Over de vertaling van Ayad Akhtars Treurzang voor een thuisland, door Arjaan & Thijs van Nimwegen

22 september 2020
| | | | |

Arjaan & Thijs van Nimwegen vertaalden Ayad Akhtars uiterst actuele Homeland Elegies als Treurzang voor een thuisland. Wij vroegen hen om een toelichting op hun vertaling. Met een dialoog en een analyse, en een zoektocht naar de juiste toon.

Literaire uitgeverijen willen ons vanzelfsprekend monumenten van eeuwigheidswaarde bieden, maar verliezen liever niet de actualiteit uit het oog. Een tijdloos meesterwerk dat tevens op de huid van deze tijd geschreven is, dat zou het mooiste zijn. Maar waar vindt men zoiets in deze snel veranderende wereld, lieve lezer? De actualiteit is een glibberig dier dat je soms uit je handen schiet, zoals Geert Mak besefte toen zijn Grote verwachtingen, tot de verschijningsdatum bijgewerkt, onmiddellijk werd ingehaald door een akelig virus, en hij zich (waarschijnlijk zuchtend) aan een Epiloog moest zetten.

Ayad Akhtars Homeland Elegies (door ons vertaald als Treurzang voor een thuisland), loopt die kans ook. Dit boek moet voor 3 november verschenen en liefst ook gerecenseerd zijn. Een groot deel van de roman gaat over de opkomst en (voorlopige) triomfen van Donald Trump, en de cliffhanger is de aanloop tot de nieuwe presidentsverkiezingen. Doorvertalen dus, met die urgente adem in onze nek. Maar wij laten ons niet gek maken, en zeker niet door de actualiteit.

Het is een complex boek en het gaat te ver om alle lagen te analyseren, maar voor ons was cruciaal dat de schrijver twee uitgangspunten hanteert: enerzijds de moeizame verhoudingen binnen een Pakistaans gezin in de VS, inclusief hun onderlinge gehakketak, anderzijds een vrij diepgaande verhandeling over de recente politieke situatie, zowel in Amerika als in Pakistan. Als het over familie gaat, is zijn toon gekweld, empathisch en affectief, en gebruikt hij overvloedig de dialoog. Een voorbeeld (gesprek met pa, een Pakistaan die Amerikaanser dan Amerikaans is, aan de vooravond van Trumps verkiezing in 2016):

“I have no idea what you’re saying, Dad.”
“I’m saying he won’t win. So you should calm down.”
“And how do you know that?”
“Nate Silver.”
“What if he does?”
“He won’t.”
“What if he does?! I mean, you’re still saying he’s the better choice.”
“He is.”
“Better how?”
“Lower taxes.”
“You’ve got to be kidding me—”
“If you made more money, you would understand.”
“I made more than you did last year.”
“It’s about time.”
“It sounds like you’re gonna vote for him.”
He paused. “No.”
“Sounds like you are. And I gotta say, I still don’t understand what your problem is with Hillary.”
“No problem. We need a change—”
“Is it that she’s a woman? I mean, she can’t get pregnant anymore, so that shouldn’t be a problem for you—”
“I don’t like your tone.”
“What would Mom say? If she was here?”
“About what?”
“How do you think she’d feel about having her pussy grabbed, too?”
“Out-of-bounds!”
“Is that how Caroline liked it? Did she love it when you grabbed her pussy?!”
“You are not talking to me like that, goddammit! Do you hear me!? I am still your father!!”

‘Ik heb geen idee waar je het over hebt, Pa.’
‘Ik zeg toch dat hij niet gaat winnen? Dus kalmeer nou maar.’
‘En hoe weet je dat?’
‘Nate Silver van FiveThirtyEight.’
‘En stel hij wint toch?’
‘Doet hij niet.’
‘Maar als hij wél wint? Ik bedoel: jíj zegt steeds dat hij de beste keus is.’
‘Is hij ook.’
‘Wat is er dan zo goed?’
‘Belastingverlaging.’
‘Nou moet je toch ophouden...’
‘Als jij meer verdiende, zou je het begrijpen.’
‘Ik heb vorig jaar meer verdiend dan jij.’
‘Het wordt onderhand tijd.’
‘Zo te horen ga jij op hem stemmen.’
Hij zweeg even. ‘Nee.’
‘Zo klinkt het wel. En ik moet zeggen, ik snap nog steeds niet wat je tegen Hillary hebt.’
‘Niks. Er moet verandering komen.’
‘Dat ze een vrouw is? Ik bedoel: zwanger kan ze niet meer worden, dus dat kan voor jou geen punt zijn...’
‘Jouw toon bevalt me niet.’
‘Wat zou Ma ervan zeggen? Als ze hier was?’
‘Waaróver?’
‘Wat zou zij ervan vinden als ze ook bij haar poes werd gepakt?’
‘Jij gaat te ver!’
‘Vond Caroline dat leuk? Vond zij het lekker als je haar bij haar poes pakte?’
‘Zo praat je godverdomme niet tegen mij! Hoor je me? Ik ben nog altijd je vader!’

Nate Silver mag dan een begrip zijn in Amerika, bij ons niet. Hoewel we ‘uitleg’ in de tekst liever vermijden, leek die ons hier geboden: ook FiveThirtyEight is hier weliswaar geen vertrouwd begrip, maar de context suggereert een politiek medium, en de cijfers wijzen op de statistische achtergrond ervan. We hebben (kort) overwogen Trumps notoire uitspraak ‘You just grab ‘m by the pussy’ onvertaald te laten, maar die woorden zijn inmiddels zo’n eigen leven gaan leiden, dat we meenden op de voorkennis van de lezer te kunnen vertrouwen.

