Recensie: The Vory zet Russische onderwereld in perspectief

14 mei 2018
| | | | |

De misdaad in Rusland heeft zich getransformeerd van een systeemvijandige tegencultuur onder het communisme naar een netwerk waarin onder- en bovenwereld met elkaar verweven zijn. Maar er is geen sprake van een strak van boven af geregeerde criminele orde, waarin Poetin en zijn vrienden alles en iedereen beheersen, zo concludeert Mark Galeotti in zijn nieuwe boek The Vory.

De carrière van Vjatsjeslav Ivankov, bijgenaamd 'Japontsjik' (de Japanner), markeert de overgang tussen de meer traditionele Russische vor (dief) en de moderne, ondernemende Russische crimineel. In zijn razend interessante boek The Vory: Russia's Super Maffia komt Mark Galeotti regelmatig op hem terug, om de historische evolutie van de Russische onderwereld te illustreren.

Ivankov was een vor oude stijl – een misdadiger die de dievencode naleefde: opdrachten uitvoeren tot elke prijs, grof geweld geen bezwaar, niet samenwerken met welke autoriteit dan ook, laat staan de politie, en natuurlijk de zaak niet verraden, wat er ook gebeurt. Hij was het soort misdadiger dat op zijn lijf de tatoeages droeg die voor de kenner een biografie vormden: het aantal veroordelingen, de aard van de criminele activiteiten en specialisatie, en natuurlijk het aantal gepleegde moorden.

Dievencode

Ivankov, begonnen als professioneel bokser, werd in 1982 voor het eerst veroordeeld, tot veertien jaar kamp. Maar voor de echte vor hield het leven niet op na een veroordeling, integendeel. Er was in het kamp werk aan de winkel: contacten leggen, rivaliteiten onderhouden, door geweld andere gevangenen aan je onderwerpen, stijgen in de pikorde van de Russische onderwereld. Ivankov verrichtte zulk goed werk dat hij, nog in het kamp, door zijn meerderen in de onderwereld 'gekroond' werd en de status van vor v zakone verwierf – een vor die belast is met de handhaving van de code van de onderwereld dus.

Wat een hoge dunk de oudere vory van hem hadden bleek ook uit de bijnaam die hij mocht voeren: Japontsjik. Die had ooit toebehoord aan een legendarische vor uit Odessa, Michail Vinnitski.

Maar de tijden veranderen. Galeotti schildert in zijn boek een geleidelijke verschuiving van de onderwereld van romantisch banditisme, naar activiteiten die meer gericht zijn op het afromen en overnemen van de 'officiële' economie.

Van 'vor' naar 'avtoritet'

Natuurlijk gaat dat nog steeds gepaard met veel geweld – maar voor het echt grote geld moet je als vor toch ook over het vermogen beschikken om nuttige contacten te leggen en te onderhouden. Op die manier ontwikkelt de vor van weleer zich steeds meer tot wat een avtoritet (autoriteit) genoemd wordt – een criminele ondernemer die zich behalve met zaken als smokkel, drugs- en mensenhandel, ontvoering, afpersing en wat dies meer zij, ook weet te bewegen in de bovengrondse zakenwereld.

In zijn buitengewoon onderhoudende, met vele case studies verluchte boek, schildert Galeotti de diverse stadia van deze tendens: van de alles doordringende corruptie van het Brezjnev-tijdperk, naar de ineenstorting van de Russische staat die onder Gorbatsjov begon en in de jaren van Jeltsin zijn hoogtepunt bereikte. Dat waren ook de jaren van de vaak openlijk in de straten van Rusland uitgevochten oorlogen tussen rivaliserende bendes van vory.

Rond het jaar 2000 waren de criminele kaarten echter wel zo'n beetje geschud. Net als de rest van de Russische samenleving waren de vory opgelucht toen president Poetin orde op zaken stelde en het herstel van het staatsgezag met kracht ter hand nam. Het grote geld komt voor de misdaad tegenwoordig niet meer uit de handhaving van een systeem-vijandige groepssolidariteit, maar uit een constructieve samenwerking met de bovenwereld.

Niet meer tégen maar mét het systeem

Voor mannen als Ivankov – met hun ouderwetse systeemvijandigheid – was in die nieuwe criminele wereld eigenlijk geen plaats, ondanks alle verschuldigde eerbied voor de gewelddaden en veroordelingen die ze op hun conto hadden. Al in de jaren negentig werd hij toch min of meer als een probleem gezien, wat voor een schodka– een soort besluitvormend congres van gezaghebbende vory – aanleiding was hem weg te promoveren naar New York. In de wijk Brighton Beach, waar veel Russische emigranten woonden, zou hij wat stroomlijning bewerkstelligen in de wereld van kleine bendes die daar de afpersing van bedrijven en de huurmoorden-sector in handen hadden.

