Recensie: Waar schrijvers zich thuis voelen

30 november 2015 , door Nina Polak
| | | | |

Later vandaag in De Groene Amsterdammer, vandaag al op Athenaeum.nl: Nina Polak over de geschiedenis van uitgeverij Farrar, Straus Giroux: 'De journalist Boris Kachka schreef een geschiedenis van de illustere uitgeverij, en hoewel hij zichtbaar degelijk verslag probeert te doen van degelijk onderzoek voert het drama de boventoon in Hothouse: The Art of Survival and the Survival of Art at America’s Most Celebrated Publishing House. Dat maakt het een heerlijk én irritant boek.' Athenaeum Boekhandel en De Groene Amsterdammer werken samen, bijvoorbeeld in boekverkoop en een gezamenlijke bijlage.

‘Publishing needs a little drama’, zegt de Amerikaanse literair agent ­Andrew Wylie – bijgenaamd ‘de Jakhals’ – wanneer je hem vraagt naar de man die hem als aartsrivaal zag: wijlen Roger Straus, oprichter en ‘Zonne­koning’ van Farrar, Straus Giroux. De journalist Boris Kachka schreef een geschiedenis van de illustere uitgeverij, en hoewel hij zichtbaar degelijk verslag probeert te doen van degelijk onderzoek voert het drama de boventoon in Hothouse: The Art of Survival and the Survival of Art at America’s Most Celebrated Publishing House. Dat maakt het een heerlijk én irritant boek.

De geschiedenis van fsg centreert zich rond de wild temperamentvolle Roger Straus, het zwarte schaap van twee van de rijkste joodse families in Amerika, wiens koppige en dwarse visie de uitgeverij toonaangevend maakte in het naoorlogse culturele klimaat: een huis voor Nobelprijswinnaars, dissidenten en onmogelijke genieën (onder vele anderen T.S. Eliot, Isaac Singer, Flannery O’Connor, Philip Roth, Joseph Brodsky), die zich er zouden laven aan de heersende filosofie van onafhankelijkheid en de warme omgang met auteurs.

Straus, die met veel van zijn schrijvers hechte vriendschappen onderhield, was een atleet, een womanizer (‘He would simply turn to his female neighbor and declaim “Tell me the story of your life!”’) en een epische roddelaar, maar geen intellectueel. Voor de acquisitie van auteurs vertrouwde hij door de jaren heen op getalenteerde redacteuren, onder wie de oude rot Farrar en de bescheiden katholiek Bob Giroux, ‘de Golden Boy van het uitgeven’. De laatste haalde onder meer T.S. Eliot, Jean Stafford en Jack Kerouac binnen en bond zijn auteurs aan zich met uitzonderlijke toewijding en persoonlijke betrokkenheid. Alles onder het motto: ‘We prefer to publish a writer, rather than a publisher.’

Dit paste in de visie van Straus, die de uitgeverij voor zich zag als een plek waaraan schrijvers zich verbonden zouden voelen, in de eerste plaats persoonlijk, maar ook gemeenschappelijk. Hij wilde dat fsg iets zou vertegenwoordigen, een sensibiliteit, een tijdgeest. Dat gebeurde in de jaren zestig, toen auteurs als Tom Wolfe, Joan Didion en Susan Sontag tekenden bij fsg. Op totaal verschillende manieren probeerden zij in hun werk hun tijd te duiden. Ze smachtten, meent Kachka, naar ‘a unified theo­ry of themselves’, en deden hun uiterste best om iets nieuws te zeggen. Wat hen verenigde, achteraf gezien, is behalve hun uitgever ook vooral hun nieuwheid en vreemdheid.

Los van dit soort algemeenheden gaat Kachka amper in op de inhoud van het werk van de vele auteurs die hij noemt. Hij stelt zich op als chroniqueur van een bedrijf, niet als literair criticus. Dat is soms teleurstellend en voelt tegenstrijdig, omdat het fsg nu juist om inhoud te doen was en is. (De uitgeverij huisde tot kort geleden in een groezelig kantoor dat in niets de culturele waarde ervan weerspiegelde.) Maar dat wil niet zeggen dat er niet genoeg overblijft.

Kachka beschrijft in Hothouse met gevoel voor stijl de historische vergaderingen waar Roger Straus zijn beroemde vuilbekkerij liet klinken – zijn favoriete toost luidde Fuck the Peasants! –, de literaire soirees waar jonge Styrons en Roths leerden netwerken, en de in droge Martini gedrenkte tripjes naar Frankfurt en Stockholm. Een volledig hoofdstuk staaft de frustratie van Straus’ vrouw Dorothea, die aan de firma refereerde als ‘a sexual sewer’. Na werkuren werd er inderdaad gerommeld in de postkamer, schrijft Kachka, werknemers verlieten regelmatig hun vrouwen voor collega’s, en wat Roger Straus betreft: ‘Roger would fuck a snake if you held it down.’

De gedegen research van de auteur, die vijf jaar lang met heel de wereld sprak, beperkt zich overigens niet tot het societygebabbel waar hij een wat overdreven genoegen in schept. Kachka portretteert fsg nadrukkelijk – soms vrij technisch – als een uitgever van een bepaald slag (in zijn ogen onmiskenbaar het goede slag) en gaat uitgebreid in op de obstakels die het huis heeft moeten overwinnen om lang klein en onafhankelijk te blijven. De fsg-formule volgens Kachka: ‘First build relationships, then build buzz, then build the perfect book and then – if you’re lucky, the sales will follow.’ Het lijkt zo mooi, maar na de jaren tachtig, het era van agenten en veilingen (nu nog steeds aan de gang), werd het voor Straus moeilijker om aan zijn principes vast te houden.

Bij bijna iedere uitgeefpuzzel die Kachka beschrijft vanaf dat moment, of het nu een bied­oorlog was om een gevestigde auteur of de broodnodige aankoop van een minder goddelijke bestseller, stak hetzelfde probleem de kop op: geld en Straus’ tegenzin om het uit te geven. Meermalen verloor hij onderbetaald personeel en onderbetaalde auteurs die zich door agenten als Wylie lieten overhalen om te kiezen voor meer geld en grotere promotiebudgetten.

Zijn koppigheid kostte Straus ironisch genoeg zelfs een aantal van de vriendschappen die hij zo vitaal achtte voor zijn manier van uitgeven. Sontag bijvoorbeeld, jarenlang zijn hartsvriendin, werd onder zijn hoede weliswaar wereldberoemd, maar bleef straatarm en ging hem dat steeds kwalijker nemen.

fsg overleefde Straus en zijn drama’s en functioneert nog steeds als thuis voor een hedendaagse voorhoede (Franzen, Eugenides, Friedman), maar met de dood van de Zonnekoning en het aantreden van de veel koelere Jonathan Galassi lijken de hete tijden die Kachka smeuïg mythologiseert voorbij.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum