Recensie: Een nieuwe, realistische geschiedenis van de democratie

17 maart 2020 , door Addie Schulte
| | |

Democratie, zo weet iedereen, komt uit het oude Griekenland. In de duistere tijden van Romeinse keizers en de middeleeuwen waren er alleen despotische heersers. Pas door de Franse revolutie kregen burgers weer wat te zeggen. Dat is een zeer korte standaardgeschiedenis van de democratie. Maar die is niet alleen kort, maar ook fout, zo laat emeritus hoogleraar Wim Blockmans in zijn uitvoerige studie Medezeggenschap overtuigend zien.

Ook in de middeleeuwen waren er allerlei vormen van politieke participatie van burgers. Het idee dat een monarch als een van god gegeven heerser het voor het zeggen moest hebben, was vaak omstreden. Dat kwam regelmatig door het gedrag van die monarchen en de  nogal willekeurige selectieprocedure van een opvolger. De onbekwaamheid van zieke of zwakke vorsten en erfkwesties deden de twijfel rijzen over hun machtige rol. En de ‘heerlijke’ heersers waren niet lang niet altijd een zegen voor het land.

In allerlei landen ontstonden tussen 1100 en 1350 statenvergaderingen, Rijksdagen, Sjem, Cortes, parlementen of hoe de bijeenkomsten ook mogen heten. Ze werden vaak bijeengeroepen in tijden van crisis en transformatie. Dan wisten de afgevaardigden van burgers en zelfs boeren soms hun stempel op het bestuur te drukken. Maar bijna even vaak werden hervormingen teruggedraaid en waren het de vorsten en hun adellijke bondgenoten die aan het langste eind trokken.

Blockmans toont de rijke voorgeschiedenis van democratische bewegingen in Europa. Hij gaat van Polen naar Catalonië en van Zweden naar Italië. En hij beschrijft niet alleen de politieke wederwaardigheden, maar ook de geografische, economische en religieuze contexten. Die politieke veranderingen waren vaak de basis van verschuivende economische machtsverhoudingen. Zo betekende de groei van steden dat burgers financiële macht verwierven, die ze vervolgens konden gebruiken om politieke macht te krijgen. Zo konden ze voorwaarden verbinden aan hun loyaliteit – en belastingbetaling – aan de vorst. Zulke inzichten maken dit boek waardevol.

Oligarchie

De Italiaanse steden gingen voorop in de beweging. Maar de machtige republiek Venetië werd uiteindelijk een oligarchie, die het omringende land overheerste. De eerste sociaal-politieke revolutie vond plaats in Vlaanderen, schrijft Blockmans. De verenigde stedelingen wisten de edelen een vernietigende nederlaag toe te brengen in 1302, in de Guldensporenslag. (Misschien was dat voor de Vlaming Blockmans – die hoogleraar in Leiden was – best aardig om te noteren.)

Een paar eeuwen later beriepen de opstandelingen in de Nederlanden tegen het Habsburgse gezag zich op dit soort voorbeelden. Gezag dat niet meer doet waar het voor is, verdient geen erkenning. De Spanjaarden hadden de Nederlanden als een kolonie behandeld, schrijft Blockmans. Door zo te handelen, had de koning het contract met zijn onderdanen verbroken. Een nieuwe vorst werd niet gevonden en het huis van Oranje werd op afstand gehouden. Zo plaatst hij de Opstand in een historische ontwikkeling en presenteert hem niet als een ‘geboorte van de democratie’.

Deze stichting van de Republiek werd ook niet de voorbode van een golf van politieke participatie. In de zeventiende en achttiende eeuw werden in grote delen van Europa de vertegenwoordigende vergaderingen minder vaak gehouden of zelfs ontbonden. Ook economische oorzaken waren daarvoor van belang. De noodzakelijke voorwaarde voor politieke participatie, namelijk een forse verstedelijking, werd in veel gebieden niet gehaald. De Republiek der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk bleven over als de ‘kampioenen’ van deze participatie.

Populisten

Vanaf dat punt in het verleden waagt Blockmans de sprong naar het heden. Want zijn motief voor het schrijven van dit boek, zo valt daar uit af te leiden, is de huidige crisis van de democratie. Met veel cijfers en verwijzingen naar recente literatuur probeert hij aannemelijk dat die crisis er is. Hij wijst op de successen van populisten, het blijkbaar afnemende vertrouwen in democratie, en het verloren gaan van de civil society. ‘Nu dobbert dit zonder koers op de golven van het getwitter.’

Keiharde conclusies trekt hij niet uit die sombere opsomming. Wel zijn er minstens twee observaties te distilleren uit zijn opmerkingen: ten eerste dat een democratie met respect voor mensenrechten en minderheden een tamelijk zeldzaam verschijnsel is. Het idee dat de democratie zich na 1789, 1848, 1945 of 1989 wel over de wereld zou gaan verspreiden, bleek steeds een illusie.
Een tweede observatie is dat economische en culturele ontwikkelingen het nationale domein allang zijn overstegen, terwijl de politieke sfeer daarin is blijven hangen. Ook dat zegt wat over de vaak moeizame Europese samenwerking.

Blockmans schreef geen jubelverhaal over die unieke Europese democratische traditie, maar een realistische beschouwing, met duidelijk moderne accenten. We leren de middeleeuwen als zeer veranderlijk kennen, en doorgaande historische lijnen zien in de politieke cultuur, maar ook merkt Blockmans op dat medezeggenschap tot voor kort door mannen werd gedomineerd of zelfs gemonopoliseerd. Ook economische ongelijkheid komt aan bod. Er komt dus zeer veel ter sprake, en met zijn hoge informatiedichtheid en analytische aanpak is Medezeggenschap misschien geen page-turner geworden, maar wel een waardevol en verrassend actueel geschiedenisboek.

Addie Schulte studeerde geschiedenis en internationale betrekkingen aan de universiteiten van Amsterdam en Sussex. Hij is zelfstandig journalist en blogt op boekenstrijd.nl.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum