Recensie: De extra ruimtelijke dimensie aan onze geschiedenis

30 november 2011 , door Bram Mellink
| | | | |

Volgens onze boekverkopers is De bosatlas van de geschiedenis een van de beste geschiedenisboeken van dit jaar. We hernemen daarom vandaag de recensie van Bram Mellink.

 

Wordt de geschiedenis al langere tijd geschreven, vandaag de dag wordt zij ook in kaart gebracht. Dit najaar verscheen de eerste Bosatlas van de geschiedenis van Nederland, die in de woorden van de uitgever aan 'onze vaderlandse geschiedenis een ruimtelijke dimensie’ geeft.
Bij de voorbereiding van de atlas zijn kosten noch moeite gespaard. Een team van meer dan dertig specialisten op het gebied van cultureel erfgoed, geschiedenis en cartografie heeft ruim drie jaar gewerkt aan de totstandkoming van de atlas en is daarbij geadviseerd door bijna vijftig vakspecialisten. Het resultaat mag er wezen: in een boekwerk met meer dan 1500 kaarten, verspreid over 560 pagina’s, wordt de Nederlandse geschiedenis van nul tot nu uitvoerig uit de doeken gedaan. Door bram mellink.

 

Complexiteit in een oogopslag

Wie de atlas uit de cassette haalt en er doorheen bladert, wordt getroffen door de grote verscheidenheid aan thema’s die in de veertien chronologisch geordende hoofdstukken aan de orde komen. Elk van deze hoofdstukken begint met een korte inleiding van de tijdsperiode, gevolgd door een tijdbalk. Vervolgens waaiert de atlas breed uit. Naast de voor de handliggende aandacht voor staatkundige ontwikkelingen en demografie, is veel moeite gedaan om culturele verschijnselen in kaart te brengen en te kwantificeren. Hier tonen zich de grote voordelen van kaarten en grafieken, die complexe historische ontwikkelingen waarover boeken zijn volgeschreven, vaak in een oogopslag zichtbaar maken.

Uit: Bosatlas van de geschiedenis van Nederland. Kaarten B. Verspreiding van de pest in Europa (1346-1351) en C. Misdrijven in Amsterdam
Deze kaarten worden niet besproken, maar tonen wel de diversiteit van het boek: de verspreiding van de pest in Europa naast misdrijven in Amsterdam.

Zo laat de kaart van religieuze instellingen in Amsterdam van 1578 tot 1813 zien dat katholieken meer religieuze instellingen bezaten dan enig andere geloofsgemeenschap in die tijd. Voor een stad die sinds 1578 als overwegend protestants bekend staat, is dat opvallend. Wie meent dat massa-immigratie een typisch verschijnsel van Nederland na de jaren zestig zou zijn komt eveneens bedrogen uit. Uit verschillende kaarten blijkt de enorme migratie naar Amsterdam in de zeventiende eeuw vanuit (voornamelijk) Frankrijk, het Duitse Rijk, Scandinavië en de Republiek zelf. Binnen een eeuw zou de stad hierdoor groeien van ongeveer 35.000 inwoners in 1575 tot 200.000 inwoners in 1675.

En ook de recente geschiedenis blijkt, in grafiekvorm, zijn onverwachte kanten te kennen. Wist u bijvoorbeeld dat de groei van het aantal onkerkelijken in Nederland tijdens de jaren 1920 sterker was dan in de jaren zestig, en dat het aantal katholieken en gereformeerden in de jaren zestig zelfs gelijk bleef?

Magere analyse

De kaarten en grafieken in de Bosatlas zetten ons gevestigde beeld van de Nederlandse geschiedenis verschillende malen op zijn kop. Toch heeft beeldende presentatie ook grenzen. Vergeleken met de kaarten en grafieken stelt de kwaliteit van de begeleidende tekst teleur. Het lijkt erop dat de redactie het belang van de duiding in deze teksten heeft onderschat, met een opvallende discrepantie tussen tekst en beeld tot gevolg.

 Zo vermeldt de atlas dat het aantal tienermoeders in de jaren vijftig beperkt was vanwege een strakke seksuele moraal, maar dat haar aantal wegens lossere zeden in de jaren zestig snel steeg. De opvallend snelle daling van het aantal tienerzwangerschappen omstreeks 1980, tot ver onder het niveau van de ‘brave’ jaren vijftig, blijft echter onbenoemd.

Als het om de secularisatie van Nederland gaat is het contrast tussen grafiek en tekst nog scherper. Geheel in lijn met het clichébeeld vermeldt de lopende tekst dat de ontkerkelijking in de jaren zestig een enorme vlucht nam, waardoor Nederland haar karakter als christelijke natie verloor. De onderstaande grafieken en diagrammen laten echter zien dat het aantal gelovigen in de jaren zestig nauwelijks daalde, en meer dan de helft van de Nederlanders zich in 2004 nog altijd tot een traditionele geloofsgemeenschap rekent. Natuurlijk zijn kerkgang en geloof niet hetzelfde, maar enige kanttekeningen waren hier wel op zijn plaats geweest.

Beide voorbeelden laten zien dat de Bosatlas meer in huis heeft dan de tekstredactie zich heeft gerealiseerd. De ambitie om de Nederlandse geschiedenis via kaarten en grafieken op een nieuwe manier te tonen slaagt vaak wonderwel, maar wordt in de duiding van het materiaal onvoldoende te gelde gemaakt. Rampzalig is dat echter niet. Wie de atlas doorbladert kan die conclusies vaak zelfstandig trekken, dankzij de aansprekende, toegankelijke wijze waarop complexe sociale en culturele processen zijn verbeeld. De overzichtelijke indeling en het zeer volledige register maken van de Bosatlas van de geschiedenis van Nederland bovendien een geslaagd en waardevol naslagwerk.

Bram Mellink is promovendus Nederlandse Geschiedenis, Universiteit van Amsterdam.

MINDBOOKSATH : athenaeum