Deze activiteiten leidden in 1995 tot zijn arrestatie door de FBI en een veroordeling. Na negen jaar Amerikaanse gevangenis werd hij aan Rusland uitgeleverd, zogenaamd om terecht te staan voor een moord op twee Turken – maar van dat proces kwam weinig terecht. Als een soort criminele notabele kon de Japontsjik weer door Moskou lopen. Al te lang heeft hij van die status niet kunnen genieten. Terwijl hij arbitreerde tussen een Georgische- en een Yezidi-Koerdische bende die in Moskou in conflict waren geraakt, werd hij in 2009 op straat doodgeschoten – waarschijnlijk door een conflictpartij die vermoedde dat Ivankovs beslissing in haar nadeel zou uitvallen.

Eigen taal, eigen erecode, eigen liedjes

Galeotti heeft over de Russische onderwereld een verbazingwekkende grote hoeveelheid gegevens bijeen gebracht – voor een groot deel afkomstig van Russische misdaadbestrijders, laat de auteur merken. Georganiseerde misdaad in Rusland heeft oude papieren. In het onmetelijke, moeilijk te besturen imperium wemelde het sinds eeuwen al van de struikrovers en andere bandieten op het platteland. De echte cultuur der vory, met hun soms omvangrijke netwerken en criminele specialisaties, lijkt ontstaan als een bijproduct van de industrialisatie en groei van de steden in de tweede helft van de negentiende eeuw.

In de sloppenwijken van die steden ontstond de criminele 'tegencultuur' met zijn eigen taal, het fenja – het bargoens in Nederland –, zijn eigen erecode en niet te vergeten zijn eigen liedjes. Met name die taal heeft op 'gewone' Russen altijd een grote fascinatie uitgeoefend en het werd op den duur een teken van goede smaak om je conversatie te doorspekken met termen uit de onderwereld – zelfs president Poetin maakt zich daar af en toe aan schuldig. De befaamde, in 1980 overleden zanger Vladimir Vyssotski dankte zijn verpletterende populariteit in Rusland mede aan het opduiken van dit crimineel jargon in die liedjes.

Machtsstrijd in de Goelag

De grote bloeitijd van de vory als tegencultuur, die nadrukkelijk los stond van de (communistische) bovenwereld en daar ook niets mee te maken wilde hebben, ligt al weer enige tijd achter ons. Het was de wereld van de stalinistische terreur, en de miljoenen Sovjet-burgers die in de jaren dertig en veertig in werkkampen werden opgesloten. Enkele van de interessantste hoofdstukken in The Vory zijn gewijd aan de machtsstrijd die in de Goelag bestond tussen de vory, soeki ('teven', oftewel misdadigers die het wel met de kampautoriteiten op een akkoordje wilden gooien) en de zeki (de politieke gevangenen). De tussen deze groepen bestaande oorlogen en machtsverhoudingen werden vaak gemanipuleerd door de kampleiding, omdat er in de jaren van het stalinisme een voortdurend gebrek was aan bewakingspersoneel.

Wie Galeotti's veiligheidsanalyses over Rusland kent – bijvoorbeeld op de website Raam op Rusland – weet dat hij zich zelden laat verleiden tot de clichématige voorstellingen die vaak het beeld van Rusland in het Westen bepalen. Zo ook in dit boek. Het beeld in het Westen van een strak georganiseerde Russische criminaliteit die zijn tentakels internationaal uitbreidt klopt niet, meent de auteur. De Russische onderwereld is, in tegenstelling tot de maffia in de VS of Italië, ook niet piramidaal gestructureerd, met een Godfather aan het hoofd – het gaat hier meer om grote en kleine netwerkorganisaties.

Meer dan een kleptocratie

Ook verzet Galeotti zich tegen de veel gehoorde karakterisering van Poetins regime als een 'kleptocratie', een elite die de macht primair zou willen gebruiken om zichzelf te verrijken. Niet dat die zelfverrijking niet zou plaatsvinden natuurlijk - al in de Brezjnjev-tijd gold de regerende partij als 'de grootste bende van het land'. Maar kleptocratie is een te eenduidige term: de Russische overheid houdt nog meer ballen in de lucht dan het streven naar zelfverrijking: civiel bestuur bijvoorbeeld, en buitenlandse politiek. Daarom is er in Rusland ook misdaadbestrijding bijvoorbeeld. De hedendaagse onderwereld in Rusland kent eigenlijk een soortgelijke wendbaarheid, met een voor buitenstaanders vaak ondoorgrondelijke mix van legale en onoorbare activiteiten.

Onder- en bovenwereld steken elkaar in het hedendaagse Rusland regelmatig de helpende hand toe. De bovenwereld tolereert, onder zekere voorwaarden, de criminaliteit en pikt een graantje mee. En de onderwereld helpt de staat door het opknappen van smerige karweitjes af en toe. Wie in Oost-Oekraïne, Syrië of Salisbury woont, kan daar van meepraten.

Raymond van den Boogaard is historicus en journalist. Tussen 1982 en 1987 was hij correspondent in Moskou voor NRC Handelsblad. Later werkte hij voor die krant onder meer als chef van de kunstredactie en filmcriticus. Van den Boogaard schreef deze bespreking voor Raam op Rusland, waar dit artikel eerder gepubliceerd werd.

 

https://raamoprusland.nl/images/ror-logo.jpg

MINDBOOKSATH : athenaeum