Recensie: Een kiem van een antwoord op René Gudes optimisme

30 november 2015 , door Miriam Rasch
| | | |

René Gude, Denker des Vaderlands, leeft al een jaar ‘in reservetijd’. Hoe gaat een filosoof om met de wetenschap dat hij binnen afzienbare tijd zal sterven? We leerden Gude eerder al kennen als iemand met een stoïcijnse opgewektheid die zeker in zijn conditie bewonderenswaardig is. In de gesprekken die Wim Brands met hem voerde en die zijn uitgebracht onder de titel Sterven is doodeenvoudig. Iedereen kan het zoeken zij naar de bredere significantie van die opgewektheid. Door miriam rasch.

Mensbeeld en wereldbeeld

Een wat cryptische tweet van Gude, die bij nader inzien perfect de kern van zijn opgewektheid vat. Aan de ene kant zijn er veel zaken om gedeprimeerd over te raken (neem alleen al het bestaan van kanker) zonder dat je er ook maar iets aan kunt veranderen, aan de andere kant houdt de mens het al duizenden jaren vol. De ene kant is die van jou, van mij, van Gude; de andere is het wijde perspectief van ‘de mensheid’. Wat voor mij persoonlijk een ramp is, hoeft van geen enkel belang te zijn voor het grote plaatje. Daarin zit troost voor Gude, die het bredere perspectief loslaat op zijn persoonlijke omstandigheid. Zo hoeft hij niet bang te zijn voor de dood, want: ‘Er is een leven na de dood, maar niet van degene die sterft.’ Een heel egalitaire opvatting, die ook spreekt uit de titel - Sterven is doodeenvoudig. Iedereen kan het.

Om het maatschappelijke perspectief verder te onderzoeken haalt Gude Steven Pinker aan, die in Ons betere ik betoogt dat de mens in de loop van de geschiedenis steeds minder gewelddadig wordt (ja, ook als je de Holocaust meetelt). Het is een argument voor wat Gude ‘een bemoedigend wereldbeeld’ noemt: de mens heeft enorm veel bereikt op gebied van gezondheid, recht en moraal en het is niet onrealistisch om die opgaande lijn tot in de toekomst door te trekken. Hierin klinkt ook zijn beïnvloeding door de Duitse filosoof Peter Sloterdijk door, die de mens ziet als een oefenend wezen – met andere woorden, een wezen dat door training zichzelf en de wereld een beetje beter kan maken.

Doorpraten graag

Het zal veel lezers verbazen, zulk optimisme in een jaar als 2014 dat toch van gewelddaad naar gewelddaad leek te bewegen, of je het nu hebt over Oekraïne, Syrië of het rassengeweld en de martelpraktijken in de VS. De VN bestempelde dit jaar tot ‘rampzalig’ voor het kinderwelzijn. Wat heb je dan aan de wetenschap dat het duizenden jaren geleden anders was? Was het toen echt erger (en hoe weet je dat dan?), of is het juist nu, in onze ‘beschaafde’ tijd, erger om medemensen te behandelen als grof vuil, ze te vermoorden, verkrachten en martelen, terwijl we beter zouden moeten weten? Brands stelt ook: ‘Dit is mij toch te optimistisch.’ Gudes antwoord bevredigt niet, hier wil je méér over weten, over dóór praten:

‘Er is een optimum gaande, een weliswaar niet perfect optimum […] En dan bedoel ik bijvoorbeeld dat je niet kunt zeggen dat de mensheid verrot en klote is, omdat er een oorlog in Syrië is. Je kunt ook niet zeggen dat de wereld naar de klote gaat als we Syrië niet tegenhouden, maar juist als je zegt dat het ongelooflijk onaangenaam is voor de Syriërs dat er zich daar zo’n toestand afspeelt die hoort bij de normale ontwikkeling van de wereld, die echter — gelukkig — er wel beter aan toe is dan in de zeventiende eeuw, zouden we dan niet, als we werkelijk beschaafd zijn, eens kunnen kijken of we de Syriërs niet werkelijk kunnen helpen?’

Het is maar een klein boekje en ik kon het gevoel niet van me afschudden dat het is uitgebracht met de gedachte ‘nu het nog kan’. Veel van de ideeën die Gude uitspreekt blijven een kiem. Van Brands weten we dat hij met de juiste vragen zo’n kiem tot bloei kan brengen, maar de antwoorden blijven kort en voor uitweiden lijkt te weinig plaats. Dat was bij het vorige gesprekkenboek Stand-up filosoof, waarin Wilma de Rek met Gude sprak, ook het geval. De tijd is beperkt, dat weten we. Ik hoop dat het doorgraven, de diepte in, er nog bij past. De wereld kan wel wat bemoediging gebruiken.

Miriam Rasch studeerde literatuurwetenschap en filosofie en werkt als redacteur en docent media/filosofie bij de Hogeschool van Amsterdam. Ze schrijft voor verschillende websites, zie www.miriamrasch.nl.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum