Leesfragment: Peachez, een romance

11 februari 2017 , door Ilja Leonard Pfeijffer
|

Op 14 februari verschijnt Peachez, een romance, de nieuwe roman van Ilja Leonard Pfeijffer. Lees bij ons alvast de eerste twee hoofdstukken!

Voor Peachez, een romance heeft Ilja Leonard Pfeijffer zich gebaseerd op een waargebeurd verhaal: dat van een professor in Amerika die verliefd wordt op een fotomodel dat hij surfend op het internet leert kennen en voor wie hij een alles overstijgende liefde gaat koesteren die zijn leven overhoophaalt. Uiteindelijk blijkt zijn liefde te zijn gegrond op een fantasie. Maar geldt dat niet in wezen voor alle liefdesrelaties?

Peachez behandelt het moderne fenomeen van catfishing en zo ook het eeuwige thema van de zoektocht naar geluk in de liefde, maar het is ook een filosofische roman die leest als een thriller.

N.B. Zie ook onze voorpublicatie uit La Superba, de roman waar Pfeijffer in 2014 de Libris Literatuurprijs voor won.

 

1

In het paars was zij mijn bruid. In het rood lag zij met hoorntjes als klimop over de bank. In het blauw zat zij altijd op bed als een foto, en ik heb haar nooit oprechter zien lachen dan in het geel, bijna oranje zo warm. Met een pet op was ze gevaarlijk en in haar groene jurk kon zij leunen tegen balustrades langs de rotsen van Amalfi met de blauwste zee op de achtergrond die ik ooit had gezien, en ze keek mij aan zoals zij dat alleen kon. In het zwart was zij bijna doorzichtig, in pantervel genaakbaar als een loerende prooi. In het wit was ze zomer en verdiende ze de duurste cocktails van de kaart. Met een rok aan sloeg ze wonden en in korte spijkerbroek kon ze staan als een tempel. Ze droeg nooit bruin, maar wel laarzen, mijn god, wat kon zij laarzen dragen, als kristal voor een orchidee. Ze kon lijken op elk sierlijk dier dat zij bedacht, de wind was blond waar zij was, en ik kon er geen genoeg van krijgen naar haar te kijken.

 

2

Hoewel het ernaar uitziet dat ik alle tijd heb, zal ik het kort houden. Wat mij is overkomen, mag bekend worden verondersteld als stof van de oudste verhalen. Het is wat zo goed als iedereen zegt te hebben meegemaakt, maar wat in werkelijkheid slechts voor weinigen is weggelegd. Ik zou opschrijven dat ook ik, in het herfsttij van mijn bestaan, de hoop had opgegeven dat het mij nog zou overkomen, als het geen leugen was dat ik die hoop ooit heb gekoesterd. Ik heb er altijd de voorkeur aan gegeven om mij te wijden aan mijn werk, mijn onderzoek en colleges, waaruit ik volmaakte voldoening putte. De oude teksten waren mij genoeg en ik verkeerde anders dan velen geenszins in de waan dat ik daaraan ook maar iets van waarde zou kunnen toevoegen met de banaliteit van een persoonlijke ervaring. Als het bestaan zich met al zijn ware en valse sentimenten volledig in het hoofd voltrekt, waarvan ik alleen maar meer overtuigd ben geraakt, lijkt het leerzamer om zich te verhouden tot de helder geformuleerde gedachten van de grote geesten uit het verleden dan zich uit een misplaatste drang naar empirie halsoverkop in het modderige domein van de werkelijkheid te storten. Hoewel wat ik heb meegemaakt deze theorie alleen maar lijkt te bevestigen, heb ik mij vergist. Ik heb de werkelijkheid onderschat. Want toen mij overkwam wat mij overkwam, was dat, ondanks de eeuwenoude bekendheid van het fenomeen en mijn uitvoerige studie van al zijn verschijningsvormen en effecten, nieuw als ontwaken op de jongste dag.
Ik heb de liefde van mijn leven ontmoet. Dat was het. Dat is eigenlijk het hele verhaal. En hoewel het voor mij persoonlijk zo uniek is als mijn eigen geboorte, ben ik mij er terdege van bewust dat het onzegbare geluk dat mij ten deel is gevallen al vele malen superieur is verwoord door de grote dichters, dat het van een overschatting van mijn stilistische vermogens zou getuigen om de pretentie te hebben daar iets aan te kunnen toevoegen en dat ik het beter bij deze kortst mogelijke samenvatting van mijn belevenissen kan laten, niet in de laatste plaats omdat zo goed als iedereen hetzelfde denkt te hebben meegemaakt of zich er althans een levendige voorstelling van kan maken. Hooguit de afloop van mijn verhaal is ongebruikelijk. De liefde heeft mij duizenden kilometers van huis gebracht, wat op zich niet bijzonder is, maar wel voor iemand met vliegangst. Om precies te zijn bevind ik mij nu in de Complejo Penitenciario Conurbano Bonaerense Norte, een gevangenis in Buenos Aires, waar ik in afwachting ben van mijn proces en zekere veroordeling. De advocaat die mij is toegewezen, heeft mij kort en bondig uiteengezet dat de Argentijnse wet geen ruimte laat voor iets anders dan zeer langdurige hechtenis. Het zij zo. Ik besef dat ik schuldig ben. En als het mijn lot zal zijn om achter de tralies te sterven, hetgeen gezien de verwachte duur van de straf in combinatie met mijn leeftijd niet valt uit te sluiten, dan kan ik daarin berusten omdat ik tenminste heb geleefd en liefgehad en omdat ik, na de liefde te hebben gekend, van het leven niets meer verwacht.
Evenmin als ik de illusie koester dat mijn verhaal het vertellen waard is, is het mijn bedoeling om mijzelf vrij te pleiten door het desondanks te vertellen. De enige reden waarom ik de mij toegewezen advocaat, die verder ook weinig meer voor mij kan doen, heb gevraagd om mij een pen en een ongelinieerd notitieboek te laten bezorgen en waarom ik het voornemen heb om in een kort bestek maar met zo groot mogelijke precisie op te schrijven wat mij is overkomen, is dat ik elke mogelijke indruk wil wegnemen dat haar iets valt te verwijten. Haar treft geen blaam. Zoals zal blijken uit mijn nauwkeurige reconstructie van de gebeurtenissen, is zij onschuldig.

 

Copyright © 2017 Ilja Leonard Pfeijffer

Gerelateerde boeken

MINDBOOKSATH : athenaeum