Recensie: Pilgrim fathers in de Pontijnse moerassen

30 november 2015 , door Karlijn de Winter
| | |

In de jaren dertig legde het fascistische Italië in razend tempo een onbegaanbaar moerasgebied droog. Malariamuggen werden verdreven, steden als Littoria (tegenwoordig Latina) en Pontinia verrezen, en de landbouwgrond werd verdeeld onder uitgeperste pachtboeren uit Noordoost-Italië. Onder deze ‘kolonisten’ waren ook de ouders van Antonio Pennacchi (1950). De auteur schreef eerder al verschillende non-fictiewerken en artikelen over de fascinerende ontstaansgeschiedenis van dit gebied, en nu ook een roman: Het Mussolinikanaal, vertaald door Mieke Geuzebroek en Pietha de Voogd en bekroond met de Premio Strega 2010. Door karlijn de winter.

N.B. En nu is Het Mussolinikanaal ook nog, samen met Justin Cartwrights Andermans geld (zie de voorpublicatie), zomerboek 2011 bij Athenaeum Boekhandel. De boekverkopers van Athenaeum raden ze u dringend aan.

Het Amerika van Italië

Pioniers voelen de Peruzzi’s uit Het Mussolinikanaal zich, als ze zich in een van de de gloednieuwe boerderijen mogen vestigen en het eerste graan mogen zaaien op hun strak afgemeten kavel. Ze zijn net Pilgrim fathers, observeert de ik-verteller: vroeger emigreerde je naar Amerika, maar nu is de Agro Pontino (Pontijnse moerassen) de aangewezen plek om een nieuw leven te beginnen.

In de woorden van de auteur is Het Mussolinikanaal de roman waarvoor hij ter wereld is gekomen. Het is een verhaal van haast epische dimensies dat ruim twintig jaar Italiaanse geschiedenis bestrijkt: van de Eerste Wereldoorlog via de opkomst van het fascisme en het geloof in een nieuw Italiaans imperium tot de verwoestende afloop van de Tweede Wereldoorlog. De focus ligt steeds op de familie Peruzzi:

‘Wij waren […] boeren en leefden in vrede met God en de anderen. Werken en basta, blij met ons brood en ons werk. De dieren werden er steeds meer, de dochters trouwden en de zonen ook. Er werden nieuwe kinderen geboren en de familie breidde zich uit.’

Iedereen werkt op de velden. Voelen ze zich eerst nog aangetrokken tot het socialisme, gaandeweg transformeren ze zich tot rasechte fascisten. De een na de ander wordt opgeroepen voor een oorlog en trekt strijdlustig richting Oostenrijk, Ethiopië of Rusland. Wanneer ze weer terug naar huis keren wachten hen daar in de eerste vruchtbare jaren nog bergen salami en polenta, maar naarmate de Tweede Wereldoorlog vordert is er nauwelijks nog iets over. Het verhaal van de Peruzzi’s begon zo vol vertrouwen, maar aan het eind zijn ze – net als Italië zelf – heel wat illusies kwijtgeraakt.

Aan de lippen van de verteller

Die epische dimensies verkrijgt Het Mussolinikanaal niet alleen doordat het zoveel tijd bestrijkt, maar vooral ook door de wijze waarop het is verteld. De ik-verteller maakt je deelgenoot van het ontstaan ven een hele samenleving. In het oorspronkelijke Italiaans spreekt hij zelfs het dialect van de streek, een mix van de dialecten van het noordoosten van Italië en van de Agro Pontino, van het begin van de twintigste eeuw en van tegenwoordig. De vertalers hebben ervoor gekozen daar geen Nederlands dialect voor in de plaats te stellen, maar evengoed zijn ze erin geslaagd de plattelandse spreektrant prachtig over te brengen:

‘... het land [moest] worden afgewaterd en elke put, elke plas, elk moeras drooggelegd, en [er moesten] kanalen worden gegraven. […] Dat is nog eens andere koek dan die ecocide waar sommigen het over hebben. Die doen net alsof het moeras een ecosysteem was dat we koste wat het kost moesten beschermen. Ja dáág! We moesten zeker de muggen en de malaria beschermen.

Pardon, wat zegt u? Dat er dan ook geen buizerds en andere trekvogels meer komen? Donder toch op met die buizerds! Heeft een buizerd soms meer recht om te leven dan ik? Ik had u wel eens willen zien als u in onze plaats in de Pontijnse Moerassen woonde met die malaria. Waarom gaat u niet lekker thuis muggen fokken?’

Het is of je aan de lippen van een praatgrage oom hangt, die bij de avondschemering op het erf van de boerderij zijn familiegeschiedenis uit de doeken doet voor een hele schare luisteraars. Dat hij de lezer zo direct aanspreekt heeft iets kinderlijks, maar kweekt ook een gevoel van saamhorigheid.

Mussolini, Berlusconi en andere ‘teringlijers’

Ondanks de hechte, haast intieme band die de verteller opbouwt met de lezer, dringt hij zijn persoonlijke lotgevallen niet op, en dat verdient lof. Tot aan de allerlaatste pagina’s is zelfs zijn identiteit niet bekend. Wie is zijn vader, waar en wanneer is hij geboren? Hij vertelt niets over zichzelf, niet wat hij heeft meegemaakt of wat hij heeft gezien. Hij heeft het alleen over zijn familieleden, en geeft door wat hij van hen heeft horen zeggen. Het verhaal gaat over zijn opa en oma, ooms en tantes, buren en kennissen, en alle andere kolonisten van de Pontijnse moerassen; het is groter dan hemzelf.

De verteller schuwt daarbij ook niet parallellen te trekken met het Italië van nu: alsof hij wil benadrukken hoe universeel het verhaal is, en dat iedereen er herkenning in moet kunnen vinden. Zoals in het moment waarop Mussolini uit de gratie was geraakt:

‘Tot een jaar daarvoor riepen ze allemaal: “Du-ce, Du-ce, Du-ce, we gaan winnen!” Nu had iedereen altijd al een hekel aan hem gehad. Precies zoals met de socialisten in 1919-’21. Maar ook net als met de communisten en christendemocraten rond 1994. Over Craxi zullen we het maar niet hebben en binnenkort – let op mijn woorden – gaat het met Berlusconi net zo, en over honderd jaar met de teringlijers van dienst: “Wie, ik? Je dacht toch niet dat ik op zo’n teringlijer heb gestemd?”’

Dat belerende toontje gaat op een bepaald moment storen; soms zit te verteller de lezer té dicht op de huid. Hij hoeft niet alles te expliciteren, we blijven heus wel bij de les. Maar het is Pennacchi vergeven, zoals je die praatgrage oom zou vergeven als hij iets te veel doordramde. Want hij brengt het verleden dichtbij, met een warmte en een schwung die maar weinig vertellers gegeven is.

Karlijn de Winter studeerde communicatie- en informatiewetenschappen aan de VU te Amsterdam en Italiaanse taal en cultuur aan de Universiteit Utrecht. Op dit moment werkt ze als freelance tekstschrijver. Daarnaast is ze hoofdredacteur van Recensieweb.nl.

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum