Recensie: Een teruggevonden herinnering

30 november 2015 , door Arjen van Meijgaard
| | |

Ondanks de stapels boeken die wekelijks verschijnen, blijkt er altijd nog een markt te zijn voor heruitgaven van grote schrijvers die al enige jaren geleden zijn overleden. Een handige marketingtruck of een eerlijke poging om boeken van schrijvers die zichzelf hebben bewezen niet te laten verdwijnen achter een haag van jonge auteurs met niet meer dan één of twee titels op hun naam? Zo was er in Frankrijk onlangs weer veel aandacht voor Françoise Sagan (1935-2004), de schrijfster van het onvergetelijke Bonjour Tristesse, zegt arjen van meijgaard.

Een terechte heruitgave dit najaar is die van haar dagboek Toxique dat zij in 1957 schreef nadat ze een auto-ongeluk heeft gehad en in een kliniek moest afkicken van de morfine 875 (palfium) waarmee ze drie maanden werd volgestopt. In 1964 werd het voor het eerst uitgegeven en nu ligt het dus weer in de boekwinkel. De aantekeningen werden treffend geïllustreerd door de Franse schilder Bernard Buffet (1928-1999) en bestaan uit mooie invallen en zelfbespiegelingen, bijvoorbeeld over haar schrijversschap. Sagan staat aan het begin van haar literaire carrière, maar weet dan al dat alleen de literatuur haar wezenlijk gelukkig kan maken:

'Mais il me semble que, désormais, mes seuls rapports heureux avec moi-même, en dors d'autres êtres et des quelques moments d'exaltation ou de bien-être physique que la nature procure, ne pourront être que litteraires.'

Zo zijn er nog een paar fundamentele gedachten, over de dood schrijft ze op de laatste pagina:

'Il y a autre chose qu'il me faut signaler sans doute si ce journal veut être complet. C'est que je me suis habituée peu à peu à l'idée de la mort comme à une idée plate, une solution comme une autre si cette maladie ne s'arrange pas. Cela m'effraye et me dégoûte mais c'est devenu une pensée quotidienne et que je pense être á même de mettre à exécution si jamais…' Een grote doodskop siert de bladzijde ernaast.'

Juist de combinatie van de tekst met de tekeningen maken het een sluitend geheel. Gedachten worden verbeeld en krijgen daardoor meer kracht. Het zijn bovendien niet alleen tekeningen die Buffet maakt, hij kruipt letterlijk in de tekst: een aantal woorden of zinnen wordt in zijn handschrift weergegeven, zoals de dagen van de week boven de fragmenten of de laatste zin van een bespiegeling. De grove en hoekige lijnen van Buffet zijn uitermate geschikt voor dit dagboek dat zich in een ziekenhuissfeer afspeelt, een harde omgeving waar men op zichzelf wordt teruggeworpen.

Sagan probeert zich bijvoorbeeld over te geven aan het lezen van Baudelaire en Appolinaire, maar kan zich niet concentreren. Buffet tekent er een tafel bij waarop naast een donkere bos bloemen een boek ligt in het licht van een schemerlamp. Maar de lamp verlicht de bladzijden niet, omdat het boek gesloten is. Verder tekent Buffet veel gezichten, grote trieste ogen en blote lichamen: het verslaafde lijf van Sagan en haar blik die alles observeert.

Het dagboek beslaat acht dagen waarin Sagan schrijft over de omgeving, de verpleegsters, haar angsten en over het dagboek zelf. Kan ze haar tijd niet beter besteden dan aan dit dagboek?

'Peut-être devrais-je consacrer mon activité littéraire à autre chose que se petit journal. Une nouvelle? Oui, qoui? Trente débuts se présentent, aucun fin. << L'homme étendu >> n´était pas mal et << Un soirée >>. Autrement...'

De woorden die de gedachten weergeven zouden evengoed uitgesproken kunnen zijn in plaats van opgeschreven door Sagan, tegen een onzichtbare luisteraar of tegen zichzelf. Het zijn flarden van monologen, de vragen zijn retorisch of beantwoordt ze zelf. Dat geldt natuurlijk vaak voor een dagboek, het papier is de aangesprokene, degene die de woorden moet aanhoren en ook nog moet vasthouden. En bovendien is een dagboek zelden bedoeld voor een groter publiek. De lezer krijgt stiekem een inkijkje in Sagans strijd tegen de verslaving en haar ideeën over het leven. 'Het schijnt dat het steeds moeilijker zal worden. Verschrikkelijk,' staat er bij een van de eerste dagen in de regelmatige letters van Buffet. En uiteindelijk vraagt ze zich af hoe ze over een jaar zal terugkijken op deze ontwenningsperiode. Het zal een slechte herinnering zijn. Maar gelukkig wel één die ruim vijftig jaar later weer is opgerakeld, zij het niet voor en door Sagan zelf.

Arjen van Meijgaard schrijft korte verhalen en bespreekt Nederlandse en Franse fictie, voor onder andere NBD/Biblion en derecensie-web.log.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum