Recensie: Slechte voeding, maar soms ook leuk

25 november 2015 , door Fleur Speet
| | | |

Ida Simons, de schrijver van In memoriam Mizzi, maakte vorig jaar furore, nadat ze in de jaren vijftig onopgemerkt was gebleven. Ondanks haar Nescio- en Elsschotachtige toon, of juist dankzij. Er gold een andere literaire mode. Maar vorig jaar was het raak. Simons' novelle Een dwaze maagd uit 1959 appelleerde direct aan allerlei romantische gevoelens: een ‘herontdekt’ verhaal (de marketingtruc van 2014), een ambitieus jong en naïef meisje als hoofdpersoon, de vooroorlogse wereld waarin alles nog goed is. In memoriam Mizzi is nóg romantischer, en toch beter. Dat komt door de grimmige rand die eraan zit. Door fleur speet.

N.B. Eerder recenseerde Fleur Speet Een dwaze maagd voor Athenaeum.nl.

Kamp

Het verhaal speelt in de kamptijd. Eerst in Westerbork, daarna in Theresienstadt (allebei niet bij naam genoemd, maar duidelijk te herkennen). Een naamloze vrouw en haar al even naamloze zoontje (‘dat kind’) zijn de hoofdpersonen. In Westerbork ontmoeten zij een aardige Duitse Jood met een hondje; Mizzi. Huisdieren zijn uiteraard niet toegestaan in de kampen, maar Westerbork was Nederland, het ging er net een tikje vriendelijker aan toe. Als je geluk had. Er was zelfs een redelijk geoutilleerd ziekenhuis, waar een meisje in terechtkomt dat net als Mizzi gevolgd wordt tot in Theresienstadt. Bij het zien van het hondje strijkt de Hollandse kampcommandant van Westerbork over zijn hart. Het hondje heeft namelijk een bijzondere eigenschap: het kan lachen, werkelijk waar, en zo ieder hart veroveren. In een kamp is een vrolijk dier een welkome afleiding, met name voor kinderen, maar ook voor commandanten, zo blijkt.

Kinderen en de lichte toon

Het verhaal is opmerkelijk verteld. Het begint met een eerlijke, boude stelling waar Rudi Kousbroek en Jeroen Brouwers jaren over steggelden: dat het kampleven voor kinderen eigenlijk best leuk was. ‘Ze hoefden niet naar school, hun ouders konden geen toezicht houden, omdat ze de hele dag aan het werk waren; en het enkele uur dat ze met hen samen in de barak doorbrachten, waren de ouders zoet en gedwee.’ Omdat de ouders genoten van iedere seconde met hun kind, levend met de angst dat dit niet voor lang zou zijn, moeten we er even bij vertellen. Even verderop staat wel een nuchter genoteerde relativering dat het kampleven voor de gezondheid van de kinderen niet bijster goed was.

De twijfel over de vraag of moeder en kind het zullen halen in dit onmenselijke oord, hangt maar heel lichtjes over het verhaal. Ze hébben het gehaald, anders kon dit verhaal immers niet verteld worden. Hoe dan ook is het dus een verhaal met een goede afloop, wat een deel van de lichte toon verklaart.

Daarnaast is het verhaal opgedragen aan de daadwerkelijke zoon van de schrijver, Jan Simons, en dat verklaart een ander deel van de opgewektheid. Een kind schotel je geen gruweldrama’s zonder uitzicht voor. De opdracht geeft aan dat Simons het van belang acht de herinnering aan ‘het liefdevolle hart’ in het kamp te bewaren en de toon is dan ook monter. Ergens in de tekst staat zelfs: ‘We hadden het heel goed, die middag, hoe ongeloofwaardig dat ook mag lijken, in onze benarde toestand.’ 

Noodlot

Het is allemaal een kwestie van perspectief. Toch slaat het noodlot bij alle anderen toe en dat maakt het verhaal een heel stuk minder lieflijk. Het hondje vormt een lichtpuntje in de duisternis, een vuurtje waaraan het zoontje zich even kan warmen, maar de werkelijkheid is dat de duisternis zich daarna weer sluit.

De kracht van dit verhaal is dat Simons weet te balanceren tussen zwaarte en lichtheid. Dat doet ze in eenvoudige taal met onderkoelde zinnen. Niet cynisch en niet bleu, maar precies daar tussenin. De humor bedekt als kleverige lap de wonde. Dat treft tot in het hart, het is bijzonder knap.

Wat zou je daarom nog graag meer van Simons lezen. Helaas liet deze in 1960 overleden concertpianiste en schrijver niet zoveel na. We moeten het met die paar woorden doen, waarachter zoveel meer schuilgaat.

Fleur Speet is literair recensent. Ze schrijft onder meer voor De Morgen.

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum