Recensie: Ze hoeven je alleen maar aan te kijken

30 november 2015 , door Jerker Spits
| | | |

Later vandaag in De Groene Amsterdammer, nu al te lezen op Athenaeum.nl: Jerker Spits over de heruitgave van Max Frisch' toneelstuk Andorra'Andorra is, zoals germanist Ewout van der Knaap in zijn nawoord schrijft, "een moderne klassieker" waarin Frisch discriminatie aan de kaak stelt en de schuldvraag stelt,' schrijft hij. 'Het gaat Frisch om een ogenschijnlijk vredige samenleving, die zich schuldig maakt door iemand niet tot de gemeenschap toe te laten en tot wanhoop te drijven. Het is een seculiere variatie op een bijbels thema: “Gij zult u geen gesneden beeld, noch enige gelijkenis maken.” Bij Frisch gaat het om het beeld dat wij van anderen hebben.'

 

In 1964 sprak Max Frisch (1911-1991) over zijn leermeester Bertolt Brecht. Hij noemde Brecht een ‘klassieker’, maar met een belangrijke kanttekening. Brecht had volgens hem ‘die durchschlagende Erfolg­losigkeit eines Klassikers’ bereikt, wat zoveel zeggen wil als: hij is zo canoniek geworden dat zijn werk ons niet meer verrast. Brecht was een genie, maar zijn stukken brachten het publiek niet langer in beweging.
Zeker na de dood van Brecht in 1956 stond Frisch in de schijnwerpers. De vraag was: wie neemt de plek van Brecht in als belangrijkste toneelschrijver in de Duitstalige wereld? Frisch wedijverde om die titel, samen met zijn landgenoot Fried­rich Dürrenmatt. Frisch had zijn eerste theaterstukken en zijn roman Stiller (1954) geschreven. Door zijn romans Homo Faber (1957) en Mein Name sei Gantenbein (1964) zou hij uitgroeien tot een van de naoorlogse reuzen van de Duitstalige literatuur. Dit jaar verscheen zijn Berliner Tagebuch, waarin hij openlijk schrijft over zijn alcoholisme, zijn katers en zijn ouderdom (‘Als bij een blik op de klok. Zo laat is het al?’).
Voor veel van zijn toneelstukken koos Frisch de vorm van de parabel. De toeschouwer moet eraan herinnerd worden dat de bühne een model toont en geen concrete werkelijkheid, ‘zoals eigenlijk altijd het geval is op het toneel’. Rollen moeten ‘typen’ blijven en als een uniform van dreigende typen zwart was, moest ‘iedere gedachte aan het uniform van de Duitse SS vermeden worden’.
Die parabelvorm vind je terug in Andorra. Het stuk illustreert hoe de identiteit van de jonge Andi bepaald wordt door de vooroordelen van anderen. Andi is de pleegzoon van de leraar Can. De eilandbewoners dichten hem negatieve, stereotiep joodse eigenschappen toe – hoewel hij helemaal geen jood is, maar een kind dat de leraar heeft verwekt bij een ‘senorita’ uit het land van de Zwarten. Als de Zwarten Andorra binnenvallen, wordt Andi vermoord. Zijn zelfbeeld is bepaald door de vooroordelen van anderen. ‘Ze hoeven je alleen maar aan te kijken en plotseling ben je wat ze van je zeggen.’
Het toneelstuk bestaat uit twaalf taferelen en eindigt met de moord op Andi. Tussendoor wordt de handeling onderbroken door inwoners van Andorra die terugblikkend hun onschuld betuigen. ‘Naderhand is het altijd erg gemakkelijk om te weten hoe je je had moeten gedragen’, zegt de dokter. ‘Maar we mogen niet vergeten dat het een overspannen tijd was.’
Van het toneelstuk is nu in de reeks Kritische Klassieken van uitgeverij Schokland een nieuwe uitgave verschenen. De vertaling is van Adriaan Morriën en verscheen voor het eerst in 1961. Andorra beleefde toen zijn Nederlandse première. Volgens Het Vrije Volk was Andorra ‘ongetwijfeld een van de merkwaardigste gebeurtenissen’ van het Holland Festival.
Dat Frisch de algemene vorm van een parabel koos en daarbij negatieve stereotypen over ‘het joodse’ gebruikte om discriminatie aan de orde te stellen, werd hem niet door iedereen in dank afgenomen. De Duitse criticus Friedrich Torberg stelde in 1971 dat het antisemitisme geen ‘willekeurig’ vooroordeel is. Frisch zelf wees op een uitvoering in Jeruzalem, waar ‘het optimum van vervreemding’ bereikt zou worden: ‘Een stuk dat over een jood gaat en waarin geen jood voorkomt, gespeeld door uitsluitend joden en voor joden.’ In 1965 ontving Frisch de Jerusalem Prize for the Freedom of Man – de jury prees hem voor zijn inzet voor de vrijheid. De Zwitser was de eerste die na de Tweede Wereldoorlog in Israël een toespraak hield in het Duits.
Ook de Nederlandse receptie in de jaren zestig was verdeeld. Voor Het Vrije Volk had Frisch ‘het patroon willen blootleggen dat aan alle vervolging van mensen door mensen ten grondslag ligt’. Uit de boekbespreking in het Nieuw Israelietisch Weekblad bleek echter hoe gevoelig het was dat een personage tot jood wordt gemaakt. Andorra was als toneelstuk ‘onvolkomen en onvolwaardig’.
Andorra is, zoals germanist Ewout van der Knaap in zijn nawoord schrijft, ‘een moderne klassieker’ waarin Frisch discriminatie aan de kaak stelt en de schuldvraag stelt. Het is talloze malen uitgevoerd en op veel Duitse scholen verplichte lesstof. Is het stuk van een ‘durch­schlagende Wirkungslosigkeit’ geworden?
Het gaat Frisch om een ogenschijnlijk vredige samenleving, die zich schuldig maakt door iemand niet tot de gemeenschap toe te laten en tot wanhoop te drijven. Het is een seculiere variatie op een bijbels thema: ‘Gij zult u geen gesneden beeld, noch enige gelijkenis maken.’ Bij Frisch gaat het om het beeld dat wij van anderen hebben – en het onbegrip en de uitsluiting die daardoor ontstaan. Dat thema is niet iets van de bühne, het ligt op straat. ‘Ik word gek van die beelden op het journaal, die onthoofdingen, die IS-strijders’, zei een vriendin laatst tegen me. ‘Ik liep in mijn eigen buurt, zag een oudere Marokkaanse man met een baard. Hij kwam me tegemoet, het was ’s ochtends vroeg. Hij keek me aan en wilde iets zeggen. Weet je wat hij zei? Hij zei: “Goedemorgen.”’
Volgens Frisch had het theater de functie om ons anders naar de wereld te laten kijken. Het is maar de vraag of dat anders kijken ook tot een andere werkelijkheid leidt. De Duitse criticus Marcel Reich-Ranicki formuleerde het dan ook anders: het theater mag dan niet in staat zijn de politiek te verbeteren, de politiek is wel in staat de dromen van het theater te verpesten.

 

(Athenaeum Boekhandel en De Groene Amsterdammer werken samen, bijvoorbeeld in boekverkoop.)

Delen op

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum