Recensie: Het fantastische leven van heer Jan

20 november 2017 , door Wouter van Dijk
| | |

Menigeen zal de naam Brederode bekend voorkomen, al is het maar vanwege de imposante ruïne van het stamslot van de familie die nog altijd te bezoeken is in Santpoort. De Brederodes waren een belangrijk middeleeuws geslacht in het graafschap Holland. Frits van Oostrom, hoogleraar en specialist historische letterkunde wijdde een boek aan het zwarte schaap van de familie: heer Jan, de zevende heer van Brederode.
Op het omslag van het fraai vormgegeven Nobel streven staat een afbeelding van het rad van fortuin, dat alsmaar ronddraait en de mensen die zich eraan vastklampen willoos van geluk en voorspoed in pech en narigheid stort. Dat typeert bij uitstek het leven van heer Jan van Brederode (ca.1372-1415).

N.B. Lees op Athenaeum.nl een fragment uit Nobel Streven.

Hij kwam in gezegende omstandigheden ter wereld, zoals de auteur het zo mooi omschrijft. Jans jeugd zal naar alle waarschijnlijkheid prettig verlopen zijn, maar de ellende begon eigenlijk op het moment dat het geluk Jan juist leek toe te lachen. Zijn oudere broer Dirk werd kloosterling, precies rond de tijd dat hun beider vader stierf. Hierdoor werd Jan rond zijn achttiende heer van Brederode, en om de erfopvolging zeker te stellen met nageslacht moest hij een geschikte echtgenote vinden. De familie ging dus op zoek.

Het gedroomde huwelijk dat een nachtmerrie werd

Een droompartij diende zich aan in de persoon van Johanna van Abcoude, erfdochter van Willem van Abcoude, een belangrijk heer uit het Sticht. De prijs die Jan aan zijn schoonvader moest betalen was niet gering, en was het begin van langdurige geldzorgen die Jan, Johanna en de hele familie Brederode lang bleven achtervolgen. Al snel bleek dat Jan met deze huwelijkse voorwaarden tot de grens van zijn financiële kunnen was gegaan, en eigenlijk eroverheen. Herhaaldelijk werd hij door zijn schoonvader gemaand tot achterstallige betalingen, en die schroomde er niet voor zijn ongenoegen over zijn kersverse schoonzoon te uiten bij de landsheer, de Hollandse graaf Albrecht van Beieren.

Bij het sluiten van het huwelijk was van de kant van de Brederodes natuurlijk ingecalculeerd dat zodra Willem zou overlijden, alle eigendommen zouden overgaan op Johanna. Dan zouden in één klap alle financiële problemen uit de wereld zijn. Het enige probleem was dat vader Willem vooralsnog niet van plan leek snel naar gene zijde te vertrekken, hij was immers nog geen vijftig.

Ook de komst van nageslacht liet op zich wachten. Dat was nogal een nijpende zaak voor een adellijke familie in de middeleeuwen, het was immers zaak de bezittingen door te geven aan een volgende generatie, liefst in betere staat dan daarvoor. Uitsterven als geslacht was het grote schrikbeeld. Jan ging op pelgrimstocht naar Ierland, en was daarmee de eerste uit de Noordelijke Nederlanden die deze zware pelgrimage maakte. Eenmaal terug in Holland bleek de pelgrimage niet het gewenste effect te hebben.

Toen de Hollandse graaf, en met hem de Brederodes, ook nog eens in een langslepende oorlog verwikkeld raakten met de machtige heer Jan van Arkel, kwam men in de familie Brederode op een even lumineus als risicovol idee. Om alle schuldeisers te slim af te zijn – Jan ging inmiddels bijna kopje onder door alle zich opstapelende schulden – zouden hij en Johanna allebei in het klooster intreden. Zo gebeurde het ook, maar ook dat bleek niet de oplossing voor de problemen van de familie, integendeel. Uiteindelijk zou Jan het klooster weer verlaten en overlijden op het slagveld van Azincourt. Het rad van fortuin draaide door – en dat verhaal is zeker de moeite waard.

Daarbij wordt dat verhaal door Van Oostrom weergaloos verteld. Een voorbeeld hiervan is de poging die Jan onderneemt om Johanna uit het klooster te ontvoeren wanneer hij zelf zijn orde heeft verlaten, waarschijnlijk met haar goedkeuring maar tegen de zin van de kerkelijke autoriteiten en de Utrechtse bisschop. De poging mislukt, en niet lang daarna sterft zijn vrouw in het klooster.

'Het kan voor Jan en zijn mannen nooit moeilijk zijn geweest om met geheven zwaarden vijftig nonnen plus een pater de stuipen op het lijf te jagen, in die paniek zuster Johanna op een paard te hijsen en haar met machtsvertoon het klooster uit te voeren. Wel moet het een consternatie van jewelste hebben gegeven, die snel genoeg de aandacht trok. Het Magdalenaklooster lag in Het Oever, een voorstadje van Wijk tussen de stadskern en de Lek, op een paar honderd meter van kasteel Duurstede, Johanna's ouderlijk huis. Een flink deel van de stad zal wel te hoop gelopen zijn voor deze overval op een nonnenklooster door een ridderlijke knokploeg.'

Een meesterlijk boek

Het levensverhaal van Jan van Brederode dat Van Oostrom zo minutieus heeft opgetekend lijkt haast een historische roman, zo fantastisch doen sommige gebeurtenissen aan. De auteur is zelf de eerste die dat benadrukt in de vele lezingen die hij in het land geeft over zijn laatste pennenvrucht. Bij onderzoek naar de middeleeuwen blijft gewoonlijk veel in het duister vanwege afwezige bronnen, het geval van heer Jan is wat dat betreft uitzonderlijk. Het zet je wel aan het denken over de vele levens waarover we nooit meer te weten zullen komen vanwege schaarste in het bronmateriaal.

Hoewel het boek leest als een trein en geen moment verveelt, besef je je al lezende wat een klus het geweest moet zijn om al deze puzzelstukjes uit verschillende bronnen in elkaar te passen. Van Oostrom is daar met zijn team bijzonder goed in geslaagd en heeft met Nobel streven een ware historische pageturner afgeleverd, gestoeld op degelijk wetenschappelijk onderzoek. De auteur geeft zowel vooraf als na afloop van Jans geschiedenis de nodige context van de middeleeuwse samenleving waarin de familie Brederode zich bewoog en de levenshouding van de mensen, de adel in het bijzonder. Daarbij legt hij op een heldere manier uit, zoals een goede historicus betaamd, hoe de conclusies in zijn boek tot stand zijn gekomen. Het bronnenmateriaal is, zeker voor de middeleeuwen, fragmentarisch, en mede daarom valt het niet mee om een biografie over iemand uit die tijd te schrijven.

Dat Van Oostrom en de zijnen hier toch zo goed in geslaagd zijn komt door de context van de tijd waarmee het leven van Jan wordt ‘aangekleed’, en een afgewogen interpretatie van het bronmateriaal dat wél beschikbaar is, volgens de toetsbare historische methode. De uiteindelijke onderzoeksresultaten worden bovendien multimediaal gepresenteerd, want wie na lezing van het boek geen genoeg kan krijgen van de zoektocht naar Jan van Brederodes levensverhaal kan terecht op nobelstreven.nl waar allerlei extra materiaal en een uitgebreide verantwoording te vinden zijn. Pure reclame voor de mediëvistiek, dit boek!

Wouter van Dijk is historicus. Hij is redacteur van het historische platform Hereditas Nexus.

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum