Recensie: Het boek der gemiste oproepen

08 oktober 2019 , door Kasper Bockweg
| | | | |

Na bundels over de Russische winter, moeders, ouderen en dieren, heeft Van Oorschot nu een verzameling doktersverhalen uitgebracht onder de titel Word snel beter! In een selectie van veertien thematisch losjes verbonden verhalen uit de Russische Bibliotheek neemt de lezer kennis van het lief en leed van verongelukte dochters, bevallende vrouwen, dronkenlappen, gewonde soldaten en beginnende artsen.

Het uitspansel in een verstilde vriesnacht. Daar moet de arts in ‘Hemelse uitslag’ van Michail Boelgakov – bekend van De meester en de Margarita – aan denken bij het zien van de ‘vochtige papuleuze blaasjes’ op een pasgeboren baby. Even daarvoor lezen we hoe hij een patiënt met keelklachten aan het verstand probeert te brengen dat hij aan syfilis lijdt.  De arts stuit niet op schrik of berouw, maar op een door en door sceptische patiënt. De zieke neemt weliswaar zijn kwikzalf in ontvangst, maar als de dokter even later zijn spreekkamer verlaat, vangt hij in het voorbijgaan een minder toegeeflijk oordeel op:

‘“Een slechte dokter. Jong. Weet je m’n keel zit dicht en hij maar kijken, kijken.. Nu eens naar m’n borst, dan weer naar m’n buik… Ik kom óm in het werk, en aan het ziekenhuis ben ik een halve dag kwijt. Voor je weg kunt is het nacht. Lieve hemel! Heb ik keelpijn, geeft-ie me zalf voor m’n benen!” 
“Hij is slordig, heel slordig.”’

De syfilislijder legt het advies van de jonge dokter dan ook rustig naast zich neer, en een tijd later behandelt de dokter de gevolgen: de vrouw en het kind van de patiënt bezaaid met de ‘hemelse uitslag’.

Boelgakov, wiens werk ongeveer een derde van Word snel beter! inneemt, baseerde dit soort hemeltergende voorvallen op eigen ervaring. Als beginnend arts moest hij min of meer in zijn eentje een afgelegen praktijk overzien. In een stijl die moeiteloos wisselt tussen het komische en tragische, beschrijft hij de vele kwellingen van het jonge artsendom: hoe hij vlak voor een operatie naar zijn woning moet rennen om in de boeken na te kijken hoe een versiebevalling ook alweer plaatsheeft, hoe hij een ‘aan flarden gescheurd mens’ moet opereren omdat diegene in de braker is gevallen (‘In de braker… in de braker? Wat is dat voor iets?’) of hoe hij een speciale syfilisafdeling moet opzetten omdat de dorpelingen de aandoening noch het besmettingsgevaar serieus willen nemen.

De rimpelloze dood

Boelgakovs portret van de arts als jongeman vormt een van de hoogtepunten in Word snel beter!, een dunne bundel waarin de verhalen zozeer uiteenlopen dat je bij ieder verhaal even de tijd moet nemen om te wennen aan de andere auteur, stijl en periode. Zo is er een klassiek sprookje van Tolstoj ,‘Drie doden’, waarin een rijke aristocrate zich niet kan verzoenen met haar naderende levenseinde. Tot op haar sterfbed maakt ze haar man verwijten en klampt ze zich vast aan geruchten over ‘eenvoudige genezers’.

Haar onsierlijke dood wordt gecontrasteerd met het bescheiden levenseinde van een koetsier, die zich niet bekommert om genezing maar bedaard de voorbereidingen treft voor zijn laatste rustplaats. Nog rimpellozer is de derde dood, van de boom die wordt omgehakt om het koetsiersgraf mee te sieren. Boven de dode, gevallen boom breekt de zon ‘door het ijle wolkendek’, hippen de ‘vogels rond in het kreupelhout’ en zelfs de ‘sappige bladeren fluisteren vreugdevol en rustig in de boomtoppen.’ 

De alternatieven

Waar Tolstoj het bescheiden leven in nabijheid van de natuur bejubelt en het kwaad ziet in rijkdom en een adellijke leefstijl, plaatsen de opgenomen kluchten van de jonge Anton Tsjechov juist vraagtekens bij het ongecompliceerde boerenleven. Over Tolstojs voorliefde voor het eenvoudige, merkte deze arts-schrijver ooit op dat voor hem ‘elektriciteit en stoom van meer liefde voor de mens getuigen dan kuisheid en onthouding van vlees’.

In zijn drie komedies komen dan ook allerlei idiote alternatieve geneesmethodes voorbij, die van alles beloven, maar bij Tsjechov vooral op de lachspieren werken. Achter die kluchtigheid zit de ergernis die ook in de verhalen van Boelgakov doorklinkt: de geneeskunde moet in de Russische provincie concurreren met de grootse beloftes van allerlei duistere kruidenvrouwtjes en helderzienden. Als de arts niet in staat is om (snel) te genezen, zoekt men zijn heil wel elders. Geneeskundige onmacht of overmacht wordt kortom niet of amper getolereerd. 

De onmacht

Over de onmachtige arts wordt ook geschreven in de verhalen van Ivan Toergenjev en Konstantin Paustovski, maar misschien wel het mooist in een verhaal van amper drie pagina’s lang, waarin Isaak Babel een eerstehulppost in het door (burger)oorlog geteisterde Petrograd beschrijft. Het verhaal opent schitterend:

‘Elke dag steken mensen elkaar neer, gooien elkaar van bruggen in de zwarte Neva, bloeden dood tijdens mislopende gecompliceerde bevallingen. Zo was het vroeger. Zo is het nu.
Om de kleine luiden die de stoepen van de grote stad afsjouwen te redden, bestaan er eerstehulpposten.’

Het ontbreekt de hulppost in het verhaal echter aan alles: ambulances zijn er niet wegens gebrek aan brandstof, paarden niet omdat de brandweer die voor zichzelf houdt.  De enige afdeling die nog draait is de administratie, die de werkzaamheden van de instelling in een speciaal register bijhoudt: het boek der gemiste oproepen. Daarin staan alle gevallen waarin geen hulp werd geboden, alle momenten waarop de medici hun werk niet konden uitvoeren. Het boek der gemiste oproepen is ‘het belangrijkste, het enige boek’, omdat het getuigt van een onmacht die eigenlijk niet mag bestaan: van de dokter om zijn patiënt te helpen, van de mens om zijn medemens te helpen.

De kleine verzameling Russische doktersverhalen in Word snel beter! doet hier en daar denken aan dat boek der gemiste oproepen. Al is het maar omdat uit de beschrijving van de rommelige, menselijke achterkant van de geneeskunde blijkt dat niet alleen het ellendige lot van de zieke valt te beklagen, maar evengoed het soms hoopgevende maar nog vaker uitzichtloze vak van de arts. 

Kasper Bockweg studeerde geschiedenis en filosofie en werkt bij uitgeverij Vantilt.

MINDBOOKSATH : athenaeum