Recensie: Rothko tussen aanpassing en eigenwaarde, succes en oprechtheid

30 november 2015 , door Pieter Hoexum
| | | |

Telkens als ik weer in een nieuwe kunstenaarsbiografie begonnen ben, vraag ik me al snel af waarom ik dat eigenlijk doe... Het valt steevast tegen: het werk is meestal interessanter dan de maker. Annie Cohen-Solals biografie van de schilder Mark Rothko is zo’n aangename, verrijkende teleurstelling: over het werk kom je weinig te weten, maar Rothko blijkt menselijk-al-te-menselijk en dat maakt zijn levensgeschiedenis, ergens tussen aanpassing en eigenwaarde, succes en oprechtheid, des te interessanter. Mark Rothko vertelt een belangwekkend verhaal over identiteit en integratie en vooral over erkenning. Door pieter hoexum.

N.B. Van Dis en Annie Cohen-Solal signeren Ik kom terug en Mark Rothko 29 november vanaf 12.00 bij de Athenaeum Boekhandel, Spui 14-16.

Een Jood op Yale

De ‘genealogische rijkdom’, Rothko’s Joodse afkomst, speelt een hoofdrol in deze levensbeschrijving. Hij werd in 1903 geboren in een Lets dorpje geboren als vierde kind van een apotheker. Al gauw moest het gezin vluchten voor de golf van pogroms die dan door Rusland raast. Ze belanden uiteindelijk, berooid, in de Verenigde Staten. Daar lukt het moeizaam de materiële nood te ledigen, maar blijken er nog veel grotere mentale en sociale barrières te liggen.

Rothko werd weliswaar met een beurs toegelaten op Yale, maar ontdekte al snel dat het voor een Jood nog niet veel betekende te worden toegelaten, want geaccepteerd werd hij bepaald niet, sterker nog: hij bleek ongewenst. En dat zou hij zich zijn verdere leven in Amerika blijven voelen. Zijn hele leven stond in het teken van spanning tussen aanpassing en identiteit, waarbij oprechtheid en succes elkaar uit leken te sluiten.

Oprechtheid en succes

Cohen-Solal gaat dit vervolgens sociologisch uitpluizen, maar psychologisch is het toch minstens zo interessant. Toen Rothko eenmaal als kunstenaar toch erkenning kreeg en zelfs gevierd werd, kon of wilde hij op zijn beurt dat succes niet accepteren. Hij voelde zich er zeer ongemakkelijk bij. Een grote, eervolle en lucratieve opdracht voor het vervaardigen van een aantal grote schilderijen voor een restaurant, werd voor hem een enorme worsteling en liep uit op een drama: Rothko kon het idee dat zijn schilderijen zouden fungeren als een soort achtergrondmuziek niet verkroppen en zag zich genoodzaakt de opdracht (en het voorschot!) terug te geven.

Als het gaat om Rothko’s worsteling met zowel miskenning als erkenning, is een opmerking van de schilder Motherwell onthullend. Rothko was volgens Motherwell allergisch voor alles wat ook maar riekte naar luxe of weelde, dat was hem te ‘mondain’, en het was voor Rothko bijna een zonde om mondain te zijn. Als het hem slecht ging, zo merkte Motherwell op, dan had hij in Rothko een geweldige vriend, een echte steun en toeverlaat, maar als het hem goed ging juist niet. Dat gold blijkbaar ook voor de vriendschap van Rothko met zichzelf.

Sociologische studie

De aanleiding voor het lezen een kunstenaarsbiografie is voor mij altijd het werk van de hoofdpersoon. Zo luister ik graag naar, en speel ik met veel plezier, muziek van Bach, en dan wil je daar toch meer over weten. Tot ik bijvoorbeeld lees in de biografie van Chistiaan Wolff dat Bach een ‘geleerde musicus’ was... Gelukkig corrigeerde John Eliot Gardiner dat onlangs in een biografie: bij hem is Bach eerder een gepassioneerd muzikant. Ik was vooral blij bij Gardiner te kunnen  lezen over Bachs nare trekjes: Bach bleek een ruziezoeker. Volgens Gardiner moet een kunstenaar zelfs wel geïnspireerd zijn, maar hoeft dat niet per se te betekenen dat hij een inspirerende persoon is. Op de een of andere manier vond ik dat opbeurend en zelfs troostrijk.

Zou het niet verfrissend zijn nu eens een biografie te lezen waarin het onderwerp niet op een voetstuk wordt geplaatst, maar daar juist vanaf wordt gestoten... Een studie van een biograaf die geen verering of eerbied voelt voor zijn onderwerp – de biograaf als patholoog-anatoom.

Cohen-Solal is bepaald niet zo’n patholoog-anatoom, eerlijk gezegd is haar Rothko zelfs eerder een sociologische studie: ‘Dit boek is het derde deel van mijn driedelige onderzoek naar de geschiedenis van de sociale positie van de kunstenaar in de Verenigde Staten,’ zo schrijft ze in het achterin geplaatste ‘Dankwoord’ – dat had ik liever vooraf geweten. En in haar voorwoord blijkt dat ze haar onderwerp wel erg serieus neemt: Rothko is voor Cohen-Solal ‘een geleerde, een intellectueel, een pedagoog en vooral een “boodschapper” […] wiens spirituele betekenis vastligt in de onbetwistbare rijkdom van zijn genealogie’. Wat is er toch mis met schilderen, vraag je je dan toch enigszins wanhopig af, is dat niet genoeg?

De mens

Maar misschien valt over de schilderijen ook wel niet veel zinnigs over te zeggen en moet je ze eenvoudigweg bekijken, of in geval van Rothko: ervaren, of zelfs: ondergaan. Ondertussen moet ik toegeven dat dit boek een belangwekkend verhaal vertelt over identiteit en integratie en vooral over erkenning.

Het lijkt er lang op dat deze biografie een echte hagiografie is, waarin de hoofdpersoon heilig verklaard wordt. Maar eigenlijk toont de biografie juist hoe menselijk-al-te-menselijk ook Rothko was. Wellicht lees ik kunstenaarsbiografieën dus om de verkeerde redenen: je moet ze niet lezen uit artistieke interesse in bijvoorbeeld schilderkunst, maar ter verhoging van je mensenkennis. Je zou ook kunnen zeggen dat een goede biografie laat zien hoe groot de kloof is die gaapt tussen de onvolmaakte maker en zijn volmaakte ‘maaksel’. En dus ook hoe weinig je eigenlijk over de maker hoeft te weten om zijn werk te begrijpen en te waarderen... Als het goed is blijkt zo’n biografie even leerzaam als overbodig.

Pieter Hoexum is filosoof, publicist (voor o.a. Trouw) en huisman. Hij was boekverkoper bij Athenaeum Boekhandel. Zijn boek Gedenk te sterven. De dood en de filosofen kwam uit in 2003, onlangs verscheen zijn Kleine filosofie van het rijtjeshuis. Hij heeft ook een website: pieterhoexum.wordpress.com.

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum