ding werkt of dat het al heel wat is om op nationale schaal een beetje eerlijk te zijn. Het levert soms een wat losgezongen toon op, alsof-ie de ‘derdewereld’-ideologie van de jaren zeventig herschrijft. En of je daarmee relevant wordt in een tijdperk getekend door aanhoudende welles-nietes over culturele kwesties als Zwarte Piet and all that jazz staat ook te bezien. Maar dat een progressieve beweging als die van de mensenrechten zich achter de oren krabt en zegt: onderdrukking komt niet alleen door cultuur maar ook door economie, dan hebben we dus niet alleen een mening over homohuwelijk maar ook over marktwerking – dat kon wel eens vooruitgang zijn,' aldus Hurenkamp.

Van Marjoleine de Vos een stuk over Maaike Meijers Hemelse mevrouw Frederike, 'een meeslepende en aangenaam uitvoerig gedocumenteerde biografie, waarin Meijer, ondanks het redelijk chaotische leven van haar hoofdpersoon, uitstekend orde heeft weten te bewaren' [fragment]. En Toef Jaeger sprak met Richard Powers over zijn roman Tot in de hemel [fragment]. 'Behalve over menselijke verhoudingen gaat de roman ook over het belang om empathie te hebben met dingen die buiten onszelf staan. De essentie van de verbeelding wordt erin uitgelegd. Onderzoek wijst ook uit: we kunnen naar statistieken kijken, artikelen lezen, maar we moeten geraakt worden. En om geraakt te worden, is verbeelding nodig. Mijn roman gaat dus eigenlijk over het belang van fictie en juist niet om het verval ervan,' zegt Powers onder meer in het interview.

Korter:

  • Obe Alkema over Hans Tentije, Begane grond: 'Hij ensceneert de herinnering steeds weer opnieuw, blijft situaties uit en in elkaar schroeven, houdt zijn jacht op al dan niet bestaande geschiedenissen vol. Alleen maar om de werking van geheugen, herinnering en verbeelding nog levensechter en daardoor nog bedrieglijker te doen voorkomen.'
  • Marco Kamphuis over Selahattin Demirtas, Morgenlicht: 'Morgenlicht is niet speciaal voor literaire fijnproevers, maar voor een groot publiek. Sobere middelen bereiken optimaal effect.'
  • Anne van den Dool over Caro Van Thuyne Wij, het schuim: 'de meerderheid van haar verhalen [schuurt] door al die overdaad tegen de parodie aan, en het is maar de vraag of Van Thuyne dat effect beoogde'.
  • Jan Donkers over Aja Gabel, Het ensemble: 'Een fijn en stemmig boek [...] al is dat hier en daar vooral voor liefhebbers van, inderdaad, de literaire pendant van easy listening.'
  • Judith Eiselin over Jane Gardam, De dochter van Crusoe: 'Nog verslavender dan haar Old Filth-trilogie, dat is De dochter van Crusoe van Jane Gardam. [...] Het is zo’n boek dat je zelfs meeneemt op heel korte treinritjes of even naar de wc: niet weg te leggen.'
  • Pieter van Os over Selma Leydesdorff, Sacha Pechersky. De Russische soldaat die de opstand van Sobibor leidde: 'Zeker, ze geeft schrijnende, mooie en ontroerende passages uit de memoires van overlevenden. Ze biedt plausibele verklaringen voor de tegenstrijdigheden in hun verhalen en legt overtuigend uit hoe onbetrouwbaar én onmisbaar herinneringen zijn voor een goed begrip van de geschiedenis. Maar de compositie is slordig, zacht gezegd, waarbij de vele herhalingen wijzen op een onderschatting van de lezer.'

De boekrecensies van NRC Handelsblad verschijnen elke vrijdag in Boeken, en zijn voor abonnees te raadplegen op Nrc.nl. NRC Handelsblad is te koop bij het Nieuwscentrum.

Christine Brinkgreve is enthousiast over Mieneke Schippers Heuvels van het paradijs. ‘Angst, jaloezie, compensatie, geweld, macht en onmacht: dit zijn de begrippen die in dit boek steeds langskomen,’ schrijft ze. ‘Dit boek heeft mij de ogen verder geopend voor mannenangsten.’ Dan, van Rasit Elibol een stuk over Thomas Ruebs Laura H. ‘Het is in meerdere opzichten een uniek boek, een verhaal dat zo bizar is dat het vaak amper te geloven is, en het beste wat er over dit onderwerp geschreven is […]. Buitengewoon knap geschreven.’

Frits Botermans Oswald Spengler wordt door Arthur Eaton besproken, hij noemt het 'een exemplarische intellectuele geschiedenis’. Jaap Tielbeke las twee boeken over het Antropoceen: Albert Fabers De gemaakte planeet (‘Soms lijkt hij niet verder te komen dan kanttekeningen plaatsen bij de “rechtlijnige” visies van anderen en het onderstrepen van de complexiteit.’) en Clive Hamiltons De provocerende aarde (‘Verfrissend. Geen laatste hoofdstuk met een geforceerd optimisme, maar een welgemeende wanhoopskreet.’). Hij voegt daaraan toe: ‘Zowel Hamilton als Faber slaagt er knap in om de overweldigende impact van het Antropoceen voelbaar te maken.’ En Cyrille Offermans las Eduoard Louis’ Ze hebben mijn vader vermoord. ‘Louis weet de beklemming opnieuw overtuigend en in bondige details op te roepen,’ aldus Offermans. ‘Jammer is dan wel dat Louis, indertijd zeven jaar oud, dat fragment afsluit met een conclusie die gevaarlijk balanceert op de rand van de sentimentaliteit.’

De Groene Amsterdammer is elke woensdag al te koop bij het Nieuwscentrum. Athenaeum Boekhandel verzorgt de boekverkoop voor de website van De Groene

MINDBOOKSATH : athenaeum