Leesfragment: De strijd om jezelf te mogen zijn

01 juni 2017 , door Anna van Rennesse
| | |

Op mijn schouders, is het nieuwste boek van de Amerikaanse auteur Jennifer Niven (Holding Up the Universe, vertaald door Karin Pijl). Het boek is geschreven vanuit twee perspectieven. Dat van Libby Strout, de voormalig dikste tiener van Amerika die na jaren thuisonderwijs weer terug naar school gaat. En dat van Jack Masselin, die voor de buitenwereld een perfect leven lijkt te leiden, maar niemand weet dat hij lijdt aan prosopagnosie. Door deze ziekte herkent hij geen gezichten, en dit maakt zijn leven een stuk moeilijker. Na een incident ontmoeten Libby en Jack elkaar en blijken ze meer gemeen te hebben dan ze denken.

Onzekerheid

In Op mijn schouders gaat het heel veel over hoe jij je zelf voelt en hoe de buitenwereld je ziet. Libby doet zich heel zelfverzekerd voor maar diep vanbinnen is ze heel erg onzeker. Iedereen ziet Jack als de populaire grappenmaker met veel vrienden. Hij is de vriend van het mooiste meisje van de school en bevriend met de populairste mensen. Hij lacht naar iedereen en lijkt super zelfverzekerd. Maar wat niemand weet is dat hij zichzelf bijna niet kan herkennen als hij in de spiegel kijkt. Als hij zijn broertje op moet halen van school, gaat hij op zoek naar het getinte jongetje met de grote oren en de afro. Het doet hem pijn dat hij zelfs zijn eigen familie niet kan herkennen.

Het boek begint met een brief van Jack aan Libby, daarna wordt het steeds om de beurt vanuit Libby en Jacks perspectief geschreven. De brief maakt je nieuwsgierig naar wat er is gebeurd, waarom en aan wie schrijft Jack? Na de brief gaat het verhaal terug naar de dag voordat de brief werd geschreven. Door deze opzet van het boek word je meteen nieuwsgierig en wil je verder lezen. Zelf heb ik het boek heel snel uitgelezen, omdat ik bij elk hoofdstuk benieuwd was naar wat er zou gebeuren. Dit komt ook door de levens van Jack en Libby. Hoe zou het zijn om zo zwaar te zijn? En hoe voelt het om geen gezichten te herkennen?

‘Stel dat de hele wereld gezichtsblind is?
Als iedereen prosopagnosie had, zou er hoop zijn voor mensen die van de norm afwijken. Niemand zou ooit zeggen “Je bent te knap om dik te zijn” of “Ze is best knap voor een dikkerdje”, want uiterlijk zou er niet meer toe doen. Zouden mensen zich er nog druk over maken of je te dik of te dun was? Te lang of te klein? Misschien. Misschien niet. Maar het zou een stap in de goede richting zijn.’

Realistische perspectieven

De antwoorden op deze vragen zijn goed in het boek terug te vinden. Niven heeft het boek geschreven op basis van haar eigen jeugd en het leven van haar neefje. Zelf had ze vroeger problemen met haar gewicht en na de dood van haar vader en vriend durfde ze het huis niet meer uit. Jack is gebaseerd op haar neefje, die ook moet leren mensen te herkennen aan hun kenmerken. Het boek is in ik-vorm geschreven waardoor je echt in het hoofd van de personages zit en heel erg met ze meeleeft. Omdat Niven vanuit haar eigen ervaring schrijft, is het een heel realistisch boek geworden.

Op mijn schouders is een herkenbaar, spannend en goed geschreven boek. Je wordt steeds aangespoord om verder te lezen. Ik raad het iedereen aan die van boeken houdt en die makkelijk leest, maar wel een voorkeur voor diepgaande boeken heeft.

Anna Anna van Renesse is 15 jaar oud en zit op hockey en tennis, ook speelt ze gitaar. In haar vrije tijd leest ze graag af en toe een boek.

 

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum