Recensie: Identiteit als luxeprobleem?

30 november 2015 , door Pieter Hoexum
| | | | | | | |

Begin jaren tachtig al klaagde Gerrit Komrij steen en been over architectuur en stedenbouw in Nederland:

‘Je hebt [...] nergens een houvast. Loop je nu in Sappemeer of in Almere, in Amsterdam of in Buitenveldert? Geen idee, waar waren we gisteren ook alweer?
De verpurmerending van Nederland gaat traag, maar onstuitbaar voort.
Winkelpromenades, sierbestratingen, woonerven en Keulse minipotten.’

De verpurmerending is sindsdien inderdaad doorgegaan, zoals glashelder blijkt uit het fotoboek Nederland uit voorraad leverbaar van Hans van der Meer. Maar hoe erg is dat eigenlijk? Door (bekende Purmerender) pieter hoexum.

Uitstraling

Van der Meer fotografeerde winkelstraten en horeca in Nederlandse provinciesteden; Purmerend overigens niet. Hij deed dat zoals hij eerder het Nederlandse amateurvoetbal fotografeerde: niet de heroïsche of ‘mooie’ sport foto’s, meer de ‘achterkant’ van het voetbal, de onderste klassen. Dit boek toont de achterkant van de winkelstraten.

De foto’s van de winkelstraten worden afgewisseld met foto’s van interieurs van horecagelegenheden die je in die straten kunt vinden. Even vraag je je af wat ze eigenlijk met elkaar te maken hebben, totdat je je realiseert dat het bij beide gaat over inrichting. En zoals Van der Meer in een van de korte teksten die achterin het boek zijn opgenomen, uitlegt, gaat het bij inrichten niet om wie je bent maar wie of wat je wilt zijn.

Je zou kunnen zeggen dat dit boek gaat over authenticiteit, zoals Doorman dat zo fraai bespreekt in zijn boek Rousseau en ik. Van der Meer en Doorman constateren hetzelfde probleem, dat de laatste paradox noemt en de eerste een spagaat:

‘Uitstraling is een concept dat men bewust kiest en waarvan de bijbehorende rekwisieten via de groothandel worden besteld. Zo vinden wij in de catalogus stoepborden terug waarmee de bakker of slager zijn ambachtelijkheid wil uitstralen. Maar die borden kom je overal tegen en worden juist niet op een ambachtelijke manier gemaakt. Het illustreert de spagaat van deze tijd.’

Schok der herkenning

De schok van herkenning, dat is wat er in eerste instantie door je heen gaat als je het boek van Van der Meer doorbladert. Zoals je schrikt van je eigen stem op een antwoordapparaat: ben ik dat? Alleen schrik je nu niet van de ‘vreemdheid’, maar van de gewoonheid. Waarom daar nu een foto van gemaakt? Er is werkelijk niets bijzonders te zien op deze foto’s, normaal gesproken zou je dit geen blik waardig gunnen. Maar dat is natuurlijk de kracht van deze foto’s, van fotografie in het algemeen: ze maken niet iets onzichtbaar zichtbaar, maar iets dat je altijd over het hoofd ziet. Het is een confrontatie met de werkelijkheid.

De foto’s zijn net zo confronterend als de series exactitudes van Ari Versluis en Ellie Uyttenbroek. Ook daarin zie je alleen neutrale foto’s van mensen zoals je ze aan de lopende band op straat tegenkomt. Alleen nu allemaal bij elkaar gezet. Hele serie punkers, ‘alto’s’, ‘kakkers’, enzovoorts. Ik schrok toch wel even toen ik mezelf terug vond in de serie ‘Casual Queers’: manen in spijkerbroek-met-riem, geruit  overhemd erboven met bovenste knoopje open zodat je het witte t-shirt eronder ziet, met kort haar zonder snor of baard.

We menen allemaal individu te zijn, maar passen perfect in een stramien. Niemand wil zogenaamd passen in een hokje, iedereen verfoeit die hokjesgeest – maar we zitten er allemaal in. We ‘Kiezen voor de kudde’, zoals een recent boek heette dat hier over gaat en waarin de exactitudes een perfecte illustratie, om niet te zeggen: bewijsstuk vormden: in onze verbeelding zijn we individualisten, in werkelijkheid zijn we conformisten.

Komrij

Gerrit Komrij schreef zijn roemruchte ‘architectuurkritieken’ voor Vrij Nederland, in 1983 verscheen een bundeling, later herdrukt in 1991 (op internet te lezen en te raadplegen via dbnl); hij schreef daarin onder andere:

‘Er is niet veel ruimte in Nederland, maar voeg daarbij de haast panische angst voor ruimte van de bestuurders, ambtenaren, stedenbouwkundige ontwerpers, architecten en buurtwerkers […] Klein van binnen en kneuterig van buiten. De héle planning van wijken getuigt van die grijpstuivermentaliteit. Het is niet mooi en het is niet lelijk, het is niet glad en het is niet hard, het hangt niet aan de muur en het verdomt te tikken bovendien.’

De door Van der Meer gefotografeerde binnensteden zijn inderdaad niet lelijk en niet mooi, niet glad en niet hard, maar het hangt wel degelijk aan de muur en ze tikken verdomd regelmatig.

Want kijk nog eens goed naar de foto’s, kijk eens hoe opgeruimd het allemaal is, hoe netjes alles aan de kant is. De passanten op de foto’s maken eens een praatje, of ze zitten op een bankje... nee, het zijn geen plekken om de hemel te bestormen, maar ze werken wel. Echt blij wordt je er misschien niet van, maar heel verdrietig hoef je er gelukkig ook niet van te worden. Het is vooral typisch Nederlands. Nederland heeft geen Napels, geen verpletterende schoonheid. Maar het huisvuil wordt hier wel netjes opgeruimd en onze vuilverwerking werkt zo goed dat we de rotzooi uit Napels er nog wel bij kunnen hebben.

Komrij constateerde destijds een probleem dat tegenwoordig ‘gebrek aan identiteit’ genoemd wordt en misschien wel het meest besproken probleem is. Uit dit fotoboek blijkt echter niet zozeer een gebrek als wel een teveel aan identiteit: zoals alle foto’s van een serie exactitudes een subcultuur, een ‘mensensoort’ perfect in kaart brengen, zo brengt Van der Meer met deze foto’s Nederland haarscherp in beeld.

En dan nog, zelfs als de Nederlandse provinciesteden geen eigen karakter (meer) hebben, is dat dan zo erg? Is identiteit niet een luxeprobleem? Ik bedoel: als dat het enige probleem is, als alles voor de rest op rolletjes loopt, dan mag je toch wel spreken van een geslaagd land.

Pieter Hoexum is filosoof, publicist (voor o.a. Trouw) en huisman. Hij was boekverkoper bij Athenaeum Boekhandel. Zijn boek Gedenk te sterven. De dood en de filosofen verscheen in 2003, in 2012 verschijnt Reis door mijn rijtjeshuis. Kleine filosofie van het wonen. Hij heeft nu een website, pieterhoexum.wordpress.com.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum