Recensie: De vroege jaren zestig als literatuur

16 april 2019 , door Jerker Spits
| |

In 2015 verscheen De gelukkigen, het veelgeprezen romandebuut van Kristine Bilkau. Duitse critici prezen dit boek over de angst van dertigers te mislukken. Nu is haar tweede roman Een liefde, in gedachten in het Nederlands verschenen. Het is een liefdesgeschiedenis die in het begin van de jaren zestig speelt. Ook deze roman maakt indruk door de ongekunstelde stijl en door de empathie waarmee Bilkau haar personages beschrijft.

Terug in de tijd

Met De gelukkigen debuteerde Bilkau (Hamburg, 1974) als een schrijfster die relaties in onze tijd precies en gevoelvol wist te duiden. Terwijl hun buurt populairder wordt, vervreemden de dertigers in deze roman van elkaar. Ook hun sociale positie verandert: vaste banen maken plaats voor tijdelijke contracten. Volgens veel Duitse critici had Bilkau haar tijd gevangen. Ze liet de problemen zien waar de dertigers van nu mee worstelen. Ook in Nederland ontving Bilkau veel lof. Jeroen van Kan interviewde haar voor Boeken en haar debuut was boek van de maand bij De Wereld Draait Door.

Net als in De gelukkigen beschrijft Bilkau in Een liefde, in gedachten een man-vrouw relatie. Ze gaat daarvoor verder terug in de tijd, naar 1964. Antonia (Toni) en Edgar zijn in de oorlog geboren. Ze willen, anders dan hun ouders, de wereld leren kennen en zich ontwikkelen. Edgar wil in Tokio een lokale vestiging van een Duits bedrijf opzetten. Het is de bedoeling dat Toni hem achterna reist. Na een jaar wachten verbreekt Toni de verloving. In de roman zien we hoe hun levens verder gaan. Het verhaal wordt verteld door Toni's dochter, die zich afvraagt of haar moeder de juiste keuzes heeft gemaakt. Was ze vrij en onafhankelijk, of nam ze de verkeerde beslissing?

Tot aan haar oorlelletjes reikend haar

Bilkau is sterk in de omschrijving van de gevoelens van haar personages en hun onderlinge relaties. Haar stijl is ongekunsteld en tegelijk heel literair. Pauline de Bok heeft die toon in haar vertaling goed overgebracht. Een voorbeeld is de beschrijving van het uiterlijk van Toni, met haar 'zorgvuldig geknipte, tot aan haar oorlelletjes reikende haar'. De oude Volkswagen van Edgar is 'de gedeukte auto' waarvan 'de benzinemeter bijna altijd op reserve stond'.

Ze beschrijft Toni en Edgar van binnenuit. Neem de volgende zin waarin de dochter zich voorstelt hoe haar moeder talmt als Edgar, haar mogelijke man voor het leven, voor haar deur wacht: 'Nu moet ze nog wat tijd laten verstrijken om uit te vinden of hij iemand is die wacht, of zij iemand is op wie gewacht wordt.'

Een bezoek bij de huisarts

Toni is moedig in een tijd 'waarin vrouwen deze moed niet vergeven wordt'. Ze is geëmancipeerd en wil in haar verhouding tot Edgar 'niet de wachtende zijn'. Bij een bezoek aan de huisarts vraagt ze om de 'anti-baby-pil'. De huisarts laat haar weten dat dit meer iets is 'voor dames boven de dertig die vier of meer bevallingen achter de rug hebben'.

‘In Der Spiegel heeft ze gelezen dat steeds meer vrouwen, vooral in Amerika, de pil voorgeschreven krijgen. Daar stond niets over bevallingen als voorwaarde, en al helemaal niets over bevallingen als tegenprestatie. Ze wil niet op een huwelijk moeten hopen, het leven daarvóór is niet iets voorlopigs, dat telt toch ook.
“Deze hormoonpreparaten – ‘anti-baby-pil’ is overigens geen bijzonder mooi woord, vind ik –, dit medicament dus is vooral voor dames, vergeeft u me dat ik zo onverbloemd spreek, die al genoeg kinderen hebben. Die lichamelijk, en begrijpt u me nu niet verkeerd, dit bedoel ik puur biologisch, die lichamelijk verbruikt zijn.”’

Zo liep de moedige Toni in de jaren zestig tegen de dominante structuren aan.

Solidariteit tussen generaties

Ze beschrijft de Bondsrepubliek van de vroege jaren zestig geloofwaardig. Zonder te expliciet te worden maakt ze aannemelijk dat Toni en Edgar de Bondsrepubliek - conservatief en religieus als die in de vroege jaren zestig was - graag samen hadden verlaten. Je leeft niet alleen mee met de personages, je gaat als lezer ook anders over de jaren zestig denken. En doordat haar dochter Toni beschrijft, krijg je ook de blik van een jonge vrouw op haar moeder in de jaren zestig te zien. Solidariteit tussen vrouwen van verschillende generaties - die boodschap is subtiel tussen de regels van deze roman verweven.

Een liefde, in gedachten bewijst dat Kristine Bilkau meer en meer tot de groep toonaangevende Duitse auteurs behoort. Ze beschrijft net als in haar debuutroman relaties tussen mensen en gaat een stap verder. Ze verbindt de persoonlijke keuzes van de personages met een scherpe blik op emancipatie, solidariteit tussen generaties en de Bondsrepubliek van de vroege jaren zestig.

Jerker Spits is germanist. Hij schrijft voor Athenaeum.nl en De Groene Amsterdammer en schreef een korte cultuurgeschiedenis van Duitsland.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum