Recensie: Het afluisterschandaal schokt, ook in boekvorm

30 november 2015 , door Miriam Rasch
| | | | |

Glenn Greenwalds De afluisterstaat. Edward Snowden, de NSA en de Amerikaanse spionage- en afluisterdiensten (No Place to Hide, vertaald door Joris Vermeulen), is verschenen, bijna een jaar na de eerste onthulling van klokkenluider Edward Snowden. Bij The Guardian onthulde Greenwald op 6 juni 2013 dat telecombedrijf Verizon op geheim gerechtelijk bevel alle data in zijn bezit aan de Amerikaanse National Security Agency moet geven. Sindsdien werd in een uitgekiende publicatiestrategie telkens iets weggeven over het afluisterschandaal. De afluisterstaat is het indrukwekkende relaas ervan – dat meer belooft. Door miriam rasch.

8 juni 2013 schreef Greenwald dat uit topgeheime documenten blijkt dat de NSA van bijna alle grote technologiebedrijven – Microsoft, Apple, Google, Facebook, Skype – gigantische hoeveelheden data binnenkrijgt, opslaat en analyseert. De klokkenluider zelf, Edward Snowden, maakt zich een paar dagen daarna bekend. Een week na de eerste onthulling - niet eerder of later -, zodat het nieuws niet gekaapt zou worden door speculaties over zijn identiteit of juist door karaktermoord. Om de aandacht van het publiek vast te houden, werd het nieuws uitgesmeerd over de tijd, om de aandacht vast te houden.

Met De afluisterstaat wil Greenwald de onthullingen in een bredere context plaatsen en nadenken over de gevolgen en implicaties ervan, zoals hij in dit filmpje vertelt. De filmrechten op het boek zijn verkocht, wat Greenwald geen windeieren zal hebben gelegd, maar wat ook een manier is om een nieuw publiek aan te boren. Greenwalds mediastrategie, van juni 2013 tot nu, is deels gelukt, zou ik zeggen. De ophef was en is groot, maar ook weer niet algemeen gevoeld. We nemen wel kennis van de PRISM-powerpoints en gerechtelijke bevelen, maar gebeurt er ook iets? Noch in de politieke besluitvorming, noch in het gedrag van burgers lijkt er veel te veranderen. Of neem een ander voorbeeld: Facebook koopt WhatsApp en ook dan 'is de ophef groot', maar het collectieve geheugen kort. 

Alles verzamelen

En dat terwijl De afluisterstaat schokkend is om te lezen, zelfs als je de berichtgeving gedurende het afgelopen jaar gevolgd hebt. Om te beginnen met de kern van het boek, het hoofdstuk waarin Greenwald alle onthullingen tot nu toe én een aantal nieuwe op een rij zet, met facsimile's van de documenten erbij. Goed, we wisten al dat burgers onderworpen zijn aan een constante surveillance die makkelijker dan ooit gigantische proporties aan kan nemen. Door de techniek die we gebruiken in elk aspect van ons bestaan (je googelt alles, van routes tot ziektes, je privéleven zit in je mailaccount, je sociale leven staat op Facebook, je smartphone houdt bij waar je bent en wanneer, in het hart van ons huis staat de laptop altijd aan) is enerzijds veel informatie over mensen te verkrijgen die voorheen gewoon niet beschikbaar was; anderzijds kan door die techniek de informatie automatisch worden verzameld, opgeslagen en doorzocht.

De verbluffende slogan van de NSA luidt dan ook 'Collect it All' – Alles verzamelen. Greenwald schrijft:

Het doel van deze afluisterstaat is letterlijk, expliciet, als zodanig geformuleerd: het verzamelen, opslaan, inzien en analyseren van alle elektronische communicatie door en tussen alle mensen wereldwijd. De dienst heeft één allesoverheersende missie: alle, maar dan ook alle elektronische communicatie binnenhalen.

'Collect it All': dat mag je dus letterlijk opvatten. Maar dat is nog niet het verbluffendste. De orwelliaanse newspeak die eruit klinkt, gecombineerd met een kinderlijke opgetogenheid over al die technische speeltjes, en vooral ook de enorme knulligheid van de presentaties, intranetberichtjes, programmanamen (egotistical giraffe, boundless informant) doen je huiveren. Deze mensen hebben al zoveel gevoelig materiaal in handen, en daardoor zoveel macht over individuen, groepen en staten, maar uit alles spreekt maar één ding: nog meer machtshonger. 'Louter het feit dat de dienst die informatie kán verzamelen is voor hen reden genoeg om dat daadwerkelijk te doen.' Uiteraard, denk je dan. Het middel is het doel voorbijgestreefd: terrorisme bestrijden is het oogmerk van de Patriot Act, die aan de basis staat van de mega-uitbreiding van de NSA, maar of het aanslagen heeft voorkomen is maar de vraag. 

Spionnentrucs

Ik ga zo lang door op dat ene hoofdstuk met documenten, feiten en cijfers, omdat het daar immers om draait. Ik zou nog wel veel meer willen noemen, de bizarre hoeveelheden data (miljarden communicaties per dag), de rol van de Britse geheime dienst GCHQ, die even ver gaat als de NSA, de powerpoints met oude spionnentrucs die worden vertaald naar het digitale domein (iemand in diskrediet brengen door z'n Facebook te hacken en rare statusupdates te plaatsen) – nou goed, dat en nog veel meer.

Dat wil niet zeggen dat de rest van het boek niet ook de moeite waard is. Op de eerste plaats het relaas over Greenwalds contact met Snowden, dat leest als een thriller. Ook al weet je hoe het afloopt (het is natuurlijk nog niet afgelopen), het verhaal van Greenwald en documentairemaakster Laura Poitras die naar Hongkong reizen met de duizenden documenten op een USB-stick, en daar Snowden ontmoeten in de gangen van een chic hotel, is adembenemend. 

Lakei van de regering

Het duurt even voor Greenwald met Snowden in contact komt, omdat hij niet weet hoe hij encryptie op zijn mail moet zetten, maar vervolgens is de publicatie van de eerste artikelen een race tegen de klok. The Washington Post heeft een deel van het materiaal ook in handen gekregen en wil de scoop, zó graag dat ze een niet-geverifieerd stuk plaatsen. Greenwald is woedend. Daarmee kom ik op het laatste grote deel van dit boek, dat afsluit met een tirade tegen de gevestigde journalistiek in de Verenigde Staten. Al in het eerste hoofdstuk noemt Greenwald The Washington Post en The New York Times 'angstig' en 'kruiperig', maar aan het slot van De afluisterstaat gaat hij los, vooral tegen die laatste krant. The New York Times bleek al jaren informatie te hebben over telefoontaps van de NSA, maar zag 'op verzoek van' de regering af van publicatie. Het lijkt Greenwald haast even kwaad te maken als de onthullingen op zich. De Times is in zijn ogen een 'lakei van de regering' en de journalistiek in het algemeen 'neigt ernaar gezagsdragers […] stroop om de mond te smeren'. 

Greenwald werkt inmiddels niet meer voor The Guardian. Het is duidelijk dat Greenwald niet alleen hoopt dat het NSA-schandaal zorgt voor verregaande veranderingen in de surveillance-praktijken van overheden, maar ook voor een hervorming van 'de vierde macht', de journalistiek. De grootste onthullingen moeten nog komen, aldus Snowden en Greenwald. Een volgend stapje in de strategie, zo weten we inmiddels. Ik kan niet wachten tot de volgende onthulling. 6 juni 2014?

Miriam Rasch studeerde literatuurwetenschap en filosofie en werkt als redacteur en docent media/filosofie bij de Hogeschool van Amsterdam. Ze schrijft voor verschillende websites, zie www.miriamrasch.nl.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum