Recensie: Overwinning op de geest in Russische sportverhalen

30 november 2015 , door Bert van den Assem
| | |

De vrijheid, hoe werkt dat thema door in de Russische literatuur? Kunnen die schrijvers wel omgaan met het vrije woord? Of hebben we toch altijd meer plezier aan die geknevelde Russische schrijver die zijn meesterwerk produceert onder druk van verbanning, doodstraf of 25 jaar strafkamp? Echt interessant is deze vraag nu Rusland zich heeft losgemaakt uit de eeuwenoude traditie, waar tsarenknoet en sovjetkogels bepaalden wat er zoal mocht worden geschreven.
Het is niet verwonderlijk dat de romantiek, de vlucht uit de dagelijkse realiteit, in de negentiende en twintigste eeuw een heersende rol speelt in de Russische letteren. Van oudsher bedienen Russische schrijvers zich van de typisch romantische middelen zoals historische thema's, sprookjes, sentimentaliteit, exotisme en kolderieke humor. Eens kijken of de perestrojka daarin verandering heeft gebracht, in de bundel 3-4, Zeven sportverhalen (uit Rusland). Door bert van den assem.

3-4 bevat verhalen uit de laatste 25 jaar Russische literatuur. Samensteller Oleg Zobern heeft het in zijn voorwoord wel over de bevrijding, maar hij doelt daarmee niet op het vrije woord. In deze bundel is die bevrijding niets anders dan de dood. De 3-4 uit de titel is namelijk de stand van de nog levende schrijvers tegen de dode. Bij de stand 0-7, zo redeneert Zobern, is er sprake van een volledige overwinning van het hart over de geest. Dat klinkt alvast als romantiek.

Wie dan ook denkt dat het vrije woord een vernieuwing heeft teweeggebracht in de Russische literatuur, moet in deze bundel goed zoeken om voorbeelden te vinden. Misschien is het verhaal Mijn eerste meisje van Roman Sentsjin wel zo'n voorbeeld. Een jonge man wordt gekweld door een ondraaglijke verliefdheid. Tot zijn eigen schrik gaat hij in op het voorstel van een Turkmeense klasgenoot om het meisje van zijn dromen eens een lesje te leren door middel van een groepsverkrachting.

'En een duistere, maar o zo dichtbije kracht liet mij antwoorden: "Ja, ik doe mee."
[...]
"Met hoeveel zijn jullie?"
"Drie. Jij bent nummer vier."'

Op de bewuste avond gaat het leven gewoon door terwijl de jongens op een stukje land hun slag slaan. Nummer vier houdt haar been vast. De tram rijdt langs, er klinken flarden muziek.

'Over het paadje liepen mensen luid pratend en lachend... Oksana kromp ineen, kreunde, haar been sidderde als een grote warme vis.'

Van zijn liefde is hij dan al helemaal genezen. Het verhaal kent een knappe conclusie, onthutsend in al zijn cynische eenvoud. Vernieuwend is hier in elk geval de nuchtere beschrijving van groepsverkrachting als medicijn voor een allesverlammende verliefdheid. Want in de modelstaat van de Sovjet-Unie kwamen verkrachtingen natuurlijk niet voor.

Anders zit het met Luizen van Aleksandr Sjarpov. Van oudsher zijn Russen dol op anekdotes. In deze lange verhalen wordt op bloedserieuze toon een absurditeit uitgewerkt, als een platgewalste mop. Als het onderwerp dan ook nog eens klein ongedierte is, krijgt het verhaal voor de Rus een onweerstaanbare lading. Hoewel de buitenlander bij zo'n traditionele Russische anekdote vaak grote moeite heeft de clou te vinden, is dat bij Luizen niet het geval. Gelukkig voor de Nederlandse lezer leiden de dialogen van de kleine beestjes wel tot een herkenbare ontknoping.

Ook traditioneel is De oude vrouw en de domme jongen van Anatoli Gavrilov. De jongen Mitja verkiest zijn bruidje, een verkoopster in het warenhuis, boven de lessen van zijn stramme lerares uit de titel. Als dat geen overwinning is van het hart op de geest…

Verder maken we in twee verschillende verhalen kennis met een geestesziek personage. Zulke patiënten komen vaak voor in de klassieke Russische literatuur, maar dan veel beter neergezet, bijvoorbeeld door Gogolj of Garsjin. Opmerkelijk van het verhaal Psychose is dat de ik-figuur zich volkomen verliest in scheld- en schuttingtaal, in blijmoedig plat-Rotterdams omgezet door vertaler Arie van der Ent. Misschien vernieuwend in het Nederland van 1966, maar vandaag de dag toch vooral een beetje lullig.

De samensteller Zobern lichtte er in zijn inleiding al een tipje van op, met zijn symboliek van hart en geest. Op enkele elementen na is dit werk een afspiegeling van de traditionele Russische romantiek. Effect van de grote veranderingen in de Russische samenleving is niet terug te vinden in de zeven sportverhalen, behalve misschien dat je tegenwoordig geen gezeik meer krijgt over die vieze woorden.

En wat die sport er nou mee te maken heeft?

Bert van den Assem is werkzaam als communicatieadviseur. Hij schreef boekrecensies voor de Haagse Courant en het AD.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum