Recensie: Van obsceniteit naar het heilige en terug

19 september 2016 , door Bastiaan Schoolmann
| | |

Wat hebben fellator, God's nails en spade met elkaar gemeen? Het waren in respectievelijk het oude Rome, de Middeleeuwen en in de Victoriaanse tijd taboewoorden die werden gebruikt om te schelden. In Holy Sh*t: A Brief History of Swearing beschrijft de aan Stanford verbonden historica Melissa Mohr de geschiedenis van het gebruik van taboewoorden in de Engelse taal.

N.B. Op Mohrs boek, en een dertigtal andere uitgelezen titels van Oxford University Press krijgt u in de jubileummaand september 20% kassakorting - ook online.

Volgens haar zijn scheldwoorden de ultieme manier om extreme vormen van emoties te uiten, zowel in negatieve als positieve zin. Het bestuderen van deze cruciale taaluitingen is echter niet alleen een kwestie van taal, maar ook van geschiedenis. Een historische analyse van schelden laat namelijk zien wat de meest belangrijke onderwerpen waren in menselijke emoties door de eeuwen heen en waar deze uit ontstaan. In Holy Sh*t toont Mohr aan hoe scheldwoorden veranderen in de loop der tijd, maar ook welke culturele factoren ervoor zorgden dat bepaalde woorden als scheldwoorden werden gebruikt. De belangrijkste bevinding die zij naar voren brengt is dat er een verschuiving plaatsvindt in het gebruik van scheldwoorden die betrekking hebben op het vloeken aan de hand van religie en aan de hand van wat wordt beschouwd als obsceen, oftewel Holy en Shit.

Tijdsgeest en taboes

Mohr begint haar onderzoek in een tijd die op het eerste gezicht doet denken aan onze huidige eeuw:

It begins in a place where public buildings are covered with graffiti ("If you're reading this, you're a faggot"); where the most popular entertainers have the foulest mouths; where swearwords graphic enough to offend not very delicate sensibilities are heard on every street corner. This is not New York City. It is Rome.

Misschien wel het sterkste aspect aan Holy Sh*t is deze historische context die geschetst wordt om het gebruik en betekenis van verschillende scheldwoorden in het Engels te verklaren. Het betoog van Mohr begint in het oude Rome, waar de wortels van obsceniteit in de Engelse taal liggen en waarin vooral obscene taboewoorden de manier van schelden beïnvloedden. Met de komst van de bijbel en het Christendom werd er een basis gelegd voor het vloeken aan de hand van religie, wat doorwerkte in de Middeleeuwen waarin vloeken in de naam van God en Jezus de meest verwerpelijke manier van schelden werd. Vanaf de zestiende eeuw neemt het schelden aan de hand van obscene woorden weer toe. Belangrijke redenen die Mohr hiervoor noemt zijn de opkomst van aan de ene kant het protestantisme en aan de andere kant privacy en een daarmee samenhangende toename van schaamte waardoor woorden als fuck, cunt en arse als ongepast beschouwd werden.

In de achttiende en negentiende eeuw verdrongen scheldwoorden met een obscene lading het vloeken met religie in grotere mate, en begon wat Mohr The Age of Euphenisms noemt: een tijd waarin bijvoorbeeld woorden als trouser en limb vermeden diende te worden omdat het naar bepaalde lichaamsdelen zou refereren. Het laatste deel dat Mohr behandelt is de twintigste eeuw, waarin referenties naar seksuele obsceniteit als minder schokkend worden ervaren en racistische scheldwoorden als het grootste taboe worden beschouwd. Het is opmerkelijk dat er in Holy Sh*t maar weinig aandacht wordt geschonken aan deze laatste categorie. Juist doordat dit onderwerp tegenwoordig zo beladen is, zou het interessant zijn geweest als de historische context hiervan meer belicht zou worden.

Literatuur als leidraad

Om haar betoog te ondersteunen maakt Mohr veel gebruik van citaten uit relevante literatuur van de beschreven periode. Zo wordt een indrukwekkende en uiteenlopende hoeveelheid teksten van auteurs als de Romeinse dichter Martialis, de zeventiende-eeuwse Engelse dichter John Wilmot en de twintigste-eeuwse auteur James Joyce gebruikt. Deze citaten zijn erg nuttig omdat ze de culture veranderingen die geschetst worden verlevendigen. Een voorbeeld hiervan is de ogenschijnlijke keurige beschrijving van een plant in het achttiende-eeuwse gedicht 'The Tree of Life' waarin volgens Mohr toch meer achter gezocht kan worden dan op het eerste gezicht lijkt en daarmee een uitstekend voorbeeld is van het achttiende-eeuwse gebruik van eufemismen:

If you don't recognize this as a description of the penis, you haven't been paying attention. Fanny Hill and other works of botanical erotica contain obscene subject matter - almost nothing but obscene subject matter, in fact - without offensive of low language. They are porn with pretentions, the product of an age with a craze for euphemisms, an era that prized delicate and learned diction whatever the occasion.

Ondanks het belang deze citaten halen met name de vele korte citaten op sommige momenten de vaart uit het verhaal. Toch is dit boek, uitgegeven bij de academische uitgeverij Oxford University Press, verre van een droog academisch betoog. De vlotte en humoristische schrijfstijl van Mohr past goed bij dit opzienbarende onderwerp waarbij het serieuze cultuurhistorische onderzoek niet uit het oog wordt verloren.

Een beknopt maar indrukwekkend overzicht

Holy Sh*t weet op een goede en toegankelijke manier tweeduizend jaar aan scheldwoorden en de oorsprong daarvan aan het licht te brengen in ruim 250 pagina's. Het boek is een aanrader voor iedereen die nieuwsgierig is naar de historische ontwikkeling van scheldwoorden en hoe culturele veranderingen taalgebruik kunnen beïnvloeden. Omdat Mohrs verhaal in rap tempo door de verschillende tijdperken heen gaat, kunnen sommige passages misschien wat oppervlakkig overkomen voor lezers die thuis zijn in bijvoorbeeld middeleeuwse of Victoriaanse literatuur. Dit neemt niet weg dat Holy Sh*t bovenal een fascinerend en vermakelijk boek is dat de opmerkelijke taboes uit het verleden blootlegt.

Bastiaan Schoolmann volgt de onderzoeksmaster geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam en is redacteur van Skript Historisch Tijdschrift.

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum