Recensie: Omvattende kritiek op onze 'vrije' wereld

25 november 2015 , door Miriam Rasch
| | |

De filosoof Byung-Chul Han, van Koreaanse komaf maar al jaren in Duitsland wonend, is een van velen die zich kritisch uitlaten over digitalisering en de neoliberale ideologie die het internet kapitaliseert. Tegelijk is hij een van de weinigen die dat doet in een diepgravende analyse die persoonlijk ongenoegen met de Facebookwereld ontstijgt en leidt tot een omvattende kritiek van de hedendaagse maatschappij. Een denker met één verhaal dat hij steeds weer herhaalt, als in een caleidoscoop, tot je ervan overtuigd bent: we leven in een digitaal panopticum en de bewakers zijn we zelf. Door miriam rasch.

N.B. Miriam Rasch sprak tipte Han ook in de Keldercast, via Hard//hoofd:

De pervertering van de vrijheid

In 2014 publiceerde Van Gennep al De vermoeide samenleving, de vertaling van drie essays waarmee Han internationaal doorbrak. Nu is er Psychopolitiek. Neoliberalisme en de nieuwe machtstechnieken, vertaald door Marion Hardoar en Hans Driessen, waarin hij zijn ontleding van de eenentwintigste-eeuwse condition humaine voortzet. In het kort: wij burgers denken dat we vrij zijn, terwijl die vrijheid feitelijk een systeem van controle is. Het is niet meer de staat of de kerk die ons onderdrukt en disciplineert, we zijn het zelf. En we dienen daarmee de (af)god van het geld, want alles draait in dit universum om meer winst, meer efficiëntie, meer méér. Psychopolitiek betekent dan ook dat het kapitaal (de enige echte politieke speler van het moment) doordringt in onze geest en die omvormt voor eigen gewin. Het beheersen van het lichaam - biopolitiek - lijkt in vergelijking daarmee even ouderwets als de typemachine. 

Dit mechanisme van de kapitalisering van de geest is er een die ook in de hevige discussie rondom het ‘rendementsdenken’ vaak wordt aangehaald, door denkers en opiniemakers als Ewald Engelen, Willem Schinkel en onlangs nog Hans Schnitzler. Het gaat om die pervertering van de vrijheid: eeuwenlang is de mens bezig geweest zich te bevrijden van dwang en onderdrukking, door kerk, staat en maatschappelijke normen. Om zich vervolgens te onderwerpen aan ‘innerlijke dwang en zelfdwang in de vorm van prestatie- en optimalisatiedwang’. De neoliberale newspeak hebben we succesvol geïnternaliseerd: ons leven is een onderneming die zo efficiënt en doelmatig mogelijk gerund wordt. Steeds weer prikt Han het dit model door. Gamification is geen hit omdat we het spel waarderen, maar omdat het output verhoogt. De collectieve obsessie met gezondheid gaat niet om gezondheid als inherente waarde, maar om kapitaalvermeerdering.

‘De neoliberale psychopolitiek bedenkt steeds geraffineerdere vormen van uitbuiting. Talrijke zelfmanagementworkshops, motivatieweekeinden, persoonlijkheidsseminars of mentale trainingen beloven een grenzeloze zelfoptimalisering en efficiëntieverhoging. Ze worden gestuurd door de neoliberale machtstechniek, die tot doel heeft niet alleen de arbeidstijd, maar de hele persoon, alle aandacht, ja het leven zelf uit te buiten. Ze ontdekt de mens en maakt deze zelf tot voorwerp van uitbuiting.’

Tegen het positieve

Technologische middelen zoals sociale media geven ons het idee dat we vrij zijn en in vrijheid aan zelfexpressie doen, terwijl we ons in feite vrijwillig overleveren aan verregaande controle door alles over onszelf maar online te gooien. We denken dat we in vrijheid kiezen voor een veeleisende baan (zelfontwikkeling!), voor een 24-uurseconomie (handig!) terwijl de bedrijven die illusie van vrijheid inzetten om het kapitalistische ‘meer meer meer’ voor zichzelf te realiseren. Optimalisering, motivatie, ondernemerschap: allemaal toverwoorden waarvan we nota bene zelf denken dat ze werken, ja werken, om betere mensen van ons te maken.

Han – een kleine man met een zachtmoedige blik en een paardenstaart – is een buitengemeen fel criticaster. Vooral Michel Foucault moet het ontgelden. Het machtsdenken van Foucault – in één woord: biopolitiek – volstaat niet meer om onze tijd te begrijpen, precies vanwege die geperverteerde vrijheid die in onszelf zit en niet in structuren of systemen van buitenaf. ‘Ben je ook ergens vóór?!’ vraag je je op zeker moment af. Maar dat is de verkeerde vraag. Immers, Han ageert steeds tegen het ‘meer, meer, meer’, de terreur van de positiviteit waarin voor het negatieve geen plaats is. Het negatieve als plaats voor stilte, onwetendheid, twijfel, doelloosheid, anders-zijn, waarover hij ook schreef in De vermoeide samenleving

Leve de idioot

Aan iemand die zijn werk wijdt aan een kritiek van het positivisme kun je natuurlijk niet vragen waarom hij overal tegen is. Het tegen-zijn is precies wat verdedigd moet worden, in de vorm van het onproductieve, onbruikbare, niet-noodzakelijke, niet-consumptieve en ontpsychologiserende: de woorden alleen al zijn negaties. Uiteindelijk betuigt hij zich toch nog ergens voorstander van, in het laatste van de dertien korte essays waaruit Psychopolitiek is opgebouwd. ‘Idiotisme’ is dat getiteld, en het is een lofzang op de idioot zoals we die kennen uit de roman van Dostojevski. Die noemt Han niet; hij leunt in zijn beschrijving van de idioot zwaar op Deleuze. ‘De idioot is geen subject,’ begint Han, nog altijd negatief, om dan af te sluiten met een prachtig, positief, citaat van Botho Strauss: ‘Eerder een bloemenbestaan: eenvoudige opening naar licht.’

Miriam Rasch studeerde literatuurwetenschap en filosofie en werkt als redacteur en docent media/filosofie bij de Hogeschool van Amsterdam. Ze schrijft voor verschillende websites, zie www.miriamrasch.nl.

MINDBOOKSATH : athenaeum