Die andere kant is analytisch, afstandelijk en met de toon van een politiek commentator; scherp maar aanzienlijk minder levendig en emotioneel. Soms vraag je je af wie er aan het woord is: het personage of de auteur.

Obama’s victory had turned out to be little more than symbolic, only hastening our nation’s long collapse into corporate autocracy, and his failures had raised the stakes immeasurably. Most Americans couldn’t cobble together a week’s expenses in case of an emergency. They had good reason to be scared and angry. They felt betrayed and wanted to destroy something. The national mood was Hobbesian: nasty, brutish, nihilistic—and no one embodied all this better than Donald Trump. Trump was no aberration or idiosyn­crasy, as Mike saw it, but a reflection, a human mirror in which to see all we’d allowed ourselves to become. Sure, you could read the man for metaphors—an unapologetically racist real estate magnate embodying the rise of white property rights; a self-absorbed idiot epitomizing the rampant social self-obsession and narcissism that was making us all stupider by the day; greed and corruption so naked and endemic it could only be made sense of as the outsize expression of our own deepest desires—yes, you could read the man as if he were a symbol to be deciphered, but Mike thought it was much simpler than all that. Trump had just felt the national mood, and his particular genius was a need for attention so craven, so unrelenting, he was willing to don any and every shade of our damned.
Obama’s overwinning bleek weinig meer dan symbolisch en versnelde alleen maar het wegzakken van het land tot een bedrijvenautocratie, en door zijn mislukkingen kwam er onmetelijk veel meer op het spel te staan. De meeste Amerikanen konden voor nog geen week genoeg geld bij elkaar scharrelen voor noodgevallen. Ze hadden alle reden om bang en boos te zijn. Ze voelden zich bedrogen en wilden iets kapotmaken. De stemming in het land was hobbesiaans: boosaardig, bruut en nihilistisch – en niemand belichaamde dat beter dan Donald Trump. In Mikes visie was Trump geen afwijking of uitzonderlijkheid, maar een weerspiegeling, een menselijke spiegel waarin we konden zien wat we door eigen schuld geworden waren. O ja, de man bood metaforen genoeg: een onbeschaamd racistische vastgoedmagnaat, de belichaming van de opkomst van de witte eigendomsrechten, een zelfingenomen idioot, de ongeremde zelfobsessie, het narcisme dat ons dagelijks stompzinniger maakte, een zo onverholen, ingekankerde hebzucht en corruptie dat ze alleen maar te vatten waren als het symbool dat onze diepste verlangens uitdrukte – inderdaad, je kon die man lezen alsof je een code ontcijferde, maar Mike dacht dat het veel eenvoudiger lag. Trump had alleen maar de nationale stemming aangevoeld, en zijn bijzondere talent was dat hij zo’n niet-aflatende, lafhartige aandachtshonger bezat dat hij bereid was zich te vertonen in alle lelijke kleuren van het moment, ongeacht de gevolgen.

Tussen die twee polen zwalkt dit intelligente boek, en afwisselend overheersen de vervreemding en nostalgie van de banneling, en de woede van de burger die zich vermorzeld weet door politiek gemarchandeer. Soms moesten we zoeken naar de juiste toon: Ironie? Woede? Weemoed? Frustratie en razernij worden volledig uitgedrukt in Akhtars vlechtende, borrelende zinnen die we dan ook zo min mogelijk in nette brokken hebben opgedeeld.

Of de weemoed dan wel de woede gaat winnen is aan het slot nog even onzeker als de kans op een nieuwe ambtstermijn voor Trump. Maar het is de hoofdpersoon die de laatste regels uitspreekt – en we hebben (bij uitzondering) de neiging om hem te laten samenvallen met de auteur:

“I’m here because I was born and raised here. This is where I’ve lived my whole life. For better, for worse—and it’s always a bit of both—I don’t want to be anywhere else. I’ve never even thought about it. America is my home.”
‘Ik ben hier omdat ik hier geboren en getogen ben. Hier heb ik mijn hele leven gewoond. Goed of slecht – en er is van allebei altijd wat – ik wil niet ergens anders zijn. Ik heb het zelfs nooit overwogen. Amerika is mijn thuis.’

Arjaan van Nimwegen (1947) is vertaler en schrijver. Samen met Thijs van Nimwegen vertaalde hij boeken van David Vann [lees ook hun toelichting op de vertaling], Philipp Meyer, David Cronenberg, Solomon Northup, Marlon James, Robert Harris, Claire Vaye Watkins, Lawrence Hill, Lee Clay Johnson, Amor Towles, Jennifer Egan [toelichting], Louise Erdrich [toelichting], Susan Sontag, Petina Gappah [toelichting] en Donal Ryan. Hij vertaalde ook werk van Aravind Adiga, Kenzaburo Oë, Donna Tartt, Martin Page en Paul Verlaine.

Thijs van Nimwegen (1981) is vertaler en werkt voor een NGO. Solo vertaalde hij onder andere Goat Mountain van David Vann en Border Districts van Gerald Murnane. Naast zijn samenwerkingen met Arjaan van Nimwegen vertaalde hij samen met verschillende andere collega’s werk van Jarett Kobek, Sigrid Rausing, Paul Theroux, Lidia Yuknavitch en Mira T. Lee. Zie ook www.thijsvannimwegen.nl.

Over de vertaling van Ayad Akhtars Treurzang voor een thuisland, door Arjaan & Thijs van Nimwegen

Delen op

€ 19,99
pro-mbooks1 : athenaeum