Recensie: Vrijheid op Hiddensee

23 oktober 2014 , door Jerker Spits
| |

Voor zijn debuutroman Kruso ontving Lutz Seiler de Deutscher Buchpreis, een van de belangrijkste literaire prijzen van onze oosterburen. Kruso is een prachtige roman over vriendschap, eilandgevoel en Duitsland in de herfst van 1989, de herfst van de val van de Muur. ‘Op de sprookjes en mythes van het vasteland na wist Ed niet veel over het eiland: niet over zijn geografie en ook niet over de cycli van bewaking en controle door de grenscompagnie.’ Door jerker spits.

Vogelringers en grenssoldaten

Kruso speelt zich grotendeels af in een kroeg, hoog boven de zee op het eiland Hiddensee. Edgar Bendler, een student uit Oost-Berlijn, besluit te verdwijnen. Zijn medestudenten zullen hem niet missen, vermoedt hij. Aan zijn ouders stuurt hij een kaartje: hij maakt hen wijs dat hij in het Poolse Katowice is, bij de zogenaamde Internationale Studentenzomer - net als vorig jaar.

Hij reist naar Hiddensee, een eiland in de Oostzee op de grens met Denemarken. Het eiland bestaat uit enkele spartaans ingerichte gastenverblijven, en wordt vooral bevolkt door vogelringers en grenssoldaten. Op Hiddensee krijgt hij onderdak, eten en verdient 2,70 mark per uur als afwasser. Intussen komen op het eiland steeds meer mensen aan die het vasteland 'uitgespuugd heeft'. Net als deze 'schipbreukelingen' speelt Ed met de gedachte te vluchten uit de DDR.

De utopie van Kruso

Alexander Dimitrijewitsch Krusowitsch is de leider en de 'eilandfilosoof' van de schipbreukelingen. Een Einzelgänger en kluizenaar, een leider en een wonderdoener. Hij belooft elke schipbreukeling binnen drie nachten naar 'de wortels van de vrijheid' te leiden. Ed raakt in de ban van Kruso: 'Deze man was vreemd voor Ed en toch vertrouwd. En niet werkelijk vertrouwd -het was meer een vertrouwen, waarnaar hij verlangde.' Edgar Bendler zoekt de nabijheid van Kruso, zoals Vrijdag die van Robinson.

Eenzaamheid en eilandgevoel, mythes en wonderen op het Duitse platteland: het lijken bekende motieven in de laatste Welle van knap geschreven Duitse romans. Schreef Saša Stanišic met Vor dem Fest niet een vernieuwende roman over de mythes en geschiedenis van het Duitse platteland? En schreef Uwe Timm in de roman Vogelweide niet over een vogelwachter op een Duits Waddeneiland - een sfeertekening die doet denken aan het verblijf van Jan Wolkers op Rotterplaat?

Seiler verwerkt die motieven echter op een geheel eigen wijze: hij verbindt politieke thema's als grenzen, vrijheid en het verlangen naar een eigen persoonlijke ontwikkeling - ook op seksueel gebied - met een dromerige beschrijving van een eiland, waarin ook somberte en wanhoop doorklinkt. Die combinatie is bijzonder, en het is knap hoe daarbij de verschillende elementen - somberte en humor, het poëtische en het politieke - in evenwicht blijven.

Klein en onzichtbaar

Het eiland Hiddensee was in de DDR berucht. Het was het toevluchtsoord van veel mensen die het land wilden verlaten. De tocht over de Oostzee kon geluk en vrijheid brengen, maar ook de dood door verdrinking. In zijn nawoord vertelt Seiler over het onderzoek dat hij voor de roman heeft verricht. 174 burgers van de DDR vonden de dood, doordat zij over de Oostzee probeerden te vluchten. Toch is Kruso allesbehalve een realistische of politieke roman. Als lezer ga je op in een literaire werkelijkheid, waarin het om verbeelding en fantasie gaat, en de politieke geschiedenis toch voortdurend op de achtergrond aanwezig is.

Seiler schrijft precies en zintuiglijk. Of het nu om tastbare voorwerpen uit de DDR gaat (Klappfahrräder, Westbücher, Südfrüchte), of om het verlangen naar vrijheid van zijn personages. Sterk zijn ook de beschrijvingen van de personages: van de schuchtere Ed, van de geheimzinnige Kruso of gewoon van een meisje dat de was doet, de dochter van de kroegbaas Krombach:

‘Erst Tage später erfuhr Ed, dass Monika oder Mona, wie sie auch genannt wurde, Krombachs Tochter war. Ihr Duft begann im letzten Drittel des Korridors, am Ende des Gangs lag die Tür zu ihrer kleinen Wohnung. Innerhalb der Besatzung führte sie den Beinamen “kleine Unsichtbare”. Sie hatte die Stellung eines Zimmermädchens, kümmerte sich aber kaum um die Zimmer. Dafür wusch sie alles, was es zu waschen gab, und übertrug ihren guten Geruch auf Bettwäsche, Geschirrtücher und Tischdecken, weshalb man sie öfter in unmittelbarer Nähe wähnte.’

‘Pas dagen later vernam Ed, dat Monika of Mona, zoals ze ook werd genoemd, de dochter van Krombach was. Haar geur begon op het laatste derde van de corridor, aan het eind van de gang lag de deur van haar kleine woning. Onder de bemanning had ze de bijnaam “kleine onzichtbare”. Ze nam de positie van het kamermeisje in, maar zorgde nauwelijks voor de kamers. In plaats daarvan waste ze alles, wat er te wassen was, en bracht haar goede geur over op beddengoed, vaatdoeken en tafelkleden, waardoor je haar vaak in directe nabijheid waande.’

Een kleine onzichtbare, die je overal ruikt. Dat is beeldend, precies en mooi. Ook 'bemanning' is consequent: Ed vergelijkt de kroeg van Krombach met een schip.

Lof van de critici

Kruso zit vol verwijzingen, naar de Bijbel, naar beelden, metaforen en symbolen. Je zou een overzicht kunnen maken van alle tastbare voorwerpen uit de tijd van de DDR. Of van de verwijzingen naar de Bijbel. En is het toeval dat de duistere Kruso uitgerekend op bladzijde 66 optreedt? Voer voor germanisten, historici, Bijbelkenners — voor elke lezer die van het spel met betekenissen houdt.

Duitse critici zien Kruso als dé gebeurtenis in de literaire herfst. De 54-jarige Seiler, ook dichter, ontving de afgelopen jaren verschillende Duitse prijzen: de Ingeborg Bachmann-Preis, de Bremer Literaturpreis en de Fontanepreis. Hij is een schrijver die ook in Nederland meer bekendheid verdient - en hopelijk krijgt, als de vertaling van Kruso eind 2015 verschijnt bij Meridiaan. Met Kruso heeft hij zijn reputatie als romanschrijver gevestigd. De Deutsche Welle is ervan overtuigd: ‘Kruso zal van literair gewicht blijven, onafhankelijk van prijzen en kritieken.’

Jerker Spits is germanist. Hij promoveerde in 2008 op een proefschrift over de Duitstalige autobiografie en schreef over Duitse literatuur voor Trouw, De Gids en De Academische Boekengids.

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum